Klassieker: Citroën CX

Auteur: , 56 Reacties

Dus je bouwt al twintig jaar de Citroën DS, een immens succesvolle auto die de wereld verbaasde met haar schoonheid en talrijke innovaties. En dan komt het moment dat je die mijlpaal van een auto moet vervangen door een nieuw model. Een hele opgave...

In 1974 gaf Citroën de wereld de CX, genoemd naar de luchtweerstandscoëfficient (in het Frans afgekort met ‘cX’) die bij dit model extreem laag was. Over de oorsprong van het CX-ontwerp is veel gezegd en geschreven, aangezien Pininfarina in 1967 al werkte aan een auto met precies dezelfde lijnen. Uiteindelijk wordt Citroëns eigen Robert Opron erkend als ontwerper van de CX.

Citroën CX

Eigen ontwerp of niet, de ontwikkeling van de CX kostte zoveel geld dat Citroën failliet ging in hetzelfde jaar dat de auto geïntroduceerd werd. Peugeot/PSA nam het merk over en had vanaf dat moment de touwtjes in handen, waardoor de CX ook wel gezien wordt als de laatste èchte Citroën.

Citroën CX GTi

De excentriciteit die daarmee gepaard gaat is dan ook overduidelijk aanwezig in de CX. De auto kent uiteraard het hydropneumatische veersysteem waar Citroën beroemd om is, maar bijvoorbeeld ook de snelheidsafhankelijke stuurbekrachtiging DIRAVI en een unieke layout van het dashboard. Zo heeft de CX geen hendels aan de stuurkolom, maar zogenaamde satellieten met knoppen die je kunt bedienen zonder je handen van het stuur te nemen. De DS was erg populair als chauffeursauto, maar de CX werd hiervoor niet ruim genoeg bevonden. Al snel kwam er daarom een ‘Prestige’-versie met een 25 cm langere wielbasis op basis van de CX Break. Dit was hiermee meteen de ruimste sedan ter wereld.

Citroën CX - Foto: Julian Turner

De CX was in eerste instantie leverbaar met 2,0-liter motor in combinatie met een handbak of een semi-automaat (C-Matic, schakelen zonder koppeling); later volgden grotere motoren, ook diesels.

De auto werd goed ontvangen en werd in 1975 zelfs Europese Auto van het Jaar. Waar de DS echter jarenlang goed verkocht en haar hoogtepunt pas na tien jaar bereikte, zakten de verkopen van de CX redelijk snel in. Aan het begin van de jaren ’80 boden de meeste concurrenten een zescilindermotor aan, iets wat in de CX simpelweg niet kon omdat er tijdens het ontwerpproces enkel rekening gehouden was met een dwarsgeplaatste viercilinder. Daarbij heeft de auto, ondanks verfijningen met ieder modeljaar, nooit de reputatie verloren dat hij erg duur in onderhoud zou zijn.

Citroën CX - Foto: chuckbiscuito

In 1981 onderging de CX talloze verbeteringen, zoals een veel effectievere antiroestbehandeling af-fabriek en een volledig automatische transmissie die de C-Matic verving. In 1985 zag de ‘série 2’ het daglicht, direct herkenbaar aan de plastic bumpers en het conventionele dashboard, waarmee de auto er moderner uitzag maar ook een flinke dosis karakter verloor. In deze vorm zette de CX zichzelf op de kaart als de snelste dieselauto ter wereld: de CX 25 DTR Turbo 2 haalde in 1987 een topsnelheid van 195 km/h, in die tijd ongekend.

Citroën CX - Foto: heinrock

De opvolger van de CX, de modern gelijnde XM, verscheen ten tonele in 1989. De CX Breaks werden nog doorgeproduceerd tot 1991, toen ook zij werden vervangen. Al zal het nooit een stijlicoon als de DS worden, de CX werd eigenlijk een instant-klassieker en kent een grote schare liefhebbers. Zeker de latere séries 1 en de séries 2 zijn uitstekende auto’s die, mits bijgehouden, zonder problemen als dagelijks vervoer ingezet kunnen worden. In totaal werden er maar liefst 1,2 miljoen exemplaren van de CX verkocht.

Citroën CX Prestige - Foto: Jim Appelmelk
Citroën CX Prestige - Foto: Jim Appelmelk

(bronnen: wikipedia, citroenz; flickr/_sid_, flickr/heinrock, flickr/julianturner, flickr/chuckbiscuito)