Volvo 740, youngtimer in beeld
Gepost op 13-04-2012 om 16:00 door Alwood - 67 Reacties »
De fuk. Wat moet een oninteressant grijs familiehok op Autoblog? Nou: na de wilde toendra-cross, sneeuwracen, journalisten dollen en een Yamaha R1 eruit trekken werd het tijd voor een speciaaltje over de Volvo der Volvo’s.
Boxy but good. Zo vierkant als je een auto kan krijgen, de station in het bijzonder. Ondanks dat dit sterk afwijkt van de ‘moderne’ auto wordt de Volvo maar zelden op leeftijd geschat. De eerste exemplaren (760 sedan) naderen inmiddels de 30 jaar maar men beschouwt de auto’s nog vaak als *kuch* hondenhokken van een jaar of 15. Tijdloos? Wellicht, in ieder geval tonen ze nieuwer dan ‘klassiek’.
De blauwdrukken voor de Volvo 740 stammen uit 1982. Toen was het nog de Volvo ’760′, enkel leverbaar als sedan en in basis luxueuzer. Het model ’740′ introduceert Volvo in 1985. Er wordt een station aan het assortiment toegevoegd en de instapper krijgt een veel vriendelijker prijs (20k ipv 30k hfl.). Niet langer is de V6 de basismotor, viercilinders al dan niet met turbo, krijgen een plek onder de lange vierkante motorkap. Viercilinders beter bekend als Volvo’s redblock.
Zonder redblock was de Volvo 740 nooit dezelfde auto geweest. Het blok werd eerder geïntroduceerd in de Volvo 240 als 2.1 liter. In de Volvo 740 volgen vele updates en krijgt de motor een inhoud van desgewenst 2.0 of 2.3 liter. Er zijn turbo-versies en zelfs 16-kleppers. De motor heeft een uniek karakter en is in basis echt onverslijtbaar.
Degelijkheid is wat de Volvo 740 definieert. Het komt in ieder hoekje van de auto terug, en dat zijn er een hoop. Stevig staal voor carrosserie en chassis, een motorblok dat probleemloos miljoenen kilometers draait (mits onderhouden) en in het algemeen ‘fool proof’ techniek. Het geeft de auto een karakter van weinig verfijning maar wel een goed en logisch functioneren. Rustig op de weg maar als je wil kan je helemaal los en is het je aan het eind van de dag weer vergeven. Op de limiet voelt het of de hele auto uit elkaar dreigt te vallen, het tegendeel is waar. Op de limiet in een bocht lijk je op 2 wielen te rijden (overhellen!), de auto verliest amper grip.

Het ‘onverslijtbare’ heeft al vele geïnspireerd tot onwerkelijke tuning. Met een boormachine vergroot je eenvoudig het negatief camber op de voorwielen. Een paar centimeter omlaag elimineert veel hellen. Een willekeurige 2.3 viercilinder til je met gemak op naar 150pk, de turbo gaat al snel richting en over 200pk. Bouw je zelf een motor dan kan je nog veel verder gaan. De starre achteras blijft meestal wel heel, de versnellingsbak heeft boven de 250pk enkele aanpassingen nodig.
Leuk natuurlijk, dat tunen, daar heb je ‘op zoek’ naar een 740 niks aan. Bovendien heeft de auto absoluut zwakke punten. Nieuwe eigenaren raken nog wel eens teleurgesteld als blijkt dat de blokkendoos toch stuk kan. Om te beginnen: roest. Volvo’s roesten, alleen langer. Pas vanaf 1986 zijn alle Volvo’s verzinkt. Vroege (’82-’85) exemplaren kunnen meer dan eens in verre staat van ontbinding verkeren. Extra zwakke plekken: voetenbak voor en de ‘reservewielbak’ bij sedans. De voorste chassisbalken lijden ook nog wel eens. Stations hebben nog wel eens een ‘slechte’ achterklep omdat deze in aluminium uitgevoerd is en dit niet altijd goed is geïsoleerd van de stalen schroeven en handvat. Verder mankeert er bij heel veel 740′s tegenwoordig iets aan de motor of afstelling door geknoei bij reparaties over de jaren. Het totaal niet uitvoeren van reparaties houdt een 740 lang vol, na 20 jaar geeft het onvermijdelijk problemen.

Modellen om naar uit te kijken? Ondanks de huidige belastingregels koop je het liefst een bouwjaar 1986-1989. Dit zijn de laatste 740′s met ‘klassieke’ neus met de grootste vierkante koplampen. Heel sterk gemaakt, een beetje rauw. Te koop voor een habbekrats en met een gewicht tussen de 1200kg en 1400kg valt de belasting mee. In deze bouwjaren is de carrosserie het sterkst en zijn de prettigste motoren geleverd.
Om te beginnen zijn er twee motoren om naar uit te kijken: de B230F en B230FT. De lage compressie atmosferische viercilinder (115pk) en lage druk turbo motor (155pk). Let dus op de “F”, deze heeft het vriendelijkste brandstof injectiesysteem en aanpassingen voor meer power zijn eenvoudig. Alle 8-kleps viercilinders zijn makkelijk en goedkoop in onderhoud. De enige pech die je kan hebben is een ‘verplichte’ onderhoud-inhaalslag.

Een “R” had Volvo in de jaren ’80 nog niet. Er is ook amper geracet met de 740. Hoge-prestatie modellen en wilde spoiler pakketten waren er eind jaren ’80 wel. De de meest ‘high-tech’ blokken toen: een 2.3 16V of 2.0 16V Turbo. In basis nog steeds dezelfde viercilinder maar nu voorzien van een cilinderkop designed by Porsche en balansassen aan weerszijden van het blok. Daar achter een versterkte 4+OD handbak of 4-traps automaat (eigenlijk 3+OD). Vermogens: 159pk voor de 2.3 (0-100: ~9s), tot 200pk voor de 2.0T (0-100: ~8,5s). Vooral vanaf 4000 toeren wordt het karakter van de 16V duidelijk, waar de 8V’s afsterven pakt deze juist op. Een kleine aanmerking hierbij: er bestaat ook nog een “Turbo +” 2.3 8V. Deze af fabriek lage druk turbo’s (150pk) kregen van de dealer een boost naar 180pk. De enige echte onderstel aanpassing beschikbaar: een stabilisatorstang achter. Aanwezigheid is makkelijk te controleren door achter onder de auto te kijken, de stang zie je snel zitten. Optioneel hadden sommige 740′s ook een sper- of zelfs limited slip differentieel, tegenwoordig een gewild onderdeel.

Op een paar carrosseriedelen na zijn de onderdelen van de Volvo’s 740 nog steeds uitwisselbaar met die van de 940 (geleverd tot 1998). Technisch een vrijwel identieke auto. Tevens een van de beste ‘verhuizers’ ooit dankzij de vierkante vormgeving maar ook de reusachtige achterklep. Een auto die het praktische voorrang geeft en daar zo ver in gaat dat het hem werkelijk uniek maakt.








Volgens mij werd het leeuwendeel later verkocht met de MAN/VW? 6-in lijn onder de kap.
Dingen deden het ook heel goedin de taxi branche, waar ze een uitstekend alternatief voor de heersende Benz klasse waren.
Die 6-lijn diesels kwamen inderdaad van VW af. Heerlijke sound heeft die diesel wanneer deze op toeren draait.
De nog latere 5 cilinder, wel Volvo, de D5 ligt bij mijn ouders in de V70. Heerlijke motor is dat. Niet super snel maar altijd sterk en een heerlijke soundtrack.
Motoren die ook héél veel km kunnen maken maar vooral bij koud starten (en rijden) altijd veel gevoeliger zijn dan de benzine motoren.
Sluit ik me bij aan, heb ik een aantal maanden in gereden. Auto’tje van m’n oma gekregen, 30.000 op de klok, was al 25 jaar oud, alleen toen heb ik hem een keer uitgeleend en toen heeft de auto een ritje over de dijk niet overleefd.. Helaas, was een automaat en dat ding ging als een trein!
+ 2 :)
Ieder petrolhead houdt van auto’s van groot tot klein
Prima auto, mocht je echt auto voor je geld willen en geef je er niet zo om, dat die zuipt als een malle (1 op 8 rijdt de turbo) dan is het absoluut het over wegen waard. Een dikke dame geeft je tenslotte ook te eten :)
Voor de rest kun je veel zelf repareren omdat de techniek relatief makkelijk is en je overal super makkelijk bij kunt. De prijs van deze 740´s zijn in ieder geval niet duur voor rond de 1000 euro heb je een goeie. Ga je voor een wegenbelasting vrije dan moet je dieper in de buidel tasten.
Het leuke is wel dat 740 rijders gewoon naar elkaar zwaaien.
en die bakken werden ook echt serieus gebruikt, boerenerf –> veel zaken vervoeren, trekken, honden, familie, vakantieritjes, filerijden, etc.
http://www.autoblog.nl/oldtimers-belastingvrij-dit-zijn-de-spelregels
Klein detail. De b230ft is tussen 86-89 niet in low of high pressure turbo geleverd, pas vanaf de jaren daarna. (LPT – 135 pk, HPT – 165 pk, iedentieke blokken en de sterkste die ze hebben gemaakt met dikkere zuigerstangen, zonder open te maken is 300 pk haalbaar)
Klinkt goed! Als je klaar bent mag je altijd wat foto’s op autojunk knallen!
Daarnaast waren er wel degelijk upgrades beschikbaar voor het weggedrag: ‘stays’ aan de voorzijde, verlagingsveren en bijbehorende dempers.
img src=”http://i478.photobucket.com/albums/rr148/v0lv0freak/Volvo%20760TURBO%20intercooler/100_3689.jpg” width=”450″ /
Mag ik weten wat het verschil is?
Het LSD is altijd een (dure) optie geweest en beperkt onder alle omstandigheden (en snelheden) de snelheidsverschillen tussen de wielen. Deze werkt met een plaatkoppeling in plaats van mechanische vergrendeling. Deze wil je vooral hebben om bv. te driften ;)
Mooie bak, mooie bak. Goeie stuk, zeg. Props daarvoor :)
http://youtu.be/SAfd7_xX-bw
http://s128.photobucket.com/albums/p161/DimitriSMT/?action=view¤t=24082010294.jpg
Als eigenaar van een 944 (@ de minder Volvo-minnende-medemens; die laatste 4 staat voor vier deuren en is de gebruikte aanduiding voor Volvo sedans) met 2.3 16V gekoppeld aan een automatische versnellingsbak kan ik je verhaal feitelijk geheel beamen, ondanks dat je stuk vooral om de 700 serie draait.
Mijn 940 heeft ruim vier ton gelopen zonder grote technische storingen. Nadat het achterstalling onderhoud was ingehaald heeft mijn Volvo me in dik zeven jaar nooit problemen bezorgd.
Dikke paintskillz! Dat plaatje met die vliegende 740 is ook wel nice trouwens!
http://www.autoblog.nl/archive/2011/04/25/volvo-780-youngtimer-in-beeld
Sper-dif en LSD is hetzelfde.
Leuk artikel over een leuke auto verder!
Ben zelf een B230FT op aan het bouwen (’96, dus zuigerkoeling en dikkere drijfstangen) voor in mijn Volvo 244 ’76. Alles erop en eraan (grotere intercooler, nokkenas, wasted spark ontsteking, chips, grotere turbo etc etc.). Schatting is nu ong. 280pk. met M90 bak. Als alles goed en wel loopt, stap ik over naar 16V, voor +400 pk’s. Me gusta!
De 740GL, sedan, bouwjaar 1986, was mijn eerste Volvo. Reed op LPG. Als occasion gekocht met 115.000 km op de teller in 1991. Heeft me fantastisch en werkelijk probleemloos gediend. Reed er vaak mee naar München, Hamburg en Berlijn. 150 à 160 op de teller waren standaard. Bij 563.000 km ingeruild op andere 740GL op LPG, bouwjaar 1990. Deze werd helaas bij kmstand 399.997 total loss gereden.
Korte tijd een 245 diesel gereden, maar dat was niet echt mijn auto. Deze ingeruild op een Saab 9000cse op LPG. Heerlijke rijdersauto, MAAR!: Hoe rijk moet je zijn om zo’n auto te kunnen rijden? Gewoon vreselijk, die kosten!
Na ongeveer 1 jaar ingeruild op een 945GL automaat op LPG. Heerlijke auto!
Maar toen vond ik een 960 2.5 handgeschakeld in Stockholm-uitvoering op LPG, exact in de kleur en uitvoering, zoals ik er altijd al van gedroomd had en ik was verkocht! Heerlijke 6-cylinder! Zalig reizen!
Maar helaas! Ik moet hem verkopen, omdat ik binnenkort mijn baan verlies. Met bloedend hart! Staat op GasPedaal.nl Maar Volvo’s met RWD? Iets geweldigs!