Gespot: Alweer klassiekers?!?

Auteur: , 38 Reacties

Na een chronisch tekort aan klassiekers op de woensdag hebben we wat in te halen, wat de afgelopen weken al een beetje te zien was. DB2’tje hier, Facel Vega daar, en niet te vergeten de immer terugkerende Rolls-Royces. Ook deze keer hebben we weer wat van die standaard-dingen zoals oude Bentley’s in huis, of …. Nee wacht, eentje is voorzien van een Abbott koets en een andere heeft een koets van Mulliner. Altijd leuk met dat merk, eindeloze creativiteit. Of gewoon Britse humor?

Bentley R-Type Continental Abbott Coupé

We vallen meteen in huis met deze rare R-Type, die ik geheel bij toeval op een avondje bij mij in de buurt tegen kwam. Natuurlijk was de camera mee, maar meer om te voorkomen dat ik iets zou missen, dan om echt op bijzondere dingen uit te gaan. Nou kwam ik toch nog deze aparte auto tegen, aan het zijaanzicht is al meteen te zien dat het om iets erg zeldzaams gaat want de combinatie van een vreselijk dure auto en een totaal uit verhouding liggend zijaanzicht vindt maar weinig kopers. 14 in dit geval, en dit was het eerste exemplaar. Een erg aparte auto met een koets van de eveneens niet-alledaagse Abbott, die vrij weinig actief is op het gebied van koetsenbouwerij. Dit exemplaar is in mei 1953 opgeleverd in Engeland en is sinds kort in Nederland, nog in de originele kleuren. In Engeland staat overigens nog een exemplaar te koop voor tachtigduizend pond, in grijsmetallic. Toch een stuk beter dan deze wat vreemde kleur vind ik. Er zijn nog acht van de veertien exemplaren bekend, best weinig voor een auto die bijna in letterlijke zin uniek is!

Bentley R-Type Continental Abbott Coupé - Foto Jim Appelmelk
Bentley R-Type Continental Abbott Coupé - Foto Jim Appelmelk
Bentley R-Type Continental Abbott Coupé - Foto Jim Appelmelk
Bentley R-Type Continental Abbott Coupé - Foto Jim Appelmelk
Bentley R-Type Continental Abbott Coupé - Foto Jim Appelmelk
Bentley R-Type Continental Abbott Coupé - Foto Jim Appelmelk

Bentley S2 Continental Mulliner Flying Spur

Iets conservatiever is deze door Mulliner gebouwde sedan, nog steeds kan ik niet ontkennen dat ook deze auto wat raar is wat betreft ontwerp; al kritische kijker vind ik hem te lang ogen, het passagierscompartiment lijkt wat te lang door te lopen wat in de verte vergelijkbaar is één van de designtechnische fouten aan de Maybach 62, die heeft op precies dezelfde plaats een vergelijkbaar probleem. Verder houd ik op deze edele klassieker te vergelijken met dat oerlelijke en veel te dure hok van de oosterburen. Want in detail is dit natuurlijk eens schitterende machine, met allemaal mooie metalen details en een royale uitstraling. En het is ook niet erg makkelijk er eentje te spotten, er zijn maar 388 Bentley S2’s geleverd met Continental koets, waarvan 222 van Mulliner. En dan zijn dat niet alleen de sedans. Niet makkelijk te onderscheiden van de S1 met Mulliner Flying Spur koets, die overigens weer niet op een Continental chassis staat maar op een standaard chassis. Voor die auto kunnen jullie even terugbladeren, want die heeft mijn pad ook eens gekruist.

Bentley S2 Continental Mulliner Flying Spur - Foto Jim Appelmelk
Bentley S2 Continental Mulliner Flying Spur - Foto Jim Appelmelk
Bentley S2 Continental Mulliner Flying Spur - Foto Jim Appelmelk
Bentley S2 Continental Mulliner Flying Spur - Foto Jim Appelmelk
Bentley S2 Continental Mulliner Flying Spur - Foto Jim Appelmelk
Bentley S2 Continental Mulliner Flying Spur - Foto Jim Appelmelk
Bentley S2 Continental Mulliner Flying Spur - Foto Jim Appelmelk
Bentley S2 Continental Mulliner Flying Spur - Foto Jim Appelmelk
Bentley S2 Continental Mulliner Flying Spur - Foto Jim Appelmelk
Bentley S2 Continental Mulliner Flying Spur - Foto Jim Appelmelk

Bristol 411

Over dit Britse merk horen we niet veel meer, maar zoals met de meeste Britse merken waar je niet veel meer over hoort worden er nog steeds in mondjesmaat aparte auto’s gebouwd. Bristol heeft op het moment de Blenheim 3 en de Fighter voor jullie in de schappen, de laatste werd pas nog gespot in Londen. Beide modellen zijn vreselijk exclusief, zeker de laatste waarvan nog een interessante versie met 1012 pk is verschenen. De klassieke Bristols zien we overigens zelfs in Nederland nog wel eens rijden. Nog wel eens, dus ook weer niet elke maand. Maar ze zijn zeker te spotten, vooral de 411 en de 603 waarvan er enkele honderden zijn gebouwd.

De 411 is er in meerdere varianten en series, allemaal met een grote Chrysler V8 voorin. Het begon met een 5,2 liter blok, later werd dat 6,3 liter en in de 411 S lag zelfs een 6,6 liter motor. Het vermogen varieert van 250 tot ongeveer 350 pk, iets waarvan we werkelijk niets terugvinden in latere Bristols. De levensverwachting van deze auto’s blijkt veelal boven de dertig te liggen, reden genoeg dat we ze af en toe nog zien. Moderne auto’s met dergelijke productiecijfers zien we in ieder geval niet vaker.

Bristol 411 - Foto Jim Appelmelk
Bristol 411 - Foto Jim Appelmelk
Bristol 411 - Foto Jim Appelmelk
Bristol 411 - Foto Jim Appelmelk

Citroën DS 19 Décapotable

Nog steeds is de DS een auto waar de meeste mensen een redelijk uitgesproken mening over hebben, net als op 6 oktober 1955, toen de auto werd gepresenteerd op de Salon van Parijs. Direct werd de auto al bekend om zijn hoogst innovatieve technieken en doordachte constructies, niet alleen het interessante hydrapneumatische systeem voor de wielen sprong in het oog. Ook het feit dat de vorm van de auto een druppelvorm benaderde en dus weinig weerstand van de lucht ondervond, en de goede wegligging werd nog eens bijgestaan door – deze keer zeg ik het wel goed – vóór een grotere spoorbreedte dan achter. De auto werd direct al een enorm succes, de veel te dure cabriolet, die vanaf 1961 werd gebouwd, is nooit een succes geworden en kost daarom tegenwoordig erg veel geld. Ondanks de zeldzaamheid nog regelmatig op de Nederlandse wegen te vinden gezien de oververtegenwoordiging hier.

Citroën DS 19 Décapotable - Foto Jim Appelmelk
Citroën DS 19 Décapotable - Foto Jim Appelmelk
Citroën DS 19 Décapotable - Foto Jim Appelmelk
Citroën DS 19 Décapotable - Foto Jim Appelmelk
Citroën DS 19 Décapotable - Foto Jim Appelmelk
Citroën DS 19 Décapotable - Foto Jim Appelmelk
Citroën DS 19 Décapotable - Foto Jim Appelmelk
Citroën DS 19 Décapotable - Foto Jim Appelmelk
Citroën DS 19 Décapotable - Foto Jim Appelmelk
Citroën DS 19 Décapotable - Foto Jim Appelmelk
Citroën DS 19 Décapotable - Foto Jim Appelmelk

DKW F5 Roadster

Naast de “geenszins zeldzame” Bristol 411 en Citroën DS Décapotable is er nog een echte rariteit uit Duitsland te gast. De DKW F5 was een vooroorlogs model, gebouwd tussen 1935 en 1938 in Zwickau. Daar werd Horch ook gebouwd, merken die gerelateerd zijn aan DKW en zich later verenigden in Audi samen met een paar andere merken. Het kleine wagentje werd aangedreven door een tweecilinder tweetaktmotor van 584 of 692 cc, met een vermogen van respectievelijk 18 en 20 pk. Meer dan 80 km/u zit er dan ook niet in, waar zelfs in de klassiekerafleveringen 160 km/u al wat krap aan is. Het enige indrukwekkende aan deze auto is dan ook dat hij erg opvalt tussen het andere verkeer en gewoon moeilijk te spotten is. Destijds zijn er echter nog behoorlijk veel van gemaakt.

DKW F5 Roadster - Foto Jim Appelmelk
DKW F5 Roadster - Foto Jim Appelmelk
DKW F5 Roadster - Foto Jim Appelmelk
DKW F5 Roadster - Foto Jim Appelmelk
DKW F5 Roadster - Foto Jim Appelmelk

Ford T Touring

In Berlijn ben ik zelfs nog een van Nederlandse nummerplaten voorziene Ford T Touring uit 1915 tegengekomen, die ondanks het gigantische productieaantal van vijftiemnmiljoen stuks erg lastig te vinden is. De reden dat de auto zo goed is verkocht is trouwens het feit dat onderdelen op een zeer efficiënte manier werden gemaakt en op den duur complete auto’s aan de lopende band werden gemaakt, destijds iets revolutionairs. De auto kon daardoor in heel erg korte tijd worden gebouwd en kostte zodoende veel minder dan vergelijkbare auto’s uit die tijd. Daardoor vormde de T’s in 1920 de helft van de totale autopopulatie! De afgebeelde auto is waarschijnlijk van een nieuwe laklaag voorzien omdat de T’s tussen 1914 en 1926 alleen in het zwart werden geleverd. Buiten die periode om was er meer keuze, maar omdat zwarte verf sneller zou drogen was het veel praktischer in het lopende bandproces dat vanaf 1914 werd gebruikt. Wegens alle interessante en innovatieve technieken achter deze auto is hij enkele jaren geleden verkozen tot auto van de twintigste eeuw.

Ford T Touring - Foto Jim Appelmelk
Ford T Touring - Foto Jim Appelmelk
Ford T Touring - Foto Jim Appelmelk
Ford T Touring - Foto Jim Appelmelk

Jaguar E-Type V12 Convertible

Geen onbekende hier is de E-Type Convertible, het is een klassieker die zo nu en dan nog eens opduikt. Zeker de met V12 uitgeruste versies zijn niet extreem schaars te noemen, het is nog maar wachten op de 3.8 versies. Die zijn dan wel niet veel minder vaak geproduceerd, maar toch zien we ze zelden. De V12 heeft echter weer de bijzondere eigenschap dat een dergelijke opstelling verder alleen te vinden was in veel kostbaardere en zeldzamere auto’s, zoals de Ferrari 365’s. Van de E-Type V12 werden er destijds bijna achtduizend als convertible verkocht en nog eens ruim zevenduizend als coupé. De motor bleef nog vele jaren in het gamma tot er een V8 kwam.

Jaguar E-Type V12 Convertible - Foto Jim Appelmelk
Jaguar E-Type V12 Convertible - Foto Jim Appelmelk
Jaguar E-Type V12 Convertible - Foto Jim Appelmelk
Jaguar E-Type V12 Convertible - Foto Jim Appelmelk
Jaguar E-Type V12 Convertible - Foto Jim Appelmelk
Jaguar E-Type V12 Convertible - Foto Jim Appelmelk
Jaguar E-Type V12 Convertible - Foto Jim Appelmelk

Lotus Elan +2S 130

Opmerkelijk veel Britten deze aflevering, maar een Lotus zien we daarvan eigenlijk nog maar heel erg weinig. Zeker de klassiekers komen we maar heel erg zelden tegen, terwijl die niet eens heel erg zeldzaam hoeven te zijn. De Lotus Elan rolde dan ook meer dan negenduizend keer van de band, en later verschenen er versies als de +2, +2S en afgebeelde 130 met een langere wielbasis voor een kleine achterbank. Gek genoeg werden die niet geleverd als cabriolet, terwijl we die wel degelijk op de afbeelding zien staan. De mistlampen wijzen er zelfs nog nadrukkelijk op dat het een 130’je is, met 126 pk. Met een kunststof koets was de massa gering: slechts 863 kilo, en dus niet veel meer dan duizend met bestuurder en passagier. Van de coupés, waar dit exemplaar ook onder blijkt te vallen, zijn er ongeveer 3.300 gebouwd. Waarschijnlijk zijn ze makkelijker te vinden in zijn thuisland, want in Nederland kom ik ze werkelijk nooit tegen.

Lotus Elan +2S 130 - Foto Jim Appelmelk
Lotus Elan +2S 130 - Foto Jim Appelmelk
Lotus Elan +2S 130 - Foto Jim Appelmelk

Rolls-Royce Silver Cloud III

De aflevering wordt redelijk traditioneel afgeslote met de klassieker der klassiekers, een model dat eigenlijk op elke voorpagina van een website over Rolls-Royce hoort te staan. Zelfs in de redelijk modern be-autoode P.C. Hooftstraat komen we ze nog wel eens tegen! De Silver Cloud is dan misschien niet de meest verkochte Rolls ever, maar heeft wel de perfecte uitstraling, waar de Silver Shadow – de best verkochte Rolls ooit – iets te simpel oogt. In wezen volgde de Cloud de Silver Dawn op, een auto die we haast nooit tegen komen omdat er maar heel weinig van zijn gebouwd. Zo zijn er maar 761 exemplaren gebouwd tussen 1949 en 1955, waar er van de Cloud al evenzovaak werden gebouwd in één jaar, gemiddeld genomen. Overigens werd er tegelijk met de Dawn een ander model aangeboden, de Silver Wraith, die het wat beter deed. Maar met 1.883 chassis met allerlei interessante opbouwen over dertien jaar tijd ben ik zelf eigenlijk ook al niet erg enthousiast. Als je een Silver Cloud tegen komt is de kans heel erg groot dat het om een bruiloft gaat, zelfs als het geen wit exemplaar betreft.

Rolls-Royce Silver Cloud III - Foto Jim Appelmelk
Rolls-Royce Silver Cloud III - Foto Jim Appelmelk
Rolls-Royce Silver Cloud III - Foto Jim Appelmelk
Rolls-Royce Silver Cloud III - Foto Jim Appelmelk
Rolls-Royce Silver Cloud III - Foto Jim Appelmelk
Rolls-Royce mascotte - Foto Jim Appelmelk



38 reacties

Begin de week met Mercedes-AMG, bekijk het HIER!
Mooi
Ik heb ook nog een assortiment op mijn fototoestel staan.
Maar de meeste bij mij zijn MG’s
Hulde aan die T ford! Die nederlander zou wel een goede zijn voor een mooie reportage hier op autoblog :)
laatste foto :D ! hoeveel geld kan er op een paar vierkante meters staan?!
Deze DKW leidde indirect tot de Trabant en Wartburg. Ze gebruikten min of meer dezelfde techniek in het vooronder. DKW en Horch hoorden tot Auto Union. Audi behoorde ook tot de Unie. Toen Daimler-Benz in de jaren ’60 DKW/Auto Union aan Volkswagen verkochtte gaven ze een ontwerp voor een auto erbij cadeau. Men had gedacht dat die auto geen succes zou worden, maar dat bleek een misrekening. Als Audi bleek de auto relatief populair.

Heel goed dat je niet in de val van de Ford t bent gevallen (alleen maar verkrijgbaar in het zwart), want zoals je goed aangeeft was hij aanvankelijk en in zijn laatste jaren in meer kleuren verkrijgbaar.
oeps, bedoel natuurlijk derde laatste…
Peugeot407coupe
De op twee na laatste foto: rechts een wiel van de Mercedes McLaren SLR 722?? Ook een leuke spot lijkt me.
Volgens mij is die DS geen DS… maar een ID.
Zeker weten doe ik het niet, maar de ID is iets spitser en heeft die losse koplampjes erop… toch?
@ Peugeot407coupe:
Je hebt gelijk is wel een super combi foto :D
er kunnen NOOIT genoeg klassiekers zijn! Appeltje, de trots van Autoblog, does it again!
en hoe in godsnaam kan je in 1 week zoveel auto’s spotten?!
ik ben onlangs naar Knokke-Heist geweest en wat ik daar zag; Aston Martin DB9 (1 roadster, 2 coupés) en een V8 Vantage coupé en een Posche Cayenne RUF, maar in jullie auto-land zijn er om elke hoek Ferrari’s en welgeklede mensen en klassiekers enz…
hoewel ik niet echt voor klassiekers ben, vind ik die jaguar zeer geslaagd! mooie eerste foto ook
Stond een keer met verloren ruitenwisser van mijn Volvo 66 langs de Route Nationale in Frankrijk. Ik bij een smoezelige garage naar binnen en in mijn beste Frans gevraagd naar naar een ruitenwisserarm. Smoezelige garagisten keken me aan alsof ik een bommengordel om had. Toen ik wegliep zag ik een DS die ik niet kende. Het was een cabrio met hardtop. Ik mijn bewondering tonen en kijken. Buiten had ik bijna de contactsleutel omgedraaid toen opeens een van de garagisten met een doos vol ruitenwisserarmen naar buiten kwam en ze allemaal geprobeerd heeft tot er een paste. Moet daar nog steeds aan denken als ik een DS cabrio zie. En als het regent.
Smooi die Bentley R-Type Continental Abbott Coupé.
@huin
Dat dacht ik ook. Maar zeker weten doe ik het nu niet meer :). Had de DS ook wel losse lampen, maar waren de binnenste lampen korter. http://www.tonvansoest.nl/Ds_001.jpg
Mooi die decapotable. Is dat een echte?

Ik ben helemaal weg van die oude Bents.
carsofcoolhaven.nl
Aah die zilveren DS is echt een schoonheid! Wat een heerlijke lijnen!
@Huin: Dit is een zg. tweede neus DS. Het meeste zie je de derde neus, met dubbele koplampen achter ‘glas’. Cabrio’s zijn altijd een echte DS. Een ID is een uitgeklede versie van een DS met slechts subtiele uiterlijke verschillen.
Hm, ik vind er niet zo heel veel aan… behalve de E-type dan.
Lijkt inderdaad heel veel op een 722 Mc Laren op die combi foto. Wil het appeltje dat even bevestigen?
Ik val voor de Bristol. Heerlijk Brits. Lekker wars van modegrillen. Geweldig!
cheese dippers
ja wil die persoon die deze fotos gemaakt heeft dit bevestigen…?:)
Inderdaad een SLR 722, Ferrari 612 en Cloud III op één foto. Volgens mij is de 722 al eerder langs geweest, dus ook dit plaatje!

De DS Cabrio’s zijn gewoon DS’en, een ID Cabrio is pas echt moeilijk te spotten omdat er maar 112 van zijn gebouwd. De goedkope versie van een veel te duur model loopt nou eenmaal niet erg goed.
@ Huin, qua basisvorm zijn de DS en ID altijd hetzelfde. Het verschil zit em in details, die voor de niet-kenner moeilijk te spotten zijn. Een ID is de simpele uitvoering van de DS, de ID is een stuk soberder uitgevoerd en heeft minder hydraulique.
Vaak worden ID’s omgebouwd tot DS, maar het het verschil blijft altijd te zien omdat de ID een normaal rempedaal heeft, terwijl een DS altijd de zgn. paddestoel heeft.
Zo’n succes was de DS in het begin niet, hoor. Oke, de eerste dagen liep het goed, op de beurs, maar toen de eerste afgeleverd werden, bleken ze heel onbetrouwbaar en werden veel bestellingen geannuleerd. Weinig nieuwe ook… Pas na jaren werd het weer beter, maar toen was de DS in veel ogen al verouderd, wat hij ook was, als je alleen let op de introductiedatum. Qua techniek echter… Maar dat weten jullie nu wel. ;) Het had dus een veel beter succes kunnen worden als Citroen de tijd had genomen om de kinderfoutjes eruit te halen. Maar dat deden ze niet, omdat dan de kans groter werd dat info al eerder bekend werd, en dan zou het geen ‘Bombe’ zijn zoals het zou moeten worden (en werd). Gewoon te haastig gewerkt dus, ondanks de lange tijd die ze hadden (de TA was 23 jaar in productie, oorlog meegerekend aangezien men toen ook doorwerkte). :(
Ook qua financien schijnt het geen succes te zijn geweest, men zegt wel eens: “de productie van de DS werd bekostigd door de verkoop van de 2CV-achtigen”… :|
Even volgend op Citrofiel: Citroën kon zich veroorloven dat Eenden en Ami’s de productie van DS’en bekostigden omdat zij tussen 1934 en 1975 een dochter was van Michelin en in feite een Michelin onderzoekscentrum was dat automobielen produceerde. Met rendementen, kwartaalberichten en aandeelhouders is dat thans niet meer mogelijk, thans moet de C6 moet zichzelf bedruipen qua productie. Daardoor hoefde minder op het rendement worden gelet. Die inlijving door Michelin in 1934 was weer nodig om een faillissement af te wenden, door uit de hand gelopen ontwikkelingskosten bij de Traction Avant.
Hoe lelijk altijd die uitlaten van de E-type, standaard al en deze opgeplakte ook.
Zoals bij veel Ferrari’s ook dachten de ontwerpers “van zo hij is af” en dan
” oh nee de uitlaat moet er ook nog onder”. In die tijd hadden ze gewoon even aan de andere kant van de oceaan moeten kijken o.a. bij de Corvette en dan konden ze zien dat het ook heeeel mooi kan. In de carroserie of bumper is veel mooier dan een halve meter eronder bungelend! Ik ben ook benieuwd of er dus ergens een E-type met een mooie set is ??
@ Rob USA: beauty is in the eye of the beholder…
Maar de uitlaten onder die V12 vind ik ook too much.
@2cv13 & citrofiel.
Dus dit hierboven is zeker weten een DS? Want volgens mij heeft heef de DS bij mijn ouders in de buurt andere verstralers (minder puntige achterkanten) en bijvoorbeeld 2 spiegels ipv één zoals de grijze.
Ik ben niet een grote citroënkenner, maar hetis altijd leuk om precies te weten met wat voor auto je nu te maken hebt :).
@ Paul; En van die DS weet je wel zeker dat het een DS is en geen ID? :P
@ Paul; Ik ben zelf ook niet zo’n gigantische ID/DS expert dat ik zo antwoord kan geven op je vraag, maar na wat zoeken vond ik dit: “Deze koplampen waren af fabriek als optie leverbaar in 2 soorten: tepelvorimge marchall lampjes (onze ID) of ronde Cibie lampen.” Dus de koper kon zelf kiezen of hij puntige of ronde verstralers erop nam (als hij al verstralers erop wilde).
Over de spiegels is mij verder niets bekend…

Overigens, of het DSsen zijn is simpel te checken op de site van de RDW. Lees verder bij voertuigdiensten online raadplegen -> klik hier om de…. -> Kenteken invoeren. Het zijn een DS 19 en een DS 21 Cabriolet. Maar hoe je dat nou kon onderscheiden van een ID weet ik niet bij de cabrio… Tenzij die ook kleine wieldoppen zouden hebben ipv grote, maar dat is niet het geval bij de ID Cabrio’s die ik op Internet vond….
Die verstralers kunnen ook op een ID zitten, het waren accessoires, ze zijn alleen af-fabriek op de Pallas modellen geleverd. Volgens mij zijn de spitse wat ouder dan de bolle varianten.
Aan de spiegels is niet te zien of het een ID of DS is, deze werden vaak later pas gemonteerd.
doe mij toch maar de 722 op de 1 na laatste foto. wat een spot zeg. de rest is ook mooi maar niet echt mijn smaak. die 722 heb ik ook gezien, maakte een foto en meneer trok hem snel door de bocht, wat mij rest is nu een goeie foto te maken, en geen vervormde achterkant….. als iemsnd ziet dat er weer een 722 in amsterdam staat, mail mij dan even daniellogger@gmail.com. doordeweeks kan ik niet dus dat heeft weinig zin….
zonder de punt op het eind
@citrofiel.
Die in de buurt is zeker weten een DS. Hoe ik dat weet is ’n beetje nutteloos om hier allemaal neer te typen, maar dat weet ‘k iig wel zeker.
Ik denk dat we het maar bij de woorden van 2cv13 moeten houden. Via de accessoirelijst was ’t dus allemaal mogelijk.
Dat RDW had ik ook kunnen bedenken :). Slim, waren we gelijk klaar geweest :P
Op naar de volgende klassiekers:)
Een Décapotable Usine (=Fabrieks Cabriolet) is altijd een DS en dus geen ID.
Citroen stuurde DS chassis (met remknop dus) naar de Chapron fabriek, welke er een Cabriolet carrosserie op bouwde.

Het grootste verschil tussen de DS en ID is de techniek. Een ID geeft minder Hydroliek aan boord (alleen vering en hoogteverstelling) een DS heeft ook Hoogdruk remmen (met de remknop bekrachtigd via de HD-pomp), stuurbekrachtiging (via HD-pomp) en eventueel een Halfautomaat (hydrolisch bedien via de HD-pomp). Naast de techniek herken je een ID (uitgezonderd van de DSuper en IDeal’s) aan de plastic trompetjes (knipperlicht hoorns achter)

En de RDW heeft het niet altijd juist, kijk naar de remknop (Breaks hebben ook een remknop maar zijn officeel ID-F’s)
@ Pjotr; En dit is dan? http://www.allsportauto.com/english/citroen_id_cabriolet_usine.php
Ik zie geen remknop!
Jaah dan gaat mijn regel niet meer op…

Vreemd ik had begrepen dat een cabriolet altijd als (duurdere) DS werd geleverd, maar blijkbaar ook als (goedkopere) ID.

Na wat zoekwerp blijkt er inderdaad wel een ID Decapotable te zijn geweest: http://citroenclubduperche.free.fr/images/idsdecapotable.jpg

In ieder geval een DS heeft een remknop een ID een rempedaal en een Decapotable is zowel als DS en ID geleverd ;)
Die E-Type is precies zoals hij hoort te zijn: Prachtige kleur, brandschoon en glimmend, behálve op de plekken waar hij vies mag zijn; direct achter de wielen. Mooier kan gewoon niet :D

Geef een reactie:

Je moet ingelogd zijn om reacties te posten, registreren kan HIER (ook via Facebook).