Gespot: Bentleys en Rollers in Londen

Auteur: , 18 Reacties

Voor autoliefhebbers - en ook voor talloze andere mensen - is Londen the place to be. Je zult je er nooit gaan vervelen, hoewel het je op den duur gaat opvallen dat de exoten voornamelijk de allernieuwste en allerduurste zijn. Elke paar jaar worden ze wel weer ingeruild op een andere. Als je Rolls-Royces en Bentley's van alle generaties wilt zien is dat echter wèl mogelijk.

Bentley Turbo RT L.W.B.

Wegens zijn formaat van 5,37 meter is deze Bentley moeilijk een sleeper te noemen, maar hij is ondanks deze afmetingen wel verrassend snel. Het is de allerlaatste Bentley uit de Turbo R-achtige, welke hij opvolgde en overtrof. De New Turbo R was al prima vooruit te branden vanwege de 385 pk die de motor kon leveren, de RT had er zelfs 400 voorin. Nou vind ik dat zelf niet het meest interessante verschil met de Turbo R, en het zal in de praktijk ook geen veelzeggend verschil zijn. Wat ik zelf veel interessanter vind aan de auto is het feit dat hij moeilijk te vinden is. Het is de laatste versie van de “blokkendoos-reeks” (liefkozend bedoeld), die in 1980 werd gelanceerd. Veel mensen wachtten dan liever even op de gloednieuwe Arnage, hoewel die aanvankelijk niet leverbaar was met de good-old 6,75 liter V8. De prijs van f.628. 620 was erg stevig, en zelfs ruim anderhalve ton méér dan de Brooklands R. Beide modellen werden uiteindelijk in kleine aantallen geleverd. Van de Turbo RT zijn er uiteindelijk 250 met lange wielbasis geleverd (afgebeeld), 50 met korte wielbasis, en nog eens 56 als Turbo RT Mulliner, met nòg méér vermogen, stijvere demping, en natuurlijk roostertjes in de flanken en gentlemen’s-tupperware rondom.

Bentley Turbo RT L.W.B. - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Turbo RT L.W.B. - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Turbo RT L.W.B. - Foto: Jim Appelmelk

Bentley Continental R Mulliner

Het zal altijd een droomauto van mij blijven. Niet alléén omdat er geen andere “snelle Bentleys” zijn die me nog meer interesseren, maar natuurlijk ook om de praktische reden dat mijn studiebeurs – lees: toekomstig salaris – wellicht niet toereikend is om een lening van een ton af te lossen, elke driehonderd kilometer bij het tankstation te staan, en de auto te verzekeren. Vergeet trouwens ook de wegenbelasting niet, want de Continental R Mulliner á 2.425 kilogram kost anderhalfduizend euro per jaar aan wegenbelasting. Ik ben niet goed genoeg op de hoogte van andere maatregelen waarmee CO2-bandieten momenteel belaagd worden, maar anders zijn er nog genoeg vrijwilligers die je ondubbelzinnig duidelijk willen maken dat deze auto wel van een flinke borrel houdt. Veel zal het niet uitmaken, want naast het feit dat er maar 134 exemplaren werden gebouwd zullen trotse eigenaren hem niet dagelijks inzetten. daarvoor hebben ze een iets minder dorstige Jaguar, of een Rover, aangezien het meestal anglofiele heren zijn.

Bentley Continental R Mulliner - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Continental R Mulliner - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Continental R Mulliner - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Continental R Mulliner - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Continental R Mulliner - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Continental R Mulliner - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Continental R Mulliner - Foto: Jim Appelmelk

Bentley Arnage; spaar ze allemaal. RL, Diamond Series, en Final Series

De Bentley Arnage is verleden tijd. Het wordt benadrukt door de Arnage Final Series, die niet voor niets die naam heeft gekregen. Maar weinig auto’s blijven tegenwoordig zo lang in productie, maar wellicht is dat voornamelijk toe te wijzen aan het budget van het merk. De Arnage werd in de beginjaren redelijk verkocht, voornamelijk de Red Label kom je nog wel eens tegen. Tussendoor verschenen er aan de lopende band gelimiteerde oplagen (ik zie mensen al denken: “not again…”) en andere varianten die je zeker in Nederland maar weinig tegen komt. De RL is de verlengde versie van de Arnage R. Dit was weliswaar geen gelimiteerde oplage, maar wellicht juist één van de meest bruikbare, in concreet opzichte verschillende “zeldzame versies”. Niemand heeft de roostertjes en pk’s van de Final Series ècht nodig, dan wel de bling-bling van de Diamond Series; 25 centimeter extra kan iedereen die regelmatig achterin zit wel waarderen.
De Diamond Series is een gelimiteerde oplage van 60 stuks, gekenmerkt door een viertal velgen die glimmen alsof ze er in Amerika aftermarket op zijn gezet door West Coast Customs. In het interieur is een diamantmotief terug te vinden. De Arnage Final Series is gebaseerd op de Arnage T, en wordt alléén full black geleverd. Nee dankje, voor mij blijft het bij donkergroene lak en een cognackleurig interieur.

Bentley Arnage Diamond Series - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Arnage Diamond Series - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Arnage Diamond Series - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Arnage Diamond Series - Foto: Jim Appelmelk

Bentley Arnage Final Series - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Arnage Final Series - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Arnage Final Series - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Arnage Final Series - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Arnage Final Series - Foto: Jim Appelmelk

Bentley Arnage RL - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Arnage RL - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Arnage RL - Foto: Jim Appelmelk

Bentley Continental Supersports Coupe

De Bentley Continental GT is door de jaren heen een begrip geworden. Enerzijds is het een mateloos populaire auto, anderzijds is het goed voor te stellen dat we hem inmiddels een beetje zat worden. De hype omtrent deze auto is zo erg dat men de auto zelfs met deze wel erg uit de kluiten gewassen bodykit kan blijven verkopen. Versies in iets te foute “kleurstellingen” zoals het eindeloos vermoeiende, maar blijkbaar toch erg coole black-on-black zijn eerder regel dan uitzondering. Wit met zwarte velgen, net iets minder popie-jopie, is ook in trek. Ik kan er niets anders van maken dan dat ik de Continental Supersports een erg ordinaire verschijning vind. Het is echter een ideale allrounder. eigenlijk was de Continental GT dat al. Toen kwam de GT Speed, waarvan ik eigenlijk wel erg onder de indruk was toen ik hem voor het eerst on the road zag. “Vroegâh” was méér dan 500 pk namelijk al een wereldprestatie. De Speed had méér dan 600. De Supersports heeft een fractie méér, maar is voornamelijk op andere punten aangepast, zoals onderdelen in de motor waardoor het blok met weinig schade op E85 kan lopen.

Bentley Continental Supersports Coupe - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Continental Supersports Coupe - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Continental Supersports Coupe - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Continental Supersports Coupe - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Continental Supersports Coupe - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Continental Supersports Coupe - Foto: Jim Appelmelk
Bentley Continental Supersports Coupe - Foto: Jim Appelmelk

Rolls-Royce Silver Dawn

De naam “Silver Dawn” is twee keer gebruikt voor een Rolls-Royce; tegen het einde van de blokkendoos-reeks, maar óók in een héél ver verleden. Geen van beide modellen kreeg veel bekendheid. Het was het tweede naoorlogse model dat Rolls-Royce introduceerde. Waar het eerste model de Silver Wraith was, de laatste Rolls die alléén met koetsen van externe bedrjven leverbaar was, was de Silver Dawn de eerste Rolls-Royce die geleverd werd met een zogenaamde Standard Steel koets, van de fabriek zelf. Het was dezelfde koets als die op de Bentley MkVI; later kreeg de auto de grotere achterklep van de R-Type. Die twee auto’s werden echter veel beter verkocht, wat wellicht te wijten was aan het feit dat de Silver Dawn pas vanaf 1953 werd aangeboden op de eigen markt, een belangrijke afzetmarkt voor Rolls-Royces. Er werden maar 761 exemplaren gebouwd, waarvan maar 64 werden uitgerust met een koetswerk van een extern bedrijf. Wie dat graag wilde kocht doorgaans de duurdere Silver Wraith.

Rolls-Royce Silver Dawn - Foto: Jim Appelmelk
Rolls-Royce Silver Dawn - Foto: Jim Appelmelk
Rolls-Royce Silver Dawn - Foto: Jim Appelmelk

Rolls-Royce Phantom VI

Deze mastodont staat niet bekend als meest kostbare klassieker allertijden. Eerlijk is eerlijk, je koopt hem niet van wisselgeld, maar van de nieuwprijs is niet veel meer over. Hij kostte op den duur – want hij was nog tot in 1991 leverbaar – zelfs een fractie méér dan de al niet verkeerde McLaren F1, zo’n zeseneenhalve ton in Engelse ponden. Dergelijke auto’s verzeker je inmiddels voor tweeëneenhalf miljoen pond, waar een Phantom VI “geen reet” meer waard is. Voor een mooi exemplaar heb je nog geen honderdduizend euro nodig; de echte Captains of Industry, die zich laten chaufferen, besteden hun geld wel aan iets representatiefs. De VI zit vol met luxe, beenruimte, en uitstraling, maar is zo onpraktisch dat mensen hun geld liever ergens anders op in zetten. Hij zou goed passen in het rijtje “ik heb de langste”, want de Phantom VI was niet korter dan 604 cm. In Londen wordt er echter nog zonder blikken of blozen mee gereden, zelfs door hoge functionarissen. Het rood/zwarte exemplaar droeg nog steeds het kroontje uit de tijd van zijn dienst als koninklijke auto.

Rolls-Royce Phantom VI - Foto: Jim Appelmelk
Rolls-Royce Phantom VI - Foto: Jim Appelmelk
Rolls-Royce Phantom VI - Foto: Jim Appelmelk
Rolls-Royce Phantom VI - Foto: Jim Appelmelk
Rolls-Royce Phantom VI - Foto: Jim Appelmelk
Rolls-Royce Phantom VI - Foto: Jim Appelmelk

Rolls-Royce Corniche IV

Er zit een heel opvallend patroon in de verkopen van Rolls-Royce’s en Bentley’s modellen. Wordt een model geïntroduceerd, dan gaan exemplaren als warme broodjes over de toonbank. Gaat het model iets langer mee, dan gaan de verkopen uiteraard achteruit. Rolls-Royce en Bentley hadden niet het budget om elke-zoveel-jaar iets nieuws te lanceren. Het resultaat is even voor de hand liggend als interessant; auto’s als de Corniche en de complete blokkendoos-reeks, bestaande uit onder andere de Silver Spirit en de Bentley Turbo R, werden in de loop der jaren haast niet meer verkocht. De laatste Corniches, die tussen ’93 en ’96 werden gebouwd, zijn de zeldzaamste. Voor het wereldschokkende bedrag van f.798.003 werd je eigenaar van een tijdloze schoonheid, waar ik hier met tijdloos ook wel bedoel dat het wel erg verouderd is om voor een dergelijk bedrag aan te bieden. Inmiddels is zelfs de laatste versie alweer een oldtimer aan het worden, wat een vreemd idee is als je hem destijds gloednieuw in een KNAC-Autojaarboek hebt zien staan. De huidige waarde is voor heel mooie exemplaren bijna honderdduizend euro, maar net als voor Silver Shadows geldt dat de aanschafprijs van een Corniche niet al te hoog hoeft te zijn. De rest komt daarna wel…

Rolls-Royce Corniche IV - Foto: Jim Appelmelk
Rolls-Royce Corniche IV - Foto: Jim Appelmelk
Rolls-Royce Corniche IV - Foto: Jim Appelmelk

Rolls-Royce Silver Spur III Mulliner Park-Ward Touring Limousine

Voor de echte liefhebbers: kijk goed, trek het kenteken nog even na, en kom tot de conclusie dat dit één van de 103 MPWTL’en op basis van de Silver Spur II en III is(de I werd alleen door Jankel voorzien van ik-heb-de-langste-koetsen). Omdat het een niet erg verhelderende foto is praat ik er geen hele pagina over vol, wat de vorige keer wèl het geval was. Ik kom er op terug als ik iets meer te tonen heb.

Rolls-Royce Silver Spur III Mulliner Park-Ward Touring Limousine - Foto: Jim Appelmelk

Rolls-Royce Silver Spur III Hearse

Een type auto waar je niet direct aan denkt bij het thema “exotische auto’s” is de lijkenauto. Het is wellicht het beladen karakter van een uitvaart dat maakt dat je niet snel je camera pakt om een foto te maken. Begrijp me goed; ik ben alleen maar een nieuwsgierige hobbyist die alles op de foto wil hebben dat zich enigszins uit kan geven voor bijzonder.
Een jaar geleden waren er al twee Rolls-Royces “voor de laatste rit” te zien. Deze Silver Spur III is van hetzelfde laken een pak. Op de foto’s is slechts een impressie te zien, want als ik over was gestoken (voor de duidelijkheid: Park-Lane) voor goede overzichtsfoto’s was ik zelf in aanmerking gekomen voor een rondrit achterin… Net als het grijze exemplaar dat jullie een jaar geleden konden zien is deze uitvaartmobiel gebaseerd op een Silver Spur, maar de vrijheid van de koetsbouwer is hier duidelijk te zien. Een klein detail is het feit dat deze auto een jaar of tien jonger is, verder is het in basis niet veel anders. De zilveren Silver Spirit is bijvoorbeeld van een koets van A.W. Lymn voorzien, op deze Silver Spur zit waarschijnlijk een koets van Coleman Milne.

Rolls-Royce Silver Spur III Hearse - Foto: Jim Appelmelk
Rolls-Royce Silver Spur III Hearse - Foto: Jim Appelmelk
Rolls-Royce Silver Spur III Hearse - Foto: Jim Appelmelk

Rolls-Royce Silver Seraph Park-Ward

Vraag je een honderdtal autoliefhebbers om een model van Rolls-Royce te noemen, dan wordt de Silver Seraph Park-Ward zonder meer achterwegen gelaten. Park-Ward was een koetsenbouwer die al sinds jaar-en-dag koetsen bouwt voor Rolls-Royce, en aan het einde van de jaren ’50 fuseerde met Mulliner. Op den duur raakte het uit de mode om auto’s te leveren met koetsen van buitenaf, maar de namen “Mulliner” en “Park-Ward” bleven bestaan, niet in de laatste plaats omdat Mulliner Park-Ward een onderdeel van Rolls-Royce zelf was geworden. De termen werden, net zoals voorheen, natuurlijk niet toegekend aan willekeurige Rolls-Royces en Bentleys. De verlengde en nog-verder-verlengde versies waren voornamelijk de modellen die de term als extensie meekregen. Rolls-Royce zelf leverde op basis van de Silver Seraph een 25 centimeter verlengd model, maar het verlengen was dermate subtiel gedaan dat de auto goed in verhouding bleef. Zowel de vóór als de achterdeur werd een klein stukje verlengd. De nieuwprijs was aanzienlijk hoger dan die van de Silver Seraph, wat één van de redenen is dat hij zo zeldzaam is gebleven. In Nederland is ooit één exemplaar nieuw verkocht, en dat rijdt hier nog steeds rond.

Rolls-Royce Silver Seraph Park-Ward - Foto: Jim Appelmelk
Rolls-Royce Silver Seraph Park-Ward - Foto: Jim Appelmelk



18 reacties

De Arnage en de Brooklands zijn echt hele mooie auto’s. De Continental GT is gewoon niet meer cool.
Het valt me ineens op dat de Arnage echt een donkere kleur nodig heeft. De onderste lichte lijkt ineens zo’n gedateerd brok metaal, terwijl de zwarte nog prima mee kunnen komen. Vreemd…

De Phantom VI nog in 1991, de Corniche tot 1996. Bijna niet voor te stellen. Maar over 10 jaar praten we misschien net zo over de Arnage…

“waardoor het blok met weinig schade op E85 kan lopen.”
Ik mag eigenlijk hopen zonder schade… ;) (los van standaard slijtage dan)
@Citrofiel: mee eens, wat de Arnage betreft. In het zwart is ie zo stijlvol op deze foto’s! Dit is wel bij meer auto’s zo overigens.
altijd leuk deze verhaaltjes van appeltje, die arnage is echt wreed alleen die achterkant is zo mwa net als bij de laatste RR
Oef, die Final Series is zo een lekkere auto…
In mijn ogen blijven de ‘blokkendozen’ de mooiste Bentleys en RR’s maar dat kan ik ook met jeugd sentiment te maken hebben, werd er regelmatig in rondgereden vroeger als klein jochie. Magisch.
lol @ die lijkwagen.
Wel grappig die klacht over jullie wegenbelasting. Zou (als Belg) best willen ruilen. Wij zitten met een belastig op cilinderinhoud. Ten eerste is de correlatie met verbruik en uitstoot nog kleiner dan bij gewicht, dus oneerlijker. Maar bovendien worden de diverse schijven bij ons pas echt torenhoog. Voor een 3,6 liter betaal je bij ons al jaarlijk 1500 euro…
@Stijn: Maar door de BPM moet je wel heel wat jaren dezelfde auto rijden om voordeel te halen uit de lagere jaarlijkse belastingen.
@Citrofiel:
Heb het hier vooral over de aanschaf van klassiekers in wording. Waar BPM al minder speelt. Een leuke sportwagen uit de tweede helft van de jaren ’80 of ’90 is makkelijker om in Nederland op de weg te houden (en nee heeft dit keer niets met de staat van de wegen te maken :)) dan in België. En laat dat nu net zijn wat ik (en wel flink wat mensen op deze site vermoed ik?) willen doen…
@Stijn: De BPM zal nog even doorwerken in de occasionprijs, maar voor auto’s van de leeftijd die jij noemt maakt het inderdaad weinig meer uit. Vanaf 1987 worden ze helaas niet meer belastingvrij voorlopig, anders was het nog mooier geweest. Nederland heeft (had?) inderdaad een mooi klassiekerbeleid. :)
Een Continental R Mulliner + Continental T staan altijd in Maastricht geparkeerd. Als ik mij niet vergis van een en dezelfde eigenaar. Beide prachtige wagens, waarbij mijn voorkeur toch uitgaat naar de ‘T’.
De Continental SC is overigens ook een prachtige uitvoering!
2x Supersports = gangsta
Ik heb toch het idee dat vooral de ‘oudere’ Rolls en Bentleys populair zijn in vergelijking met het modernere spul (af te leiden uit het aantal foto’s van oudere wagens, tenzij je expres die oudere wagens in de verf wilde zetten). Nergens een nieuwe Brooklands of Flying Spur gezien?
Doe mij toch maar gewoon de SuperSports;) Ik vind dat ding zo gaaf he!
@xilver
Zo’n Flying Spur of andere Continental dinges van tegenwoordig zegt me nogal weinig, ik heb er ook niet veel boeiends over te vertellen. We worden er mee doodgegooid, relatief gezien, dus het levert geen bijdrage meer. Brooklands ’08 heb ik wel gezien, dus die zie je later nog wel terug in een aflevering. Dat vind ik wel een erg mooie auto! Samen met de Azure.
Die RR Silver Dawn ziet er wel prachtig uit!
Vind verder die Bentley SS ook niet mis..

Geef een reactie:

Je moet ingelogd zijn om reacties te posten, registreren kan HIER (ook via Facebook).