BYD in problemen door slavernijpraktijken

De immens snelle groei die BYD vooral buiten de Chinese grenzen weet te bewerkstelligen, kan niet zonder de inzet van gemotiveerde werknemers. De Chinese autofabrikant blijkt alleen iets minder prettige middelen in te zetten om de mensen aan het werk te houden. De autobouwer wordt inmiddels in Brazilië en Hongarije beschuldigd van aan slavernij verwante praktijken.
Brazilië heeft BYD officieel toegevoegd aan een zwarte lijst van werkgevers die werknemers onder slavernij-achtige omstandigheden laat werken. De beslissing volgt op een schandaal uit 2024, waarbij honderden Chinese arbeiders betrokken waren bij de bouw van een fabriek in het land.
Destijds werd de Chinese fabrikant erop betrapt dat eiste dat werknemers hun paspoorten inleverden, een borg van 900 dollar betaalde om überhaupt te mogen werken en het stuurde een groot deel van het salaris direct naar China. Alsof dat nog niet erg genoeg was, troffen arbeidsinspecteurs situaties aan waarbij Chinese arbeiders met 31 man in een huis met één badkamer verbleven. Hier sliepen velen zonder matras en was er amper opbergruimte voor bijvoorbeeld voedsel en persoonlijke bezittingen, waardoor dit overal verspreid lag.
Ook dichter bij huis
In Hongarije lijkt nu ongeveer hetzelfde aan de hand. Internationale arbeidsvoorwaardenwaakhond China Labor Watch ontving klachten over de werksituatie bij de kersverse fabriek in Szeged. Volgens een werknemer houdt BYD er nagenoeg dezelfde praktijken op na als in Brazilië in 2024 al geconstateerd waren. CLW begon hierop vervolgens onderzoek onder meerdere werknemers bij de fabriek, waarvan de resultaten later deze maand verschijnen.
De instantie wil wel alvast enkele details uit het rapport delen. Het vond onder meer dat Chinese werknemers worden ingevlogen onder een zakelijk visum in plaats van een werkvisum. Hierdoor zouden ze makkelijker misbruikt kunnen worden en geen recht hebben op werkgerelateerde diensten zoals gezondheidszorg in het land waar ze werken.
Ook worden de wervingskosten als zijnde een lening bij de werknemer neergelegd. Deze zouden ze kunnen terugbetalen met het geld dat ze in Hongarije kunnen verdienen. Dit wordt voornamelijk gedaan om ervoor te zorgen dat werknemers niet zomaar hun baan opzeggen en vertrekken. Als extra pressiemiddel worden lonen tot wel drie maanden ingehouden en pas betaald als de werknemer terugkeert in China. In sommige gevallen werd er zelfs gedreigd dat er helemaal geen salaris overgemaakt zou worden als de werknemer eerder zou vertrekken.
Met dit alles worden de werknemers ondermeer geforceerd om 7 dagen per week diensten van 12 tot wel 14 uur per dag te draaien met slechts een korte pauze om iets te eten. Als er meer gewerkt wordt, staat daar geen compensatie tegenover. En over dit alles moeten de werknemers liegen tegen arbeidsinspecteurs als daarom gevraagd wordt. Iets wat volgens de CLW alle schijn heeft van geforceerde arbeid.
BYD wijst schuld af op anderen
In beide zaken heeft BYD de schuld gegeven aan de onderaannemers die het inhuurt. In Brazilië wees de autofabrikant BYD de beschuldigende vinger naar de ingehuurde aannemer, de Jinjiang Group. Het merk stelt dat het pas van de situatie hoorde nadat Braziliaanse media erover berichtten.
In Hongarije doet het nagenoeg hetzelfde. Ook hier werkt BYD met meerdere onderaannemers die werknemers aannemen, invliegen en aan het werk zetten. Deze constructie maakt het voor BYD heel makkelijk om de verantwoordelijkheid van zich af te schuiven, de schouders op te halen en te zeggen dat het er niets vanaf wist. Maar dat is volgens experts allerminst het geval. De werkwijze is al vrij normaal in China, waar er soms zelfs een lastig te volgen web van onderaannemers aan projecten werkt, waarbij de arbeidsomstandigheden er niet op vooruitgaan.
Het heeft er dan ook alle schijn van dat alle betrokken bedrijven weet hebben van de manier van werken, maar dat ze er alles aan doen om het moeilijk te maken om een eindverantwoordelijke aan te wijzen. Toch stelt CLW dat het eigenlijk heel simpel is: de eindverantwoordelijk is degene die het project optuigt en runt, in dit geval BYD.
BYD tot verantwoording geroepen
Dat laatste gebeurt in ieder geval al in Brazilië. Daar ziet de overheid in dat een fabrikant eindverantwoordelijk is voor wat er in zijn eigen projecten gebeurt. Oftewel: je kunt het werk uitbesteden, maar niet de verantwoordelijkheid. Helaas ontbreekt het dan wel aan een daadkrachtige ingreep. De plaatsing op de zwarte lijst heeft weinig directe impact op de productie. De fabriek in Brazilië blijft gewoon draaien en heeft inmiddels al tienduizenden auto’s geproduceerd. Het beperkt enkel de toegang tot bepaalde leningen bij Braziliaanse banken, die BYD in alle waarschijnlijk niet echt nodig heeft. Daarnaast loopt het merk natuurlijk een flinke reputatieschade op in een belangrijke groeimarkt.
In Hongarije loopt het nog niet zo’n vaart. CLW heeft de vindingen van het rapport al wel gedeeld met de overheid. Lokale arbeidsinspecteurs zouden op dit moment bezig zijn met een onderzoek naar de misstanden bij de fabriek. Op basis van de uitkomst hiervan zal het land volgens eigen zeggen ‘strenge sancties opleggen’.




