Nederlands trots!

Lijstje: de coolste Spykers door de jaren heen

6Reacties
Redacteur Autoblog
Houdt vooral van alledaags en obscuur. Kan daar alle vragen over beantwoorden: vooral vragen die je niet stelde.
Lijstje: bijzondere modellen van Spyker op een rij

Je had het misschien nooit meer verwacht, maar er is dubbel Nederlands trots te zien tijdens Monterey Car Week dit jaar. Naast Donkervoort als aanwezige is ook Spyker voor de zoveelste keer herstart om het nog eens te proberen. Je kan vinden van Victor Muller en Spyker wat je vindt, maar onze innerlijke chauvinist kan de poging toch waarderen. De Preliator XXV die het merk onthulde is wellicht niet het hoogtepunt van Spyker, trouwens. Wat vooral komt door de hoogtepunten die het merk in korte tijd wist op te bouwen.

Daarom zetten we even een paar van de beste Spykers op een rij waarvan sommige wel gebouwd werden en sommige niet (of eenmalig). In volgorde van oud naar nieuw en als we er eentje vergeten zijn: we horen het graag!

Spyker C8

2000

Dan beginnen we uiteraard met de Spyker C8, hoogstwaarschijnlijk de auto waar je aan denkt bij een Spyker. Het was de auto die de basis legde voor de nieuwe invalshoek van het merk. Een bijzonder ontworpen auto met gave details aan de buitenkant in chroom en aluminium afgewerkt. Een meesterlijk interieur met allerlei linkjes naar vliegtuigen, waaronder het vierspaaks 'propellorstuur'. En natuurlijk die versnellingspook waar het mechanisme open en bloot te zien is met zo'n heerlijke mechanische klik. Technisch was er sprake van de 4.2 Audi V8 met 400 pk, wat een top van 300 km/u opleverde. De allereerste C8 was de Spyder, de Laviolette met vast dak volgde iets later. De C8 is relatief de minst zeldzame Spyker met enkele honderden gebouwd, maar een massaproduct was het nooit.

Spyker Double 12S

2002

Spyker en motorsportambities gaan ook hand in hand. Vandaar dat voor de racerij de Spyker Double 12R werd ontwikkeld met een langere achterkant voor betere aerodynamica. De motor in die raceauto was een Mader-BMW 4.0 liter V8 met 600 pk. Voor de straat onthulde Spyker de langere C8 als Double 12S, maar dan wel met de Audi V8. Een tamme 400 pk zoals de C8 kon, maar als je echt van doortrappen houdt kon de motor tot en met 620 pk krijgen. Dan was de topsnelheid 345 km/u. Er was ook een prototype van een straatversie met de Mader-BMW V8, maar de meeste hadden de Audi V8. Spyker bouwde slechts 3 Double 12R's en de straatversie werd in oplage van 15 stuks gebouwd. Leuk feitje: het Duitse MTM bouwde een versie van de Double 12S met een supercharger op de V8, goed voor 500 pk!

Spyker D12 Peking-to-Paris SSUV

2006

We willen niet doen alsof wij dingen beter weten dan Victor Muller, echt niet. Maar wij verwachten nog steeds dat de Spyker D12 Peking-to-Paris een kantelpunt had kunnen zijn in de hele geschiedenis van Spyker. Anno 2006 was de SUV-markt nog niet zo overbevolkt als nu, maar bewezen verschillende luxemerken (waaronder Porsche) dat een SUV een goede melkkoe kan zijn. Vandaar dat Spyker de essentie van een C8 pakte en het verpakte in een vierdeurs coupé-SUV. Nog steeds wel met de iconische Spyker-designtaal, met terugwerkende kracht een geniaal design voor een SUV. De motor zou wederom van Audi vandaan komen, maar de 500 pk sterke W12 worden. Spyker zag echter geen brood in een überluxueuze SUV. Alsof dat idee never nooit zou aanslaan. Daar hebben de Q8, Bentayga, Cullinan, Levante, Cayenne, Eletre, Urus en Purosangue waarschijnlijk een andere mening over.

Spyker C12 Zagato

2007

Vaak heeft Spyker hun eigen boontjes kunnen doppen, maar een samenwerking was er ook. Designhuis Zagato deed hun plasje over de Spyker-basis om zo met de C12 Zagato te komen. Die W12 die het merk wilde voor de SUV? Die past ook achterin bij de C12. Het Zagato-design was nog steeds onmiskenbaar Spyker, maar wel substantieel anders dan de C8. Er wordt nog wel eens gediscussieerd over of de C12 Zagato nou prachtig is of het bij lange na niet haalt bij de C8. Wat we wel zeker weten: hij zou 490.000 euro moeten kosten als hij in meer dan één exemplaar geproduceerd zou zijn. Er was trouwens ook het idee om de W12 achterin de C8 Spyder te leggen om tot de C12 La Turbie te komen, maar beide twaalfcilinderprojecten werden gecanceld.

Spyker C8 Laviolette LM85

2008

Spyker deed dus vrij veel dingen met de racerij, maar over de successen daarin moeten we het niet te lang hebben. Het enkel in 2007 bestaande F1-team bijvoorbeeld, dat was niet echt je van het. Iets beter ging het in de GT2-klasse met de Spyker C8 GT2-R. Een winst zat er nooit in voor deze auto, maar twee podia wel. Spyker bedacht om de C8 Laviolette te voorzien van een LM85-versie, met de LM van Le Mans en de 85 voor het nummer dat Spyker vaak voor de racerij gebruikt(e). Ook al waren de specs vrijwel identiek aan de Laviolette, het uiterlijk leek op die van de GT2-R met de zilver en oranje livery en een spoiler achterop. Het interieur is iets meer gestript (geen vloermatten bijvoorbeeld) en levert een deel van zijn lederen dashboard in voor alcantara. Er zouden 24 gebouwd worden als linkje naar de 24 uur van Le Mans, maar dat werden er slechts 15.

Spyker C8 Aileron

2008

Kijkend naar al deze modellen zou je kunnen zeggen dat Spyker misschien een beetje te hard van stapel is gelopen tijdens de doorstart in 2000. De C8 was een relatieve hit, maar al die randzaken in de racerij hebben het bedrijf misschien iets te veel geld gekost voor weinig baten. Deel twee van het C8-avontuur volgde in 2008. De C8 Aileron is misschien wel de mooiste Spyker die het merk bouwde. De styling lijkt een voorzichtige evolutie van de Laviolette, maar het langere silhouette en de scherpere koplampen passen allemaal net ietsje beter. Het interieur bleef vrijwel identiek aan dat van de Laviolette qua styling, behalve dat propellorstuur (daar moet nu een airbag in passen). De motor bleef de 4.2 V8 van Audi met nog steeds 400 pk, iets waar Spyker waarschijnlijk nog wel wat winst had kunnen pakken. Van de Aileron was qua productie minder sprake van honderdtallen en meer van tientallen.

Spyker B6 Venator

2013

Dan komen we bij de Dark Age van Spyker. Nadat de overname van Saab ervoor zorgde dat het Zweedse merk op de fles ging, gingen de zaken bij Spyker ook niet geweldig meer. Dat levert twee doodgeboren modellen op. De eerste had net als de D12 best een succes kunnen zijn. Spyker ontwierp een bijzondere koets voor een kleinere sportauto met V6. Tenminste, VR6: de B6 Venator die we in 2013 te zien kregen, was gebaseerd op de geflopte Artega GT met dus een 380 pk sterke versie van Volkswagens VR6. Bedoeld als coupé en later gepresenteerde cabrio moest de Venator met 150.000 euro de instap-Spyker worden. Het spitse Spyker-front was een mooie evolutie van de Aileron en de bijzondere achterkant met LED-verlichting was briljant bedacht. Het werd niks, maar de B6 Venator Roadster is toch uiteindelijk gebouwd als straatlegale one-off dankzij SpykerEnthusiast Jasper den Dopper.

Spyker C8 Preliator

2016

Misschien een beter idee: pakken wat de B6 Venator mooi maakte, en het gewoon op een reeds bestaande C8 Aileron plakken. Drie jaar na de Venator kwam Spyker met de C8 Preliator. Een auto die proportioneel en technisch erg leek op de Aileron, maar dan gemoderniseerd. Tenminste, het interieur is nog steeds same old. Het exterieur kreeg dus diezelfde bijzondere achterkant en de herziene spitse Aileron-voorkant. En eindelijk: tijd voor evolutie in de motorruimte. Ja, het is nog steeds de Audi 4.2, maar nu goed voor 525 pk. De Preliator was een dappere poging, maar helaas kon Spyker er niet meer dan één bouwen voordat het hele feestje eindigde. Wel, niet, wel, niet failliet, wel, niet, wel, niet Victor Muller die het nog wilde en ondertussen geen auto gebouwd.

Spyker C8 Preliator XXV

2026

Dat brengt ons naar deze week en tien jaar na de Spyker Preliator. Met de... Spyker Preliator. Ja, de styling is niet waar de grootste veranderingen plaatsvinden. Er zijn wel wat veranderingen geweest aan het uiterlijk bij de Preliator XXV, vooral de zilveren afwerking die nu goud is geworden. De vin achterop voorkomt een grote spoiler met uitlaten die bovenop de motor naar buiten komen. Het interieur is ook herzien, maar nog steeds dat bijzondere mechanisme voor de pook. Dat is nog steeds een handbak, maar dan gekoppeld aan de 4.0 liter Audi V8 met twee turbo's. Goed voor 800 pk en 1.000 Nm, wat wel een serieuze stap vooruit is. Waar de Preliator voor rond de 350.000 euro in de markt zou moeten komen, gaat de Preliator XXV nu 1,5 miljoen euro kosten en er worden maar 25 stuks gebouwd. Tenminste, dat is het doel. Gaat het lukken? Dat moet blijken.

Volg ons ook op Google Nieuws
Stel Autoblog in als voorkeur op Google Discover

Video