Nog niet klaar

Op een slimme manier redt deze sportwagenbouwer zijn V12

Praat mee!
Redacteur Autoblog
Op een slimme manier redt deze sportwagenbouwer zijn V12

Laat ergens het woord 'V12' vallen en er duikt een of andere EU-wetgever achter een boom vandaan met een CO2-meter. Toch is er een fabrikant die voorlopig nog geen afscheid hoeft te nemen van de legendarische twaalfpitter. Wie dat is? Niemand minder dan Britse superheld: Aston Martin. En sterker nog, de autobouwer heeft een slimme manier gevonden om die heerlijke motor nog jaren in leven te houden.

De maas in de wet

Aston Martin-topman Adrian Hallmark bevestigt aan Auto Expres dat de 5,2-liter twin-turbo V12 her en der is aangepast om aan de Europese en Amerikaanse emissie-eisen te blijven voldoen. Maar het echte nieuws zit ergens anders.

Omdat Aston Martin jaarlijks minder dan 1.000 auto's met een V12 verkoopt, valt het merk onder een uitzonderingsregeling voor kleine fabrikanten. Daardoor kan de twaalfcilinder in theorie gewoon tot minstens 2035 blijven bestaan, ook al zijn er steeds strengere emissieregels. Dat betekent dus dat modellen als de Vanquish én exclusieve sappige specials zoals de Valiant voorlopig gewoon een V12 kunnen blijven houden. Hoera!

Geen stekker, wel stroom

En opvallend genoeg kiest Aston Martin niet voor plug-in hybrides. Volgens Hallmark wegen de extra kosten, het hogere gewicht en de technische complexiteit gewoon niet op tegen de voordelen. En daarnaast ziet het merk dat PHEV's in de praktijk vaak ook gewoon lekker op benzine rijden.

In plaats van dat allemaal kiest Aston voor 48-volt mild-hybridtechniek. Daarmee worden onder meer de turbo's en de airco ondersteund, terwijl de auto soms met uitgeschakelde motor kan uitrollen of stapvoets elektrisch kan rijden in druk verkeer. Niet dat je tientallen kilometers volledig elektrisch rijden kan verwachten, maar wel een iets lager verbruik en een kleine vermogensboost.

Achter de schermen verandert alles

Ondertussen werkt Aston Martin aan een compleet nieuw modulair platform voor de volgende generatie sportwagens en SUV's, die ergens over drie a vier jaar moeten verschijnen. Dat platform is alvast voorbereid op volledig elektrische aandrijving, al schuift Aston die plannen bewust door naar de jaren dertig. Volgens Hallmark is de markt voor elektrische luxeauto's gewoon nog niet volwassen genoeg.

Daarnaast gaat Aston nóg meer samenwerken met Mercedes. Motoren, elektronica en software blijven deels uit Duitsland komen, terwijl Aston zich vooral richt op het onderstel, de afwerking en dat lekker typische Britse karakter.

Voor liefhebbers is de belangrijkste conclusie in ieder geval een stuk eenvoudiger. Zolang Aston Martin dus onder die grens van duizend V12's per jaar blijft, is de iconische twaalfcilinder voorlopig nog niet met pensioen. En dat vinden wij helemaal niet erg.

Volg ons ook op Google Nieuws
Stel Autoblog in als voorkeur op Google Discover