Le Monstre: vreemde verschijningen op Le Mans

Auteur: , 12 Reacties

Wie denkt dat de Nissan Deltawing (en Zeod RC) een vreemde deelnemer is aan de 24 uur van Le Mans, komt enigszins bedrogen uit. Begin jaren '50 trad een wel heel bijzondere Cadillac aan.

Cadillac Le Monstre

Het circuit van Sarthe heeft altijd vreemde deelnemers gekend, of het nu gaat om de DB Panhards die met petieterige 750 cc flat twin motortjes de 24 uitreden of een Fiat Dino Spider die licht gemodificeerd deelnam, om na de race gewoon als occasion verkocht te worden.

Één van de meest vreemde creaties blijft in mijn ogen de in 1950 ingeschreven Cadillac van Briggs Cunningham die gelijk door het Franse publiek –liefdevol- werd omgedoopt in “Le Monstre“. Cunningham was een Amerikaanse racelegende en miljonair die koos voor Cadillac omdat de 1950 Caddy de meest hete auto was die je kon kopen. In dat jaar had Cadillac namelijk de V8 met kopkleppen geïntroduceerd, een motor die de blauwdruk zou worden voor alle toekomstige Amerikaanse fabrikanten, Ford en Chrysler incluis.

Cunningham hield niet van half werk, hij schafte zichzelf twee Cadillac Coupés aan, liet er eentje slopen om er door Grumman (een vliegtuigfabriek) een gestroomlijnde aluminium carrosserie op te laten monteren en zo ontstond Le Monstre. Cunningham introduceerde een nieuwe interpretatie van de Amerikaanse racekleuren die altijd blauw-wit waren geweest, een blauwe bovenkant met witte zijpanelen, de man zou een paar jaar later de door ons zo geliefde race-strepen uitvinden.

Die Caddy’s waren de supercars van begin jaren vijftig, alleen een Jaguar XK 120 of een DB2 van Aston Martin kon iets tegen ze uitrichten, maar qua pure kracht en betrouwbaarheid was er weinig tegen ze bestand. Ze waren uitgerust met een 3-versnellingsbak, Bendix-remmen met bekrachtiging, een speciaal stuurhuis en een onafhankelijke voorwielophanging.

Jammer genoeg was Cunningham zo eigenwijs om het voorstel een uitklapbare schep mee te nemen in de wind te slaan, hij reed zichzelf vast in een zandbank met Le Monstre (wie heeft er nou vangrails nodig?) en had meer dan twintig minuten nodig om zichzelf uit te graven met….een geleende schep van een toeschouwer.

De Caddy’s mochten trouwens niet boven de 4400 RPM (toeren) komen, omdat de kleppen gingen zweven, in die tijd mocht je namelijk niet je motorblok zelf modificeren, maar toch wisten ze te eindigden op een respectabele 10e plaats voor de Coupé, met bumpers en autoradio (!) en Le Monstre werd nummer 11.

En Briggs Cunningham?

Wel, die had de smaak goed te pakken, hij zou vele malen schitteren op Le Mans met door hemzelf gebouwde en ontwikkelde auto’s en uitgroeien tot een legende.

Met dank aan @desjonnies voor deze gastbijdrage!
Foto credit: Cadillacclub.ch



12 reacties

Mooi verhaal weer van desjonnies, dit was zelfs voor mij nieuw..
Mooi verhaal idd.
@sir_smokalot Mooi stuk, dit zijn de pareltjes.
Dat verhaal van die Dino had ik ook nog niet eerder gehoord.
@desjonnies: Ik leer telkens iets bij wanneer ik een stuk van jou lees. Komen er nog gastbijdrages? Anders zal ik het wel doen met je reacties :)
En ook super van Autoblog om deze stukken er bij te nemen, die info over de LMP1’s van dit jaar vond ik ook interessant, al wist ik het meeste wel al. Ik ga nog eens zoeken naar @Alwood zijn artikels over het onderhoud van je wagen denk ik..
Mooi stukkie heur.
Altijd sexy zo’n 50s Cadillac! Tof dat die Coupe (Series 62?) gewoon kon meedoen. Leuk stukkie!
Ik zou graag wel meer artikelen van desjonnies lezen, ik geniet alleen al van zijn reacties.
Heb dat ding eens live gezien op Goodwood. Keek mijn ogen uit.
Nu live op Eurosport een race op LM met oude groep C auto’s. Wat is die Mercedes waar Schumacher ooit mee reed toch mooi.

Geef een reactie:

Je moet ingelogd zijn om reacties te posten, registreren kan HIER (ook via Facebook).