Rijtest en video: Audi A6 Avant 2011
Audi A6 Avant 2011


De A6, maar dan als station dus en daarmee vooral veel extra bagageruimte. Wezenlijk anders gaat de Avant er niet van rijden, dus daar hebben we de test op geconcentreerd...
Wegens het lek zijn van de opblaasbare kofferset (goedkoop kunnen overnemen van een failliet autoblad) hebben we helaas geen exacte meting van de kofferbakruimte kunnen doen. De suggestie om de bak met water te vullen totdat deze overliep, bleek ook geen briljante. Die bak bleek overigens ook lek, het water loopt er op een gegeven moment gewoon onderuit. Voorlopig houden we het er dus op dat de bagageruimte groot genoeg is voor een vakantie van een gemiddeld gezin. Volgens Audi is de kofferbak 565 liter groot, nipt meer dan de 5-serie Touring en een heel stuk minder dan de bagage-kampioen AKA de E klasse Estate. Heb je geen behoefte om de kinderen mee te nemen, dan kan de bak ook plat en kan er voor 1680 liter aan spannende jurkjes en FMH schoenen mee.

De optionele elektrische kofferklep werkt net zoals bij alle andere merken. Te snel er een ruk aan geven, zoals je gewend bent, werkt niet. Je moet de hendel indrukken en dan vervolgens de klep zelf het werk laten doen, anders blokkeert die. Sluiten is een stuk makkelijker: ram op de knop en zowel de bagage-afdekhoes als de klep zelf sluiten zich. Het lijkt volstrekt overdreven, maar geloof me, na een paar dagen wil je niets anders meer. Overigens zou de klep zich ook moeten laten openen door met de voet onder de achterbumper te bewegen, maar zelfs met hard schoppen gebeurde er niets. Het zat er niet op, het was stuk of ik ben te dom om te begrijpen hoe het werkt.

De Avant neemt 60% van de verkopen van de A6 in en natuurlijk is in België en Nederland een hoofdrol weggelegd voor de instappers: de 2.0 TDI en 2.0 TFSI. Helaas waren al die testauto's vergeven, dus goed chagrijnig doken we de autobahn op, in een tot de nok met opties gevulde A6 Avant 3.0 TFSI S-line. Tot de S6 verschijnt is dat de sterkste benzine versie, maar niet de sterkste A6. Dat is namelijk de nieuwe twinturbo 3.0 TDI die er een indrukwekkende 313 pk uitschopt. Audi is overigens rijkelijk laat met een twinturbo diesel, want aartsvijand BMW voert al jaren de 35d motor. De twinturbo 3.0 TDI A6 sprint er meer in 5,4 seconden naar de 100, wat precies tweehonderste sneller is dan de 300 pk sterke 3.0 TFSI.

De tijd dat je met de instap-motorisering tante Joke in haar Alto voor moest laten gaan, is inmiddels wel voorbij. De 2.0 TDI levert 177 pk en de 2.0 TFSI 180 pk, waarmee sprinttijden naar de 100 in een ruime 8 seconden mogelijk zijn en de topsnelheid zo'n 230 km/u bedraagt. Het mag dan ook niet verbazen dat de 3.0 TFSI met 300 pk gewoon bloedsnel is. Toch voelt het niet zo, cameraman Patrick durfde zelfs openlijk te twijfelen of de A6 Avant wel in de geclaimde 5,6 seconden naar de 100 stormt. Toch redt de A6 het zeker, alleen Audi's nieuwste is erg goed in het maskeren van de snelheid. Tweehonderd op de autobahn leek eerder de helft en pas als er bochten op de B-wegen waren werd duidelijk dat de 3.0 TFSI met supercharger de A6 erg makkelijk een slinger richting zwaar illegale snelheden geeft. Zelfs bij vol gas schakelt de zeventraps automaat zijdezacht en bijna ongemerkt. Pas als je bij de exit van een bocht bent, merk je dat zeven stuks wel heel versnellingen zijn en dat de bak dan wel eens twee of meer trapjes terug moet. Voor het sportievere werk op bochtige wegen, is het dan ook beter om zelf met behulp van de flippers vast terug te schakelen. In de minder krachtige motoren is een handgeschakelde zestraps versnellingsbak standaard en heeft de optionele Multitronic automaat zelfs acht verzetten.

In een A6 hoef je niks tekort te komen, hoewel je bankrekening of leasebudget waarschijnlijk wel gedecimeerd is. Alles wat Audi aan goodies heeft, is op de A6 Avant te bestellen. Highlights zijn de WIFI UMTS hotspot waarmee de passagiers hun datalimiet kunnen besparen (Autoblog toptip!), de Google Maps navigatie (die kan crashen), het touchpad waarmee je letters kan schrijven (handig), de headsupdisplay en de adaptieve luchtvering.


Hoewel de A6 geen vedergewicht is (de 2.0 TDI legt 1640 kg in de schaal) gaat Audi er toch prat op dat de A6 tot 70 kg lichter is geworden dan zijn voorganger. In de carrosserie wordt 20% aluminium gebruikt en daarmee is de A6 enkele tientallen kilo's lichter dan de concurrentie. Helaas wordt dat gewichtsvoordeel bij de sterkere versies weer ongedaan gemaakt door de montage van Quattro vierwielaandrijving. Het betreft de laatste generatie Quattro met kroonwieldifferentieel en torque vectoring (simpel gezegd: zoals een tank stuurt). De A6 gaat er voortreffelijk de hoek mee om, onderstuur is er vrijwel niet en er is zelfs een heel klein toefje overstuur mogelijk onder de juiste omstandigheden. Gezien de grootte en het comfort wat de A6 ook moet bieden, kun je geen snaarscherpe reacties verwachten. Toch doet de A6 met S-line onderstel het wel, hoewel het nog steeds meer als een computerspel voelt dan echt inspirerend zelf rijden. De echte sportievelingen kunnen nog beter wachten op de S6 of RS6.


Ten opzichte van de A6 limousine vraagt Audi een bescheiden meerprijs van pakweg 1000 euro. De instapper is de 180 pk 2.0 TFSI die voor 47.580 euro weg mag. De 3.0 TFSI is kaal 68.200 euro, maar op het testexemplaar zat zo'n beetje alles aan opties. En dan komt er zo maar een halve ton bij. Absolute topper zijn de Bang & Olufsen speakers (met tweeters die automatisch uit het dashboard omhoog komen), dat systeem kost 9583 euro, maar klinkt dan ook fantastisch.
[lg_folder folder="0_Reviews/Audi/A6_Avant_2011" count="12" cols="4" paging="true"]




