Special: Mercedes-Benz R63 AMG (W251)
MercedesBenz R63 AMG (R251) '05

Soms koopt men de auto niet die men nodig heeft. De R-Klasse was zo'n auto.
Een goede vakantieauto rijden is net zoiets als skischoenen dragen, jezelf insmeren met factor 40, malariaprikken laten inenten en elke dag net even een paar ‘Mythos’-biertjes te veel drinken in de zon. In sommige gevallen is het verreweg de beste keuze, maar het zit je uiteindelijk meer in de weg dan dat je er plezier van ondervind.
Succes Mercedes M-Klasse (W163)
Tegenwoordig zijn we gewend dat de Duitse Drie (Audi, BMW en Mercedes-Benz) een enorm modellengamma hebben, maar dat is niet altijd het geval geweest. In de jaren ’90 was de modelrange nog zeer overzichtelijk. Er waren drie sedans (C-, E- en S-Klasse), een roadster (SL-Klasse) en een terreinauto (G-Klasse). Dat was het. Eind jaren ’90 kwam daar verandering in. In Europa opende Mercedes-Benz een aanval op het C-segment met de A-Klasse, alhoewel met matig succes. Het grootste succes is natuurlijk de M-Klasse. Het was de eerste terreinauto-achtige die voornamelijk bedoeld was voor de verharde weg. De M-Klasse veegde de vloer aan met de bestaande concurrentie (Grand Cherokee, Discovery, Land Cruiser) als het ging om manieren op verhard. Overigens is, achteraf gezien, de M-Klasse meer de laatste telg van die garde: de auto stond op een ladderchassis. De BMW X5 verzette de echte bakens. Echter, nog voordat BMW de X5 lanceerde, was Mercedes-Benz lekker aan het cashen met de ML.

Eerste voorproefje: Mercedes-Benz Vision GST Concept
Mercedes wilde het succes van de ML natuurlijk verder uitbuiten. In plaats van compactere crossovers dacht Mercedes aan de ML-behandeling, maar dan voor MPV’s. Dus een auto met de voordelen van een MPV, verpakt in een luxe en chic koetswerk. Het eerste wapenfeit was de Mercedes-benz Vision GST Concept. GST stond voor Grand Sports Tourer en moest een soort luxe en snelle MPV voorstellen. De GST kreeg het beste wat Mercedes op dat moment maakte om er de ultieme reisauto van te maken.

Denk aan 4-ETS vierwielaandrijving, Airmatic luchtvering en het Pre-Safe systeem dat een ongeluk van te voren ziet aankomen en maatregelen kan treffen voordat de impact daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. Er waren twee items die wel héél bijzonder waren op deze MPV-achtige. De eerste was de motor: onder de kap van deze concept ging namelijk de M113 schuil, een 5,4-liter V8 met 360 pk van AMG. Het tweede item betrof de keramische remschijven. De Mercedes-Benz Vision GST Concept maakte zijn debuut op de North American International Motor Show in Detroit in januari van 2002.

Tweede voorproefje: Mercedes-Benz Vision GST-II Concept
Ondanks redelijk lovende kritieken op de GST, bleef een productiemodel voorlopig nog even uit. Sterke: de GST Concept kreeg een opvolger in de vorm van nóg een GST Concept. Exact twee jaar na de eerste GST Concept toonde Mercedes, wederom in Detroit, een nieuw GST Concept. Deze tweede concept zag er al een stuk minder ‘concept’-achtig uit en juist meer productierijp. Natuurlijk, de wielen waren aan de grote kant, maar dat is vaak het geval bij showauto’s. De GST was officieel nog geen productiemodel, maar Mercedes kondigde wél aan dat deze auto ergens in 2005 al in productie zou kunnen gaan. Volgens Mercedes was de GST een sedan, stationwagon, SUV én een MPV in één auto. De nadruk lag wederom op luxe. Ondanks de ruimte was het geen acht- of negenzitter. De auto was voorzien van 4 zogenaamde 'captain's chairs' en twee extra zitjes, verdeeld over drie rijen.

In motorisch opzicht was de GST-II Concept heel erg bijzonder. Het was namelijk een zogenaamde ‘hybride des doods’. De gemiddelde GroenLinks-fanaticus zal heel erg blij zijn om te horen dat de auto een hybride is, dat is immers goed voor het milieu! Echter, de relatief kleine 50 kW elektromotor was gekoppeld aan een V8. Op diesel. Jazeker, de GST-II had de 250 pk sterke V8 biturbo dieselmotor uit de S400 CDI tot zijn beschikking. Volgens Mercedes-Benz kon de GST met deze aandrijflijn van 0-100 accelereren in 6,6 seconden. De topsnelheid was een begrensde 250 km/u.

Derde voorproefje: Mercedes-Benz Grand Sport Tourer Vision R
Dus wat doe je na twee conceptauto’s die er al behoorlijk productierijp uitzagen? Precies, je komt met nóg een concept. Die logica hanteerde Mercedes-Benz althans. De ‘Mercedes-Benz Grand Sport Tourer Vision R’ was het derde concept dat Mercedes toonde, ditmaal op de Salon van Parijs in 2004. Qua uiterlijk leunde de auto sterk op zijn voorgangers. Nog altijd was het een luxe 4+2-zitter met veel hout, chroom, leer en aluminium voor een rijke uitstraling. Het belangrijkste aspect was in dit geval echter niet de mate van luxe, maar de techniek.

Hoe leuk een 5,4-liter grote AMG-V8 en een V8 diesel hybride ook is, logisch is het niet. De Gran Sport Tourer Vision R was voorzien van een meer realistische 3.0 V6 CDI-motor met 218 pk en 510 Nm aan koppel. Toevallig was dat koppel exact even hoog als de 5,4-liter V8 uit de eerste GST concept uit 2002. Deze V6 CDI voldeed toen al aan de Euro4 emissie-eisen, die destijds als ‘stringent’ te boek stonden. Mercedes-Benz kon voldoen aan die eisen dankzij een partikelfilter.

De Mercedes-Benz Grand Sport Tourer was een van de twee ‘Sport Tourers’ waar het merk uit Stuttgart furore mee wilde maken. Er was namelijk ook een kleine variant, die Mercedes Vision Compact Sport Tourer B noemde. Bijzonder aan de CST was de opbouw, de auto stond namelijk op een 'sandwich-bodem', waardoor deze relatief eenvoudig plaats kon bieden aan alternatieve aandrijflijnen. De CST was uiteraard een voorbode voor de Mercedes-Benz B-Klasse.

Officiële onthulling
In maart van 2005 was het dan ein-de-lijk zover. Na veel te veel conceptmodellen werd de GST onthuld. De naam werd omgedoopt tot ‘R-Klasse’. De 5,15 meter langer R-Klasse was strikt een zeszitter met zes aparte stoelen. Om te zorgen dat alle inzittenden voldoende comfort tot hun beschikking hadden, was de R-Klasse voorzien van dual zone climate control. Dit was uit te breiden naar ‘Thermatronic’ voor meerdere zones, waardoor bijna elke inzittende precies in de gewenste temperatuur op reis kon gaan.

Dieseloffensief
De R-Klasse werd aangekondigd in maart, maar het zou nog wel even duren voordat de auto op de markt kwam. Sterker: voordat de auto leverbaar was in Europa, toonde Mercedes-Benz nóg een concept als voorbode. Jazeker, in 2005 was Mercedes-Benz ervan overtuigd dat diesel het helemaal zou worden. Daarom werd er een hele serie dieselconcepts getoond, waaronder een SL 420 CDI (V8, 305 pk) en een SLK 350 CDI met een 286 pk triturbodiesel. Ook de R-Klasse maakte deel uit van het nieuwe dieseloffensief. Overigens niet met een exotische dieselmotor, maar gewoon de ‘320 CDI’ met 218 pk. In principe waren alleen de lak en de enorme wielen bijzonder.

Verenigde Staten
Rond diezelfde periode (derde kwartaal van 2005) kwam de auto op de markt in de Verenigde Staten. Dat was om meerdere redenen. Ten eerste vanwege het feit dat de R-Klasse in de Verenigde staten gebouwd werd. De R-Klasse was in technisch opzichte gelijk aan de tweede generatie ML en de eveneens gloednieuwe GL, de Range Rover van Mercedes. Mede daardoor was de R-Klasse standaard voorzien van 4-Matic vierwielaandrijving. Er was keuze uit een korte (2,98 meter) en een versie met lange wielbasis (3,22 meter).

Aandrijflijnen
De R-Klasse kon besteld worden met een lading aan prettige motoren van Das Haus. Op het gebied van benzine waren er twee opties: een R350 met 3.5 V6 (M272), goed voor 272 pk en 350 Nm. Deze variant was op zich voldoende snel – 229 km/u is voor niemand te weinig en met een 0-100 km/u-tijd van iets meer dan acht seconden (8,3) was de auto al zo’n beetje de snelste in zijn klasse. Mensen die meer wilden, konden nog kiezen voor de R500. Deze was voorzien van de overbekende M113 V8, in deze configuratie goed voor 306 pk en 460 Nm. Met deze motor was 245 km/u mogelijk en haalde je in 6,8 seconden de 100 km/u. Voor Europa was de V6 CDI het meest belangrijk, uiteraard. Natuurlijk, die 224 pk was niet echt indrukwekkend, maar het koppel (510 Nm) en het verbruik waren een stuk interessanter. Dankzij een tankinhoud van 80 liter kon je met gemak 800 km op één tank rijden. Voor wie 224 pk te veel was, kon er gekozen worden voor een 190 pk sterke 'R280 CDI'.

R63 AMG 'Vision'
Omdat Mercedes-Benz het niet kon afleren kwam er voor de zoveelste keer een conceptauto voor de R-Klasse. Ditmaal was het de minst logische variant. Mercedes wilde AMG meer in het zonnetje gaan zetten als ‘merk’ en wilde dat de heren uit Affalterbach hun eigen motoren ging bouwen. Tot nu toe maakte het merk gebruik van bestaande Mercedes motoren en paste deze aan om er een AMG-waardig product van te maken. Het resultaat was een 6,2-liter V8 die Mercedes omwille van historisch sentiment ‘6.3’ noemde. De motor werd gelepeld in de R-Klasse, met als resultaat de ‘R63 AMG Vision Concept’. Ondanks dat een dergelijke auto een geinige gedachte is, zou een productiemodel natuurlijk pure kolder zijn.

M156
Gelukkig weet Mercedes geregeld te verrassen met bijzondere AMG’s en gelukkig deden ze dat ook met de R-Klasse. De R63 AMG ging namelijk gewoon in productie. Het was de eerste Mercedes-benz met de nieuwe AMG-motor. In de R63 AMG was het blok goed voor monsterlijke waarden. De 6.208 cc metende 32-klepper was goed voor 510 pk bij 6.800 toeren en 630 Nm bij 5.200 toeren. Net als alle andere R-Klasses was de auto voorzien van een 7G-Tronic automaat en 4-Matic vierwielaandrijving.

De prestaties waren ongekend. Ondanks een kentekengewicht van meer dan 2.200 kilogram was het mogelijk om in 5 seconden naar de 100 km/u te knallen. De zwaardere R63 met lange wielbasis deed er een tiende langer over. Beide AMG’s waren voorzien van een begrenzer, waardoor het niet mogelijk was om harder te rijden dan 250 km/u. Natuurlijk is het niet leuk om het verbruik te bespreken.

Dat verbruik is net zoiets als het calorieaantal van een appeltaart mee te delen. Of hoeveel vriendjes je vriendin heeft gehad vlak voordat je haar gaat trouwen. Dat zijn gewoon dingen die je niet wil weten. De R63 AMG had een dieprood G-label, dankzij een gemiddeld verbruik van 1 op 6. Dat was gewoon de opgave van Mercedes, in het echt was het nog desastreuzer.

Niet succesvol
Zo snel als de R63 kwam, ging die ook weer. Wat bleek nou: niemand zat te wachten op een anderhalf ton kostende muscle-MPV. Sterker: zelfs voor de R-Klasse leek niemand warm te lopen. Aanvankelijk was het de bedoeling om er 50.000 op jaarbasis van te bouwen, maar dit getal werd nimmer gehaald. Al na twee jaar stelden de verkoopcijfers niet zoveel meer voor, eigenlijk. Zeker niet in vergelijking met de technisch identieke ML en GL. Daarom ging Mercedes van alles proberen om de auto toch maar aan de straatstenen kwijt te kunnen raken.

Omdat het uiterlijk niet bij iedereen in de smaak viel, kreeg de R-Klasse in 2007 standaard het AMG-pakket aangemeten. Ook ging Mercedes aanpassingen verrichten binnen het aanbod. Er kwamen namelijk veel meer goedkope R-Klasses. Denk aan R-klasses met kleinere motoren en enkel achterwielaandrijving. Zo was er een R280 met 231 pk en 300 Nm. MPV-rijders hebben nu eenmaal minder haast. Voor de enkeling die wel een snelle MPV wilde, werd de R500 voorzien van een nieuwe motor, ditmaal had de R500 een V8 van 5.5 liter. Deze was goed voor 388 pk en 540 Nm. Niet zo snel als de R63, maar meer dan dit had je echt niet nodig. De R500 was de enige R-klasse waarbij vierwielaandrijving standaard bleef. Ook was het mogelijk om de R-Klasse te bestellen als 5-, 6- of 7-zitsuitvoering.

Facelift
De updates wisten weinig aan de neerwaartse spiraal te veranderen. Mercedes bleek de R-Klasse namelijk inderdaad niet aan de straatstenen kwijt te kunnen raken. Iedereen die er eentje wilde, had 'm al. De rest interesseerde het niet zoveel. Ondanks dat de auto per jaar eigenlijk interessanter en aantrekkelijker werd, kwam er geen ziel op af. In 2010 werd het ‘2011’-model geïntroduceerd. Deze was voorzien van een compleet nieuwe neus, die meer in de pas liep met de ML en GL. In technisch opzicht veranderde er weinig. De R350 kreeg wat meer vermogen (306 pk), evenals de R350 CDI (265 pk). Tevens werden de prijzen verlaagd. De R300 (231 pk) en R500 (388 pk) bleven ongewijzigd.

De Mercedes-Benz R-Klasse verdween langzaam maar zeker uit het gamma van Mercedes-Benz. We zeggen bewust langzaam, want het scheelde een beetje van je woonplaats of je je leven kon completeren met een R-Klasse. In de Verenigde Staten stopten ze al met het ‘2011’-model, dat nog in 2012 werd verkocht. Vervolgens werd de R-Klasse vervangen door de Mercedes-Benz Metris. De naam van die auto klinkt luxer dan dat ‘ie eigenlijk is, de Metris is niets meer of minder dan een Vito met drie zitrijen, lichtmetalen velgen en meegespoten bumpers. In Europa mocht de auto het gek genoeg iets langer uitzingen. Tot en met de zomer van 2013 kon je je leven verrijken met de geneugten van een gloednieuwe R-Klasse.

Slechts een handjevol Nederlanders besloten nog éénmaal de ideale vakantie auto aan te schaffen. De R-Klasse heeft altijd een rol in de marge gespeeld. In 2006 en 2007 wist de importeur er nog meer dan 200 stuks op gele platen te zetten, daarna stortten de verkoopcijfers ineen. Logisch dat de R-Klasse voor Europa geschrapt werd.

AM General
Maar net zoals de auto op de markt werd gebracht, verdween deze ook: in heel veel fasen. Want in 2013 was er een markt waar de R-Klasse het nog best aardig deed: China. Daar werden features als de enorme ruimte, luxe en het potsierlijke uiterlijk juist gewaardeerd. Tot 2015 bleef Daimler AG de Mercedes-Benz R-Klasse produceren. We zeggen het bewust op die wijze, want de R-Klasse was niet dood te krijgen. De grote luxe bus was al 9 jaar oud en nog zag Mercedes-Benz een markt voor de auto in China. De productielijn in Gary, Indiana werd vrijgemaakt. Mercedes-Benz had extra ruimte nodig voor de Mercedes-Benz GLE Coupé. Alle R-Klasses komen uit de Verenigde Staten, maar de laatste twee jaar werd de auto gebouwd door AM General. AM General was het moederbedrijf van de Hummers en bouwde tot dat moment diverse militaire voertuigen.

Ironisch genoeg bouwde de fabrikant van idioot grote en protserige auto’s een grote en protserige Mercedes voor een markt waar groot en protserig nog op prijs werd gesteld. Maar lang duurde het niet. De R-Klasse werd er van 2015 tot 2017 geproduceerd. Dat was meteen het einde van de carrière van de R-Klasse.

Manusje van alles
De R-Klasse zal niet in de geschiedenis in gaan als de beste Mercedes-Benz ooit gebouwd. Of de best rijdende. Of de meest comfortabele. Het was ook niet de ruimste Mercedes-Benz. Zoals een Brits autotijdschrift treffend omschreef: “jack of all trades, master of none”. De Mercedes-Benz R-Klasse was een auto die overal een antwoord op had maar geen enkele keer de juiste repons gaf. Omdat de R-Klasse zijn pijlen op iedereen richte die een grote auto zocht, schoot ‘ie er bij iedereen naast.

Zie de R-Klasse als een restaurant waar ze nasi en rookworsten verkopen. Daarnaast hebben ze pizza, rösti en pannenkoeken. Ook staan canard d’orange, sushi en een Lange Lummel speciaal op het menu. Niemand die zin heeft in één van die items, heeft ook zin in een van de andere items die worden aangeboden. Ook wekt het geen vertrouwen op dat dat je een foie gras én haggis op een bord aanbiedt.

Daarmee doen we overigens de R-Klasse te kort, want de auto bood immers wat iedereen denkt nodig te hebben: veel ruimte, praktisch gemak en een hoge zitpositie. Wat wij eigenlijk willen is een stoer uitziende terreinwagen-achtige auto die je kan rechtvaardigen vanwege de vermeende kwaliteiten. Met andere woorden: men vond de auto lelijk. Voor de Grand Espace-rijders was de auto niet ruim en praktisch genoeg. De stationwagon-liefhebber vond de rijeigenschappen te matig. En alle mensen die hun zinnen hadden gezet op een fullsize SUV, wilden vooral een stoere auto die een beetje praktisch was, in plaats van een hele praktische auto die totaal niet stoer was.

De Mercedes-Benz R-Klasse werd daarmee het automobiele equivalent van een groot Zwitsers zakmes, nylon heuptasje, rugzak én ook zo’n broek met van die zakken aan de zijkant. Waanzinnig handig, prima mee te leven en stiekem zou je niet zonder willen. Dus als je zo’n persoon tegenkomt, weet je zeker: men vindt het niet mooi, maar stiekem heeft zo’n persoon alles voor elkaar. Terwijl wij ons blijven behelpen in een crossover. Daarom was de Mercedes-Benz R-Klasse de ideale vakantie-auto. En is hij dat eigenlijk nog steeds.




