Special: MG ZT 260

Auteur: , 71 Reacties
MG ZT

Soms is het verhaal en de drama dermate goed dat de auto zelf ook legendarisch wordt.

De beste voorwielaandrijver ooit bouwen. Dat was het doel. Dat is om een heleboel redenen opmerkelijk. Ten eerste is het nogal subjectief, hoe meet je het? Ten tweede waren merken als Alfa Romeo, Peugeot, Honda en Ford uitstekend in staat om puike voortrekkers te bouwen. Maar het was met name saillant vanwege de opdrachtgever: BMW. We hebben het over de jaren ’90, dus Beiers zijn uitgerust met achterwielaandrijving. Standaardaandrijving noemt BMW het. Maar bij het eerste echte product voor hun nieuwe merk, moest het roer om.

Roerige tijden in de Britse auto-industrie. Het fenomeen klinkt maar al te bekend in de oren. Dat is erg spijtig, want voor de Tweede Wereldoorlog was de Britse auto-industrie toonaangevend. In de jaren daarna moest het echter vooral worstelen met stakend personeel, eigenwijze (en slechte) techniek en een belabberde bouwkwaliteit. Meer en meer Britse autobedrijven moesten in de jaren ’70 en ’80 dan ook noodgedwongen hun poorten sluiten. De concurrentie uit Europa was gewoon te heftig. De finale nekslag kwam toen de Japanners voet aan de grond kregen. Jazeker, het waren uiterst saaie gebakjes, maar ze bleven wél heel.

Rover V8

Gingen alle Britse merken dan ten onder? Neen, niet alle Britse merken. Eén merk bleef dapper stand houden. Ondanks alles wist Rover zijn naam redelijk onbezoedeld te houden. In de jaren ’70 maakt het furore met de eerste goede Britse motor, de Rover V8. Een motorontwerp dat eigenlijk van Buick is, maar dat terzijde. In de jaren ’80 is Rover weer redelijk slim door samen te gaan werken met Honda. Dit resulteerde in de meest betrouwbare Rovers aller tijden (zoals de 400, wat eigenlijk een Honda Domino is) en tevens de meest onbetrouwbare Honda’s aller tijden (de eerste generatie Crossroad was gewoon een Land Rover Discovery). Het gamma van Rover was begin jaren ’90 zeker niet slecht. Oké, de 100 was ernstig verouderd, maar de 200, 400 en 600 waren echt prima aanbiedingen in hun klasse. Zelfs de 800 had zijn charme. Hoogtepunt was echter de Rover 600. Een strakke sedan met een chique uiterlijk, stijlvol interieur en puike rijeigenschappen. Gewoon een uitstekende auto.

Rover

Maar het was juist de 600 die het veld moest ruimen. Per verkochte 600 moest Rover namelijk een behoorlijk bedrag betalen aan Honda, omdat er gebruik werd gemaakt van hun techniek. De opvolger van de 600 stond te pronken op de Birmingham Motorshow in 1998. De terugkomst van de échte Britse saloon. Helaas had Ford de memo niet gekregen, waardoor de 75 compleet werd ondergesneeuwd door de eveneens nieuwe Jaguar S-Type. De 75 (spreek uit: ‘Seventy-Five‘) was echter wel een maatje kleiner, meer formaatje 3-serie terwijl de S-Type een 5-serie concurrent was. Een extra domper op de feestvreugde was dat toenmalig BMW Bobo Bernd Pischetsrieder het een goed idee leek om de gehele Britse overheid eens even flink af te kraken. Als de Britten niet snel hun zaakjes op orde zouden krijgen, zou de 75 wel eens de laatste Britse auto kunnen zijn. Het blijven toch smooth talkers, die Duitsers.

Rover 75

Aanvankelijk kwam de 75 enkel als sedan op de markt. De klanten konden kiezen uit diverse uitvoeringen. Het begon met een 1.8 viercilinder K-series. Deze 120 pk sterke motor is een oude bekende voor iedereen die een Lotus Elise, Caterham Super 7 of MG F heeft gehad. Boven het 1.8-je waren er twee zescilinders beschikbaar: een 2.0 en 2.5 met respectievelijk 150 en 177 pk. Prestaties waren niet het speerpunt van de 75. De snelste ging in 9,5 seconden naar de 100, terwijl de topsnelheid 215 km/u bedroeg. Op zich niet verkeerd, maar een Audi A4 of Mercedes-Benz C-Klasse was niet direct onder indruk.

Rover 75

Dat was intentioneel, leek het wel. De Rover 75 mocht namelijk niet te goed zijn. Dan zou het immers een concurrent kunen worden voor de BMW 3-Serie. Dit bleek ook uit de dieselmotor. De Rover 75 kreeg de 2.0 diesel mét common rail injectie (in tegenstelling tot de BMW), maar mocht niet sterker zijn dan de 320d (136 pk), waardoor de Rover met betere techniek terug werd getuned naar 115 pk. In die klasse toen toereikend, maar er had meer ingezeten. Een thema dat de auto constant zou blijven achtervolgen.

Rover 75

Het was 2000. Nederland kon geen penalties raken tegen Italië, Jos Verstappen liet mooie dingen zien in een Arrows en Britney Spears begon de hitlijsten te domineren. Het was ook het moment dat BMW het he-le-maal gehad had met de Britse overheid, de Britse bureaucratie, de Britse werkinstelling en de Britten in het algemeen. Ze hebben het absoluut geprobeerd, maar Rover kon gewoon niet gered worden, of toch wel? BMW verkoopt Rover namelijk aan de Phoenix Group. Een groep van vier investeerders die na betaling van 10 Pond eigenaar zijn geworden van Rover. Uiteraard zitten er wat addertjes onder het gras. De veelbelovende Land Rover tak is níet bij de koopprijs inbegrepen. Die wordt verkocht aan Ford. En BMW zag nog wel potentieel in MINI, dus ook dat merk ontbreekt bij de deal. Echt jaloers hoefden we dus niet te zijn op de Phoenix Group. De 200 en 400 waren al behoorlijk op leeftijd aan het raken en de verkopen van de 75 waren niet om over naar huis te schrijven.

Rover 25, 45 & 75

Maar de Phoenix Group zag in dat BMW zelf ook had aan zitten klooien met de 75. De kwaliteit van de auto was uitstekend, maar er waren geen sportieve varianten en eigenlijk nog belangrijker: geen stationwagon. Dat laatste werd snel verholpen. In 2001 kreeg de Saloon versterking van een Estate, door Rover de 75 Tourer genoemd. De 75 Tourer was al lang klaar voor productie, maar BMW zag het niet zitten om de auto in productie te nemen.

Rover 75 Tourer

Het andere wat Phoenix nogal dwars zat, is dat ze er bewust een oude-lullen auto van hadden gemaakt. Net als de S-Type was het een auto voor mannen met corduroy-broeken, brogues, tweed-jasjes en een pijp. Allemaal prima, maar je doelgroep wordt zo wel héél erg klein. Daarom komt de Phoenix Group met een pakket maatregelen om de 75 eindelijk het cachet te geven dat de auto verdient.

In 2000 stond er al een conceptversie daarvan op de Salon van Genève, de Rover 75 Sport concept/prototype (afbeelding boven). Wat er technisch aan veranderd was, werd niet vermeld. Maar dat deed er eigenlijk ook niet toe. Het ging er in dit geval om dat de 75 eindelijk een sportiever voorkomen had gekregen. Bij BMW waren ze not amused dat Rover dit probeerde. Er gingen de nodige geruchten dat Rover zelf buiten BMW om reeds bezig was om een wat stoerdere 75 te maken toen het merk nog in Duitse handen was. Er ging zelfs een gerucht dat Rover weer van de Triumph-naam gebruik gingen maken voor extra hardcore versies.

Dit zou uiteindelijk bíjna kloppen, echter zonder de naam Triumph. In plaats van een automerk nieuw leven inblazen, werd er gekozen voor een merknaam die al nieuw leven ingeblazen was: MG (Morris Garages). Van alle auto’s in het Rover gamma werden sportieve varianten gemaakt. In het concept stadium heetten deze auto’s nog de X10 (75), X11 (75 Tourer), X20 (45) en X30 (25). Niemand minder dan Peter Stevens was verantwoordelijk voor het smakelijke uiterlijk. Daar had de beste man al behoorlijke ervaring mee: eerder tekende de aimabele Brit de McLaren F1 en Lotus Esprit S3.

Niet veel later kwamen de productie uitvoeringen: ZR (25), ZS (45) en dus de ZT (75). De laatste was nog altijd een Rover 75, maar dan wel eentje die overduidelijk naar de sportschool was geweest. De ZT en de stationwagon-broeder van de auto genaamd ZT-T stonden lager op hun hun veren. Verder hadden ze dikke bumperkits, sportstoelen, dubbele uitlaten en kon je ze bestellen in de meest extroverte kleuren.

MG X11

Onderhuids wijzigde er ook een hoop. Dankzij andere veren en dempers was de wegligging drastisch verbeterd. De ZT was aanmerkelijk scherper zonder echt aan comfort in te leveren. Nice touch. De motoren werden ook aangepakt, maar ook daarbij moest je je er niet al te veel voorstellen. Er waren drie motoren, de ZT160 (1.8 turbo, 160 pk / 215 Nm), ZT190 (2.5 V6, 190 pk / 245 Nm) en zelfs een heuse diesel (ZT135, 2.0 turbodiesel, 135 pk / 300 Nm). Qua prestaties veranderde er dus wel wat, maar het was geen verschil van dag en nacht. Allemaal deden ze de 0-100 ruim onder de 10 seconden en haalden ze met gemak de 200 km/u.

MG ZT-T190 & ZT190

Als totaalpakket waren de ZT’s een goede aanbieding voor de liefhebber. De prijzen waren best gunstig, de uitrusting prima voor elkaar en de prestaties bovengemiddeld goed. Toch, het bleef een beetje knagen bij de Phoenix Group. Dit waren modellen die je goed kon verkopen. Maar de ZT moest BMW niet alleen weerwoord kunnen bieden, maar ook een flinke bloedneus kunnen bezorgen. Speciaal voor dit project werd de X-Power de divisie op gezet. X-Power moest het M Power van MG worden. Het plan was zeer ambitieus. Zo kwamen er rally auto’s (MG ZR), BTCC racers (MG ZS), LMP2 racers en getunede Caterhams (Super 7 X-Power). Het ontbrak nog aan één ding: een super saloon.

MG X-Power

Bij de ontwikkeling stonden de heren technici voor de keuze hoe dit aan te pakken. Een twinturbo op de V6 was een optie. ASR erop en klaar. Vierwielaandrijving was een optie, maar te complex. De transformatie die de ZT onderging was zeer bijzonder. De dwarsgeplaatste V6 werd vervangen door een lengte geplaatste V8 van Ford. Niet een oude Windsor, maar een heuse Modular V8. Dus met vier bovenliggende nokkenassen en 32 kleppen. Niet alleen de transformatie was bijzonder, maar ook het budget ervoor. MG Rover stond eigenlijk constant op het randje van faillissement. Het aankoopbedrag was weliswaar niet zo bijzonder, maar de fabriek in Longbridge draaiend houden kostte een godsvermogen. Erg efficiënt werd er daar niet gewerkt.

Modular V8

Het was de bedoeling om een hele serie achtcilinder ZT’s te maken. De instapper was de ZT-265, met de V8 in zijn meest eenvoudige afstelling. Een stapje hoger was de ZT-385. De ZT-385 had een door Roush aangepaste 4.6 liter V8 onder de kap. Een bruusk apparaat dat eigenlijk gewoon een junior-M5 was van MG. Wie had dat gedacht. Als we kijken naar hoe die E39 nu gewaardeerd wordt, zou deze MG ook iets van dat succes moeten kunnen afsnoepen. En voor de fetisjisten: de 75 had een overdaad aan BMW knopjes.

MG ZT

Maar MG Rover wilde nóg meer ambitie tonen. Om X-Power goed te kunnen lanceren stond zelfs een ZT-500 X-Power op de planning. Deze kreeg een supercharger boven op de V8. De ultieme BMW M-killer. Want met 500 pk had de MG ZT-500 X-Power 100 pk méér dan de iets grotere en zwaardere E39 BMW M5. 0-100 moest in iets meer dan vier seconden achter de rug zijn, terwijl de topsnelheid boven de 300 km/u zou komen te liggen. Inderdaad, zou komen. Verder dan een paar testexemplaren kwam MG helaas niet. Naar het schijnt is het eerste prototype aan de sloophamer ontsnapt en is deze momenteel eigendom van een enthousiasteling. Hoe typerend.

MG ZT X-Power 500

Dat wil niet zeggen dat ze het niet geprobeerd hebben. Integendeel! Om aan te tonen dat het menens is besluit MG een flink opgepepte ZT-T (een stationwagon dus) te onderwerpen aan een recordpoging. In samenwerking met SoCal, X-Power en de paardenfluisteraars van Roush bouwde MG de ultieme ZT-T. Door middel van ouderwetse, eerlijke en mechanische aanpassingen perste de ZT-T er meer dan 770 atmosferische paarden uit. Het record van de snelste stationwagon werd van Brabus afgepakt. De MG wist maar liefst 360 km/u te behalen op de zoutvlaktes van Bonneville.

MG ZT-T Bonneville

Omdat MG Rover echt met de laatste paar ponden op zak de auto op de markt moest brengen, werd besloten eerst de instapper te lanceren. De pers was zeer kritisch, maar de ZT260 kreeg van iedereen een dikke voldoende. Het is een typische ‘autogek’-auto. De uitwerking was namelijk briljant. De besturing was redelijk precies, de motor was zeer koppelrijk met een prettige vermogensopbouw. Het geluid was monsterlijk lekker. Maar het meest lovenswaardige feit was dat de balans perfect was. Je kon met de ZT-T kinderlijk eenvoudig schitterende drift neerleggen. Qua karakter had de auto wel wat weg van de Holden Monaro. Je beste maat op vier wielen. Serieus wanneer het moet, de lolbroek wanneer het kan. Zoals een beste vriend zoop de ZT260 als tempelier. Het verbruik stond totaal niet in relatie tot de geleverde performance, overigens. Maar als je zó makkelijk zó dwars kan, mag het verbruik exorbitant zijn.

MG ZT260

Want de performance was oké, maar niet geweldig. 0-100 in 6,6 seconden en een top van 250 km/u waren geen waarden waar een BMW 330i M-Sport (E46) wakker van lag. Maar dames en heren, er is een gigantisch verschil tussen prestaties op papier en de beleving in de realiteit. De snelheid kan dan hetzelfde zijn, maar de sensatie is compleet anders. De MG ZT reed namelijk magistraal. Gewoon cruisen was geen enkel probleem. De V8 had meer dan voldoende koppel onderin (410 Nm) om schakellui te rijden. Wel zo fijn, want de bak was niet perfect. Deze schakelde ietwat hakerig, niet heel precies en vereiste kracht. Voor een goede 0-100 tijd niet wat je wilt, maar als je goed met de koppeling en bak om wist te gaan, voelde je je net even wat beter over jezelf. Niet de auto heeft geschakeld, maar JIJ!

MG ZT 260

Kortom, de MG ZT260 was een keiharde flop. De auto kwam zag pas het levenslicht in 2004. Direct werd de auto overigens gefacelift. Om de auto minder op een BMW te laten lijken, kregen de Rover 75 en de MG ZT een nieuw front aangemeten met een ‘Rover’-smoelwerk. Op technisch gebied veranderde er niet zo heel erg veel. Het meest opmerkelijke was dat de ZT260 een Rover derivaat kreeg. Deze auto werd de Rover 75 V8 genoemd, een verwijzing naar die ene goede motor van weleer. Dit is een auto die absoluut in een rariteiten kabinet thuis hoort. Een comfortabele Brit met een onbehouwen motor. Alsof de Butler het doet met groupies van Metallica. Het kan wel en het mag ook. Maar het is ook heel erg ongepast.

Rover P5B & Rover 75 V8

Je kon de Rover 75 V8 herkennen aan de gigantische grille. Dat front was net een jaartje ervoor door Audi geÏntroduceerd als de zogenaamde single-frame-grille. Maar volgens de designer lag dat toch net iets anders. De grille moest zo groot zijn om ‘de koeling voor de V8 te kunnen waarborgen’. Dat de ZT deze grille niet nodig had, laten we dan maar even buiten beschouwing.

MG ZT 260

In 2005 was het over met MG Rover. De vier heren van de Phoenix verdwenen met de noorderzon en een hele hoop subsidieponden. Dat betekende ook het einde voor de MG ZT met V8. Deze versie is uiteindelijk maar heel kort in productie geweest. Met name de Rover variant is een witte raaf waar werkelijk niemand op zit te wachten. Precies om die redenen wil je er eentje. Van buiten houd je hem standaard, maar voor die Mustang V8 zijn voldoende onderdelen te vinden om er meer power te krijgen. De reguliere FWD modellen wisten het uiteindelijk langer vol te houden. Beide begonnen namelijk een redelijk succesvolle Chinese carrière, als Roewe 750 en MG 7. Echter, ze kunnen toch niet in de schaduw zijn van de MG ZT 260. Een auto uit de tijd dat men nog een compleet automerk dacht te kunnen redden met een V8 uit een Mustang. Krankzinnig.

Maar het had nog gekker gekund. Stel dat ze óók nog eens een supercar gingen bouwen. Oh, wacht: dat is precies wat ze hebben gedaan. Commerciële ramp: jazeker. Garantie voor kleur in de auto wereld: absoluut. Gelukkig hebben we de verhalen nog.

 MG model range: ZT260, ZS180, ZR160, TF160 & X-Power SV



71 reacties

Geweldig verhaal weer…leest lekker weg
Mooi geschreven!
De grap is dat de Engelsen wel konden, maar niet wilden.
Dat begon al onder BMC, het fuseren van aartsrivalen Austin en Morris in 1952 en ver in de tachtiger jaren was je of Austin (Longbridge) of Morris ( Cowley-Oxford) en dat zet gelijk de toon voor alle merken die bij elkaar werden gepleurd om één groot Brits auto bastion te bouwen.
Ze waren alleen vergeten dat de meeste fabrikanten dezelfde auto’s maakten en in dezelfde markt opereerden en als gevolg daarvan dat alle arbeiders in het Leyland conglomeraat elkaar het leven zuur maakten en -toen- vooral de Japanse en Franse concurrentie vaste voet op Engelse bodem kregen.
Zo mocht Triumph voor hun Stag niet de Rover-Buick V8 gebruiken, omdat kinnesinne, ze bouwden hun eigene V8 door twee Dolomite blokken aan elkaar te koppelen en ——het werkte niet.

En in de chaos van mismanagement, volkomen afwezige kwaliteits controle, vakbonden die bij Rover voor de productie van de SD1 3500 ‘sex-tijd’voor de werknemertjes eisen, want ze moeten zo hard werken, de SD 1 3500 schopt het tot auto van het jaar in 1976, is een instant hit : V8, 5-deurs prijs uitrusting op niveau, BMW wel niemand kon tegen de SD 1 op, op papier, maar de werknemers wisten snel de befaamde Leyland – kwaliteit in hun product te verwerken en de SD 1 krijgt al snel het imago van de rest van de Leyland producten namelijk BAR slecht en onbetrouwbaar.
http://www.classicandperformancecar.com/uploads/cms_article/5001_5100/rover-sd1-buying-guide-and-review-1976-1987-5060_13087_640X470.jpg
En dan komt die Duitse Heer, Pischetsrieder de boel overnemen van British Aerospace, dat concern heeft Leyland van Thatcher in hun maag gesplitst gekregen, ze hebben daar de vlag uitgehangen en zijn die avond ongelooflijk dronken geworden.
De reden dat Pischetsrieder Leyland over wilde nemen is al even schierongelooflijk als de geschiedenis van het concern : Hij was als kleine jongen en als jongeman altijd bijzonder onder de indruk geweest van de klasse van de Britse auto’s en de sfeer die ze uitstraalden. Serieus waar !
Hij was onder de indruk van Jaguars en Riley, dat laatste merk was eigenlijk BMW avant la lettre: sportieve elegante en snelle saloons, hier een na-oorlogs RMB model :
http://www.simoncars.co.uk/riley/slides/Riley%20front%20RMB.jpg

En dat is eigenlijk het ongelooflijke verhaal hoe en waarom BMW Rover wilde overnemen, ik ben er zelf in zoverre wijzer van geworden dat ik ooit één van de 50 Range Rovers die BMW als proefmodellen uit Engeland had laten overkomen om hen te helpen bij het ontwikkelen van wat later de X5 zou worden voor een appel en een ei heb overgenomen.
En raad eens wie er met ‘mijn’ Range Rover drie keer naar de BMW fabriek in Dingolfing was gereden : Juist! Bendt Pischetsrieder himself !
@desjonnies:
Hier Berndt Pischetsrieder als pensionado, rechts op de foto, I told you so wat hij voor troetelkind in de garage heeft staan !
http://www.autonews.com/apps/pbcsi.dll/storyimage/CA/20130715/RETAIL04/307159935/AR/0/AR-307159935.jpg
@desjonnies:

De boys van BMW ..
met hun oprechte intenties ..
Kapitaal injecties ..

Als een waterput van Oxfam Novib in Soedan ..
Binnen de korste keren vol lijkengif ..
@lincoln: en hoe draag jij bij aan het verbeteren van deze wereld?
Je reactie moet nog worden goedgekeurd.

Kom op nou zeg !
@desjonnies: ik zal er even naar kijken!
Bij mij in het dorp is een aannemer die een origineel Nederlandse ZT-T260 heeft en die hem eigenlijk gebruikt als VW tramsporter. Ook rustig een dikke aanhanger erachter en alles. Blijft altijd mooi om te zien!
Geweldig! Hoop er ooit nog een te bezitten en rijden
Een buurman had zo’n ZT-T V8. Het geluid na een koude start is werkelijk fenomenaal, een feest voor de trommelvliezen. De 2,5 V6, die ik zelf heb gehad (en dat zonder pijp, corduroy broek of andere narigheid) klonk en reed ook niet slecht, heel smeuïg.
@amghans: gaan met die banaan:
http://voorraad.vdpost.nl/zoekschermautodealers.aspx?did=1656&pw=1

Heb er even in mogen zitten, prachtig ding.
Elke dag nog spijt dat ik mijn smetteloze 75 sterling ooit van de hand heb gedaan ..
Goud met alle opties denkbaar ..
Eeuwig spijt ..

Anyway .. dat hele Rover is een spijtig verhaal op elk vlak ..
Kan nog steeds niet geloven dat er niemand van het Phoenix consortium de bak in is gegaan ..
TE BIZAR dat dit soort gore roof een steelwerk volstrekt legaal gedaan kon worden ..
Tijdloze klasse, zowel de ZT als de 75.

Sterker nog, in deze tijd waarin auto’s rijdende gadgets aan het worden zijn valt de schoonheid van de klassieke lijnen nog meer op. En niet alleen de buitenkant, ook het interieur oogt nog steeds voornaam.
@moveyourmind:

Klassieke wijzerplaten ..
Piping in mooie contrast kleuren ..
En de mooiste bil partij ever ..

Een mini Lincoln Towncar vond ik het altijd een beetje ..
@lincoln: Klopt helemaal! De bilpartij is een van de fraaiste in zijn klasse. En lijkt inderdaad erg veel op die van een Town Car. Zeer classy.
@lincoln: ik dacht even dat ik de enige was, maar ik vond de auto altijd ook op de Town Car lijken.
Ik las wel dat de de dwars geplaatste v6 werd vervangen door een in lengterichting geplaatste v8. Maar niet dat die ook van fwd naar rwd ging.
Wel een paar alineas later dat je er goed mee kon driften.
Zeer matige auto’s die rover’s/MG’s, niet voor niets dat ze niet meer bestaan.
@bofkont:
Matige onderdelen misschien?
Vriend had een ZT station en praktisch alle onderdelen stond BMW op.
@desjonnies: Technisch gezien wel ja, maar veel interieurdelen waren bij Bmw mooier afgewerkt en dan doel ik vooral op de plastic dashboard delen en de stoelen, ook het leder van bmw is hoogwaardiger.
@bofkont:

Hoeveel heb je er gehad dan ??
@lincoln: Loop al wat jaartjes mee in de auto wereld mijn beste, kwa afwerking is het gewoon allemaal duidelijk minder dan bij bmw destijds.
@bofkont:

Jouw “Autowereld” beperkt zich tot verheerlijken van de E46 en Alfa 156 ..
En dan nog juist om het feit dat je ze gehad hebt ..

Leuk dat je vindt dat jij uitstekende keuzes gemaakt hebt ..
Maar de “Autowereld” is toch echt groter dan wat jij ooit eens gekocht hebt ..
Begrijp niet dat jezelf niet helemaal flauw wordt van je bekrompenheid ..

Stap gewoon eens effe uit je coconnetje en probeer niet maar constant het verwende prinsesje uit te hangen ..
Clarkson napraters zijn er al in overvloed ..
@lincoln: Kleine wereldje??, heel wat auto’s mogen rijden testen van alle merken in die dik 20 jaar dat ik mijn rijbewijs heb.
156 heb ik ook genoeg op aan te merken kwalitatief als het over het interieur gaat.

Als een in een klein wereldje leeft ben jij het wel, te denken dat je het alleenrecht hebt op het gelijk.
Ik weet het je ongelijk toegeven is moeilijk voor je.
MG ZT is overigens nog wel een goed smoelende stoere wagen, helaas was de afwerkingskwaliteit zeer matig.
@bofkont: Je weet dat de kwaliteit en afwerking voor een groot gedeelte gelijk was aan de door jou geliefde BMW’s? Ooit eens met een monteur een E46 en zo’n Rover uit elkaar gehaald. Het aantal gedeelde onderdelen was opmerkelijk. De latere updates voor de audio en navi van BMW kon je ook gewoon doorvoeren op de MG’s en Rovers. Ook veel knopjes, schakelaars, hendeltjes en dergelijke was van BMW.

Als je de auto vergelijkt met andere D-segment middenklassers van zijn tijd stond de Rover 75 behoorlijk goed te boek. Tuurlijk, vergeleken met een nieuwe A4 stelt het niet zo veel meer voor, maar ten opzichte van de B5 A4 hoefde de 75 zich zeker niet te schamen. Al helemaal niet als je bedenkt dat het er bij de 75 veel gelikter uitzag. Het was in elk geval geen saaie auto!
@willeme: Nou veel interieurdelen komen niet overeen weet ik, zo zijn de stoelen en het gebruikte plastic van de dashboards van Bmw mooier afgewerkt.
@bofkont: Beetje zeuren om het zeuren. In zijn klasse was het gewoon dik voor elkaar. Een kennis van mij had een 75 Sterling en dat was gewoon een hele nette auto. Leer en materialen en dergelijke waren gewoon goed.

Je kan de 75 vergelijken met de Alfa 156, Saab 9-3, Volvo S60 en Lexus IS200. Net tegen de premium merken aan zeg maar (terwijl de prijs van de 75 onder die auto’s lag). Dan was het materiaalgebruik en afwerking meer dan goed. Veel beter dan de Saab en Alfa. Laat staan alle gewone middenklassers als de Mondeo, 626, Galant, Vectra en dergelijke. De 75 schurkte tegen de Duitse Drie aan, terwijl de prijs lager lag. Kortom, jouw betoog dat het zeer matig is, klopt mijn inziens totaal niet. Zie de bovenstaande onderbouwing.
@willeme:
Je hebt volkomen gelijk, bofkont kletst volkomen uit z’n nek. Ik had tegelijkertijd een tweesehands gekochte Rover 75 Sterling en een nieuw gekochte E46 M3. Van de M3 was het leeelr op de linkerwang van de bestuurdersstoel al na 40.000 km crummy (Breeman wilde na een hoop zeuren alleen het leer op die wang onder coulance vervangen, deel van de kosten desondanks nog voor eigen rekening – NB : we hebben het hier over een 5 jaar oude, nieuw gekochte auto van 80K) terwijl het leer in de 75 na 130K – letterlijk ! – nog smetteloos was. Enige punt van kritiek op de 75 : het beige leer op het deel ‘houten’ stuur was niet meer zo mooi. Kan me niet aan de indruk onttrekken, dat bofkont – in tegenstelling tot wat-ie beweert – geen notie heeft van waar-ie ’t over heeft.
@amghans: Klets??? mag jij vinden, hoge instapwangen van bmw zijn idd wel wat gevoelig, maar is ook een kwestie van goed instappen, probleem is dat er te ruig wordt ingestapt. de zittingen van de rover zijn veel vlakker en daardoor veel minder gevoelig daarvoor.
@bofkont: alsnog een fout van bmw en een plus van rover. Je moet een auto natuurlijk zo ontwerpen dat het heel blijft bij gebruik in de praktijk.

Ik ken die stoel trouwens niet, maar de wangen van mijn kuipstoelen in de Mercedes 190 zijn na 2 ton en 25 jaar ook nog als nieuw. En ik geloof niet dat de wangen van de bmw hoger kunnen zijn!
@lekbak: Waarschijnlijk is er dan met die auto toch duidelijk beter omgegaan, want nogmaals het is vaak verkeerd instappen wat deze schade oplevert. Spijkerbroeken zijn sowieso funest voor je leder.
@bofkont: ik draag altijd spijkerbroeken en ik heb 90k van die 2 ton zelf gereden…
@lekbak: De kwaliteit van die oude benzen is sowieso van eenzame hoogte, maar ook de manier van instappen en hoe je er mee omgaat speelt een rol, jij bent duidelijk wel zuinig op het spul.
@bofkont: wat is zuinig? Ik ben erg ruig met mijn spul, maar geef het daarna wel aandacht en onderhoud. Ik let echt niet op hoe ik in de auto stap, daar moet het tegen kunnen. Bijna elke rit ziet mijn toerenteller het rode wel (ik rij wel obsessief goed warm). Ik rag rustig door de modder. Maar ik maak goed schoon, en onderhoud het goed.
@willeme: Ja daar heb je gelijk in wellicht, maar een auto die zo luxe moest overkomen vind ik de afwerking gewoon erg belangrijk, kan er niets aan doen, ik ben een enorme perfectionist op dat gebied.
Zo vind ik bepaalde interieur delen van mijn Z4 zwaar tegenvallen kwalitatief ook weer, daar was de Z3 weer beter in.
@bofkont: Kortom, wat je zei klopt niet. De term ‘ erg matig’ is ernstig gechargeerd. Het zat tussen een Volvo en een BMW in. Dat is een prima sandwich om in te zitten ;)
@willeme: Toegeven je hebt gelijk , matig is idd te kort door de bocht en had ik niet moeten zeggen.
Ik zal het aanpassen ik vind het kwalitatief een tikkeltje minder dan bmw.
@bofkont: Dat is perfect omschreven! Complimenten ;)
@bofkont:

Klopt .. Lompe horken kunnen idd beter bij BMW terecht ..

De grote angst bij de V6 blokken was/is de distributie wissel ..
1200 komt eerst ..
@lincoln: Lompe horken hebben ook niets te zoeken in een bmw met die fijn gevoelige onderstellen.
@bofkont:

“Fijngevoelig” ..
Slechte engineering is nu ineens “fijngevoelig” ..

Het interieur van een rover is te “fijngevoelig” voor een lompe hork ..
@lincoln: Draagarmen die eens per 100k vervangen moeten worden voor een perfect stuurgedrag noen mij slechte engineering??
Nee mijn beste, het interieur van de Rover is gewoon stukken minder hoogwaardig zijn gewoon feiten.
@lincoln: * noem jij
mn vader had vroeger de ZT-T 190 in het grijs met multispaak velgen, echt een prachtige auto. strakke wegligging, alleen jammer van het geringe vermogen, maar het was echt een snelwegcruiser
Heerlijk artikel! Goed geschreven en weer wat geleerd. En even op Mobile.de gedoken voor een 75 V8 ;)
Geweldig verhaal weer. Ondanks de trieste afloop. Trouwens, de historie van het ‘huwelijk’ tussen Rover en Honda is op zich al een prequel waard. Achteraf gezien is de samenwerking tussen de eigenwijze en hopeloos inefficiënte Britten en de perfectie nastrevende Japanners misschien nog wel opmerkelijker dan die met de Duitsers.
@rrrobert:

Uitstekende suggestie boef ..
Van het BMW/Rover verhaal wist ik alleen maar wat flarden van wat hier boven perfect leesbaar en beknopt is neergeschreven ..
Maar van het Honda/Rover huwelijk weet ik werkelijk helemaal nix ..

Top tip .. ( ja Willem .. ik weet dat je mee leest) ..
@RRRobert: was een Rover 600 niet eigenlijk stiekem een Honda Accord?

Ik reed gisteren in de binnenstad van Rotterdam nog achter een ZT280, moest er toch wel even van glimlachen :)
@gulli: 260*
@gulli: dat klopt, @willeme schreef dat ook al in de inleiding. Zelf zo’n Accord gehad. Heerlijke rijdersauto. Het zal me niks verbazen als deze nu nóg rondrijdt, als taxi in Afrika.
Die 770 atmosferische paarden, somigen zeggen zelf 800 +, Maar wel met een supercharger! = niet atmosferisch.
@t16: Neen. De motor was een hoogtoerig atmosferisch blok, gebouwd door de heren van Roush op basis van de Modular V8. Het vermogen van de recordauto was ongeveer 760-770 pk, zonder welke vorm van geforceerde inductie. Roush is naast tuner van snelle Fords ook een raceteam in diverse raceklasse. Aangezien de auto voor een paar runs gebouwd is, zal het blok veel overeenkomsten vertonen met een racemotor (een NASCAR V8 heeft ook een hoog specifiek vermogen zonder turbo of supercharger)
Hier in de straat heeft er zo iemand een MG ZS180. Lijkt wel een mini WRX.
Leuke auto, kijk altijd even om als die passeert!
Zo eentje: http://kingofwallpapers.com/mg-zs/mg-zs-003.jpg
@cossiekiller: heb net dezelfde gehad maar in het grijs.Leuke wagen, perfecte baanligging en net genoeg pk(als 25 jarige toen met kind op komst) maar heb hem eigenlijk direct weg gedaan toen er iemand tegen mijn achterkant reed en er blijkbaar bijna geen nieuwe lichtblokken en achterbumpers te vinden waren!
Ik geloof dat het zwarte model op de laatste foto de sv-xpower is en daar rijd/reed er lang eentje van rond in het Belgische “duffel”. Man man dat ding brulde echt zoals een circuitwagen.
Leuk verhaal.
De 385 was geen 5.0 maar een 4.6 roush motor.
Zijn er totaal 8 van en 1 in Nederland.
@lenhamgt: Er gaan nogal wat geruchten over enkele exemplaren die ‘ontsnapt’ zijn. De motor was dezelfde uit de X-Power SV, dus wel degelijk de 5.0. Bij een aantal exemplaren zijn het voornamelijk prototypes waarvan er geen enkele hetzelfde was, waaronder een paar met een opgetuigde 4.6. De enige ZT385 met typegoedkeuring was idd een opgetuigde 260 met 4.6. Alle andere exemplaren hebben officieel geen typegoedkeuring (en voldoen ook niet aan welke geluids- of emmissie test dank ook. Misschien een keer leuk om uit te zoeken, voor meer info houden we ons absoluut aanbevolen ;)
@willeme: de 385 had niet de SVR motor maar de SVS motor dat is een 2 nokkenassen en 8 klepschotels motor met een roush stage 3 super charged kit.
ik kan het weten.
Ik heb de enigste lhd ZT-T 385 die er is.
@lenhamgt: Dat is serieus cool! Dan heb ik de vergissing gemaakt tussen de SV-S en SV-R (die wel balletwee 385 pk hadden, als ik mij niet vergis). Ik zal het even aanpassen!

Maar dan weet je waarschijnlijk wat meer van die ‘ontsnapte’ exemplaren. Want er is nogal wat onduidelijkheid daarover (vrij weinig gedocumenteerd en zeer zeldzaam). Misschien een leuk idee om een paar foto’s via AutoJunk te uploaden? Zelden hebben we een lezer meegemaakt met zo’n (letterlijk) unieke auto!
@willeme: lijkt me leuk.
Maar ik ben een enorme digibeet.
Met m.n telefoon kom ik een eind maar mag van mijn vrouw niet meer in de buurt van computer komen.
Ben 2 weken geleden naar Engeland geweest heb nu re map en andere intercooler.
Nu 437.8 pk op rollerbank.
Kom ik vanmiddag de straat in, staat er een MG ZT-T 180.
Nog geen uur later dit mooie verhaal.
Ik vind het nog altijd zonde dat Rover niet meer bestaat. ’t Zijn altijd mooie en unieke auto’s geweest.
En die 75 Coupe had er gewoon moeten komen!
@lalancia: er zijn inmiddels 2 coupe,’s bij gebouwd.
1 is een 6 cilinder.
De andere is nog niet helemaal klaar maar heeft een SVR motor en een X power body kit
Een erg leuk stukje maar de LaRo Disco was gerebadged als Honda Crossroad. Dat was inderdaad de slechtste Honda ooit, maar alleen voor Japan en Australië.

Ze hadden trouwens nog een unieke Rover in Australië. De Rover 416i was een Honda Integra 5-deurs met Rover logo’s.
@sjoerd95: Dankjewel! De Oddyssey was natuurlijk die MPV… Ik heb het even aangepast. Thanks!
Prachtig artikel over de definitieve teloorgang van Engelse auto-industrie. Want alles wat er nu nog is, is in buitenlandse handen en/of maakt alleen voor de echt rijken.
BMW heeft zich destijds niet erg netjes gedragen, maar dat de Phoenix Four nog steeds op vrije voeten zijn is echt ongelooflijk!

PS: heel even zeuren, maar het is toch echt “reed magistraal” en niet “reedT magistraal”…
Zonde van dit merk. Die laatste autos waren wel echt brits
In 2005 reed Autovisie met een MG ZT 260 als duurtester. Hoofdredacteur Ton Roks was er zó verzot op, dat hij de bewuste auto een paar jaar later heeft gekocht toen die toevallig op de markt kwam. Het ding moest namelijk voortijdig worden ingeleverd toen Rover failliet ging.

Ik vind het geweldige auto’s, maar ik heb sowieso een enorme zwak voor Brits.
Ook een mooie Rover 75 kan mij zeer bekoren. En ja, in mijn kledingvoorkeuren voldoe ik aan een aantal stereotypen die hiermee worden geassocieerd. Ribbroeken, tweedjasjes, brogues, Engelse geruite petten, ik heb het allemaal. Nu nog een Engelse auto…

Geef een reactie:

Je moet ingelogd zijn om reacties te posten, registreren kan HIER (ook via Facebook).