Prins Bernhard liet bouwverbod Circuit Zandvoort opheffen met geld
Prins Bernhard betaalde som geld om bouwverbod Circuit Zandvoort op te heffen

In 1948 betaalde Prins Bernhard een som geld om ervoor te zorgen dat het destijds ingestelde bouwverbod voor Circuit Zandvoort zou verdwijnen.
Met de opkomst van de automobiel was ook autoracen hot. Dat was in Nederland niet anders. Je leest er alles over in onze Geschiedenis explosie: de historie van circuit Zandvoort.
De pret moest helaas plaatsmaken voor oorlog toen de Duitsers kwamen. Grote delen van ons land werden na de oorlog in een puinhoop achtergelaten. Aan de Nederlandse overheid de taak om de boel weer op te bouwen.
In 1948 was Prins Bernhard van mening dat Circuit Zandvoort en de wegen daarnaartoe echter verder opgebouwd moest worden. Destijds was er een bouwverbod van kracht. Nederland was nog volop aan het herbouwen en herstellen van de oorlog. Vermaak in vorm van Circuit Zandvoort kwam later wel weer een keer. Bovendien was er een bouwstop omdat de bouw van het circuit gebeurde aan de hand van oorlogspuin. Bakstenen waren een schaars goed en nodig op andere plekken van het beschadigde Nederland.
Blijkbaar had Bernhard andere prioriteiten, want vanuit de Prins Bernhard Stichting werd druk uitgeoefend op minsters werkzaam bij het ministerie van Wederopbouw. Daarover bericht Trouw op basis van archiefstukken van de gemeente en de ministeries van Binnenlandse Zaken en Financiën. In het kader van het landsbelang moest het bouwverbod verdwijnen en zou er weer geracet moeten worden op het circuit. De prins kreeg het voor elkaar en het bouwverbod werd van tafel geveegd.
De gemeente Zandvoort verhoogde tijdelijk de prijs van een kaartje voor races. De verwachte opbrengst, ongeveer 20.000 gulden, ging belastingvrij naar de stichting van de prins. Uiteindelijk is het onduidelijk wat er met die 20.000 gulden precies is gebeurd.




