Lancia Thema 8.32, youngtimer in beeld

Praat mee!
Redacteur Autoblog

Lancia Thema 8.32

Lancia Thema 8.32

Een fabuleuze sleeper waar je om verschillende redenen zelf slapeloze nachten van krijgt: de Lancia Thema 8.32.

Sleepless in Sittard. Vanwege de rekening voor de grote beurt. Moet er niet toch nog een vet hangslot op de motorkap? En Onnozele Buurman denkt nog steeds meesmuilend dat je je slag geslagen hebt in de koopjeshoek bij de Autokeizer. De dove barbaar. Maar de meest waarschijnlijke reden voor die wallen onder je ogen is de Italiaanse flair en vooral die ingehouden belofte van een Ferrari V8 in het vooronder. Madre mia...

Want dat is de essentie van deze beauty: een 32-kleps 8 cilinder uit Modena. De handgebouwde heilige motorgraal, verstopt in je anonieme zakensedan. Kind van de jaren tachtig met zijn typische, hoekige ontwerp. Simpel, eigenlijk geen lijn teveel. Designers besloten destijds dat wij dat mooi vonden, maar nu waarderen we het eigenlijk nog veel meer. Ik wel.

Gebouwd op het Type 4 platform waarop ook de Saab 9000, Alfa 164 en de Fiat Crom(g)a(ap) stonden, was deze top-Thema leverbaar van 1987 tot 1992, met een facelift in 1989. Een dikke 3500 keer rolde hij maar van de band, dus exclusief is-ie zeker. Door de toenmalige nieuwprijs van dik 145.000 ouderwetse guldens gingen ze niet als warme broodjes over de toonbank. Voor Lancia was dit een uithangbord van exclusiviteit om het merk meer prestige te geven. Een paar duizend petrolheads sympathiseerden volledig met dit idee en kieperden overtuigd hun spaarvarken leeg bij de apetrotse Lancia dealer. Grazie mille! Ook namens ons, want een paar decennia later zijn ze nu zelfs voor de gewone man bereikbaar. Qua aanschaf in ieder geval.

Voor het rijden moet je, in overleg met je vrouw, nog wel een flinke aanslag doen op de huishoudpot. Of je verkoopt de boot. In ieder geval moet je een beetje geld achter de hand hebben om optimaal te kunnen (blijven) genieten van deze wolf in schaapskleren. Om te beginnen al het verbruik: 1 op 25 haal je stationair nog niet eens. Hoewel een gemiddelde van zo rond de 1 op 7 in de praktijk niet eens zo bar en boos is en met je rechtervoet heb je hier flink invloed op. Maar dan het onderhoud. Onnodig te zeggen dat deze betoverende Ferrari techniek niet lekker gedijt op ellenlange onderhoudsintervallen bij de fastfitter en goedkope olie van die Duitse sloebersuper. Hier moet je echt wel serieus mee omgaan en dat kost regelmatig serieus geld bij een dealer of specialist. Een Maserati Quattroporte rij je ook niet op je laatste honderd euro, behalve naar de sloop. Heb je het er voor over, dan word je beloond met een prachtig stuk techniek verpakt als stijlvolle sleeper. Je eigen Otto Trentadue. Klinkt toch anders dan een Beemer M zusenzoveel.

En ziet er van binnen ook stukken beter uit. Leer, zo dik als MDF op je dashboard, dat voor deze uitvoering zijn eigen unieke ontwerp heeft. Met een batterij klokken gevat in prachtig hout en met de kenmerkende gele Ferrari becijfering en symbolen. Verder standaard luxe en gadgets die in die periode geen gemeengoed waren: automatische airco, ABS en de kenmerkende inklapbare spoiler op de kofferklep. Die kun je met een knop bedienen, als je je tekort gedaan en genegeerd voelt tijdens je rondje cruisen over de boulevard. Uitklappen en een vette dot gas. Yo! Hiero!

Eenmaal op de buitenweg is-ie helemaal in zijn element. De koppelrijke V8 met 205 of 215 PK (wel of geen katalysator) maakt het een comfortabele hogesnelheids-Autobahn-vreter. Niet buitenaards snel, zelfs niet eens heel veel sneller dan de Thema Turbo, maar dat geluid! Nothing beats the real thing. Tegenwoordig is 205 PK al helemaal niet opzienbarend meer, je kunt nu een buitenboordmotor aan je visvletje hangen met hetzelfde vermogen. Maar dat heeft dan weer geen handgemaakt interieur van Poltron Frau.

Want dat was een van de factoren die bepaalden dat de kwaliteit nu eens dik in orde was. Mooie materialen, met zorg in elkaar gezet. Vanwege het vermogen werden het onderstel, de vering en demping en de remmen aangepast en dat kwam ook weer ten goede aan de kwaliteitsbeleving. Zodat je ten volle kon genieten van dit huzarenstukje: een forse, dwarsgeplaatste V8 met aandrijving op alleen de voorwielen. En je kon er nog mee sturen ook. Hallelujah.

Het allerbeste nieuws is, is dat ze nog steeds redelijk voorhanden zijn. Sterker nog: ze hebben de “normale” Thema’s van die jaren ruimschoots overleefd. Mede vanwege eerdergenoemde kwaliteit en omdat de meeste op waarde werden geschat, bereden en onderhouden door hun eerdere eigenaren. Als het goed is terug te vinden in een volledig bijgehouden onderhoudsboekje. Zoniet: wegwezen! Zeker bij de mededeling: “kan wel een beurtje gebruiken”, of een vergelijkbare onheilsprofetie. Vind je een eerlijk, onverprutst en goed onderhouden exemplaar, en dat is heel goed mogelijk, dan heb je wat mij betreft de über-sleeper en daarmee een eeuwige grijns op je smoel verdiend. Die dan weer leuk contrasteert met je oogwallen. Komkommerschijfjes op je ogen, dat schijnt te helpen. Prachtig excuus voor weer een ritje naar de groenteboer. Gás!