Special: Volvo 140/164
Volvo 145 '67

De Volvo waar het allemaal mee begon.
Groot, hoekig, statig en veilig. Jarenlang was een Volvo ontwerpen het makkelijkste wat je kon doen. Je had twee dingen nodig: een liniaal (voor het koetswerk) en een passer (voor de wielen). Dan was je enkele minuten in de weer en tadaa: er stond een nieuwe Volvo op papier. Dat is natuurlijk kolder, want er is absoluut over nagedacht. Dat niet alleen, het hoekige design is met recht iconisch te noemen. Vele modegrillen- en trends kwamen en gingen, maar het basisdesign bleef jaren lang overeind staan. De grondlegger van dit design? De Volvo 140. Ondanks de voorgangers van de 140, is dit Mr. Volvo. Volvo Genesis. De Ur-Volvo.

Als we het dan toch over voorgangers hebben, dan kan de Volvo Amazon niet onbenoemd blijven. De Amazon was juist een uitgesproken extravagante auto. Het design was geinsprieerd op Amerikaanse auto’s uit dezelfde periode. De auto leek erg veel op diverse Chryslers, alhoewel de Amazon wat kleiner was. Volgens de ontwerper Jan Wilsgaard was het design zijdelings geïnspireerd op een grote Kaiser sedan.

Het was diezelfde Jan Wilsgaard die verantwoordelijk was voor een nieuwe serie Volvo’s. De eerste nieuwe auto in die serie was de Volvo 140. Althans, dat zou de uiteindelijke naam worden. Halverwege 1960 werkt Volvo aan een opvolger voor de Amazon. Het project wordt gestart onder de naam ‘P660’. Met name het design was extreem belangrijk voor Volvo. Zoals gezegd waren de voorgaande Volvo’s qua design erg gelijkend op Amerikaanse (Amazon) en Mediterraanse (P1800) automobielen. Niet dat daar iets mis mee was, maar Volvo was aan het uitgroeien tot een serieuze speler in de automarkt, daar hoort een eigen huisstijl bij.
Naast een eigen huisstijl moest de auto ongeveer even groot blijven. De wielbasis bleef onveranderd: 2,60 meter. Wel was het de bedoeling dat de P660 een stuk ruimer en vooral veiliger was dan de Amazon. Volvo wilde niet alleen vooruit met een nieuw design, maar ook een stapje hogerop zien te komen. Uiteraard moest het design ook de mogelijkheid bieden voor meerdere carrosserievarianten, zoals een stationwagon en tweedeurs sedan.

Anderhalf jaar later, aan het einde van 1961, had Wilsgaard een paar prototypes af. Inderdaad, een paar. Hij had de vrijheid genomen om met meerdere voorstellen te komen. Het ene ontwerp was precies zoals Volvo had omschreven, bij het tweede ontwerp was Wilsgaard lekker eigenwijs. Dat kwam Volvo op zich wel goed uit, want het Zweedse merk had ook de designhuizen Ghia en Frua opdracht te geven om met een voorstel te komen. De keuze viel op het tweede ontwerp van Wilsgaard.
Voordat de auto in de testfase ging, werd de naam P660 omgezet naar P1400. Vanaf dit punt kon Volvo zich bezig gaan houden met een ander belangrijk punt van de auto: veiligheid. De P1400 kreeg verbeterde gordels en een uniek remsysteem met dubbele circuits en schijven rondom. Ook was het dashboard dusdanig ontworpen dat deze zo min mogelijk letsel kon veroorzaken bij een aanrijding. Bij het testen van de auto wilde Volvo niet te veel weggeven. Daarom werd de koets voorzien van een aparte verhoging in de motorkap, vinnen aan de voor- en achterkant en gekke chromen details. Volvo ging heel ver om de spionagejournalisten om de tuin te leiden door ‘Mazuo ZT92’ badges op de auto te plakken. Zo dacht iedereen dat het om een nieuwe Japanse sedan ging.

De auto ging in productie vanaf 1966, als Volvo 144. Het eerste cijfer staat voor de serie, de tweede voor het aantal cilinders en het laatste cijfer voor het aantal deuren. De 144 is dus een Volvo uit de 1e serie, met 4 deuren en 4 cilinders. Een 142 volgde in de herfst van 1967 en in 1968 werd er een 145 stationwagon aan het gamma toegevoegd. Volvo wilde aanvankelijk de stationwagon een eigen gezicht meegeven met unieke achterdeuren en een afwijkende achterkant, maar dit bleek te kostbaar. In plaats daarvan gaf Volvo de 145 gewoon de achterdeuren van de 144 en werd het dak verlengd. Het was niet alleen simpel, doelmatig en voordelig: het zorgde ook voor een herkenbaar design. De Volvo 140- serie was een enorm succes.

Dat succes mocht wel uitgebreid worden met een wat luxer model. Volvo had namelijk aspiraties om zichzelf iets hoger in de markt te zetten. Nu was Wilsgaard daar ook al mee bezig. Zoals wel vaker bij designers met veel vrijheid kwam hij tot de mooiste plannen. Eentje was het ‘P358’-project. Dit moest een superluxe sedan worden, compleet met luchtvering en een dikke achtcilinder motor. Voor Volvo was dit plan echter een paar stappen te ver.

Maar het zette de Zweden wél aan het denken. Wilsgaard kreeg toestemming om met beperkte middelen de geest van het P358-procject in een 140-koets te gieten. Qua motor was een V8 véél te veel van het goede, maar een viercilinder absoluut niet toereikend. Daarom werd er een zes-in-lijn ontwikkeld. Omdat Volvo niet de middelen had zoals sommige grote fabrikanten moest men creatief zijn. De ‘B30’ zes in lijn was in feite een ‘B20’ viercilinder plus twee cilinders. Om deze passend te maken werd de auto iets langer gemaakt. Qua uiterlijk leek de 164 veel op de 144, alleen had de 164 een luxer ogend front en meer chromen glimmertjes. Ook de motorkap en koplampen waren afwijkend voor een voornamer voorkomen.

De zes-in-lijn was uitgerust met twee ‘Stromberg’-carburateurs. Het vermogen was 130 pk, destijds een behoorlijk aantal. De 164 was zeer luxe uitgerust en kon desgewenst met lederen bekleding besteld worden. Standaard kreeg de 164 een handgeschakelde vierbak mee, optioneel kon je kiezen voor een vierbak met overdrive of een drietraps automaat met koppelomvormer. De 164 was er alleen als sedan, alhoewel sommige eigenaren de zes-in-lijn in hun 145 hebben gelepeld en zo hun eigen ‘165’ creëerden.

De Volvo 140-serie bleef in productie tot 1974, de 164 wist het uit te houden tot 1975. Ondanks de relatief bescheiden aantallen was de auto een zeer groot succes voor Volvo. Van de 144 sedan zijn er 523.808 exemplaren verkocht. De 142 bleek ook populair met 412.986 verkochte exemplaren. De 145 stationwagon was relatief een bescheidener succes, maar er waren weinig fabrikanten die 268.317 stationwagens wisten te verkopen. De 164 is de meest exclusive Volvo ‘1-Serie’, daarvan werden er in totaal 144.179 verkocht.

Om de impact van de Volvo 140/164 te begrijpen moeten we eigenlijk kijken naar de Volvo’s die volgden. De opvolger van de 140-serie, de 200 serie, ws nog populairder. Ook kwamen er grotere modellen zoals de 700 en zelfs 900 serie bij. Die laatste werd in 1996 omgedoopt tot S90 en V90 en wist het uit te zingen tot 1998. Natuurlijk, het design was toen wel een beetje bedaagd aan het raken, maar compleet uit de toon viel het ontwerp niet. Het was nog steeds een typische Volvo: groot, hoekig, statig en veilig. Best knap voor een ontwerp dat uit de vroege jaren ’60 stamt.

Meer weten over de geschiedenis van Volvo? Check onze video hieronder:




