
Oude Japanse strepentrekker glibbert naar de Autoblog Garage. Geen stress iedereen, mijn andere auto is een BMW.
Lang, lang geleden. In een tijd waarin ik nog een jonge, schattige en vooral totaal onverantwoordelijke 20-jarige petrolhead was, diende zich een kans aan. Zo’n kans met een mogelijkheid. De mogelijkheid om mijn eigen Nissan Skyline te bezitten.
Zoals veel JDM-liefhebbers was (en ben) ik groot fan van de Nissan Skyline R34 GT-R. De looks, de sound, het hele pretpakket. Alles aan deze legendarische sushiraket vond ik belachelijk gaaf. Maar ik zal er maar meteen eerlijk over zijn: het is geen R34 GT-R geworden.
Waarom niet? Simpel. Ze waren toen al onbetaalbaar. Nu zijn ze gewoon compleet krankzinnig geprijsd. Wat wél binnen bereik lag, was een ietwat afgeragde zwarte R32 GTS-T Type-M uit 1993. Na een week goed nadenken en een gezonde hoeveelheid groepsdruk maakte ik het bedrag over. Ik was de trotse eigenaar van een Nissan Skyline. Mijn ouders verklaarden me voor gek, want wie gaat er nou rijden in een auto met het stuur aan de ‘verkeerde kant’. Ja, ik dus.

Het begin van een avontuur
De auto was, op een ander sportief pookje na, volledig standaard. Eigenlijk zelfs minder dan dat, want het arme ding had dienstgedaan als donorauto. Op dat moment natuurlijk volledig onbelangrijk. Wat wél belangrijk was: de RB20-motor. Het kleinere broertje van de legendarische RB26-krachtrbon die je kent uit de GT-R modellen. In dit geval een 2,0-liter zes-in-lijn met 211 pk, gekoppeld aan een handgeschakelde vijfbak. En omdat het een GTS-T is, gaat alles netjes naar de achterwielen.





De eerste missie was duidelijk: alle ontbrekende onderdelen opsporen. Luchtroosters, vloermatjes, spoiler, radio, lichtschakelaars, noem maar op. Daarnaast vond ik dat om een auto echt eigen te maken, je zelf een dikke set velgen moet kiezen en hem vol moet plakken met stickers. Nog geen week later had ik op Marktplaats een setje beschadigde MOMO-velgen op de kop getikt. Waarom ik dat toen vet vond, snap ik nog steeds niet helemaal, maar goed. Gelukkig veranderen mensen.



Na een tijdje mensen te hebben geïrriteerd met de Skyline en alle missende onderdelen te hebben verzameld, was het tijd voor datgene wat alle JDM-auto’s met elkaar verbindt: een gigantische jetser van een auspuff. Na uren intensief Google-research en veel te veel YouTube-filmpjes viel mijn keuze op een HKS Hi-Power Silent. Mijn eerste echte tuning-onderdeel. En met terugwerkende kracht kan ik zeggen: dit was waarschijnlijk het punt waarop het misging.

Meer geluid!
De uitlaat was geweldig, maar ik miste nog iets aan het geluid. Een dumpvalve van Blitz moest oplossing bieden. Je weet wel, zo’n turbo dingetje dat een psssh-geluidje geeft als je van het gas af gaat. Toen ik de dumpvalve wilde installeren werd mij verteld dat het niet goed is voor de motor als je zomaar parts vervangt zonder vervolgens de motor af te stellen. Dit kan alleen met een programmeerbare ECU. Ik begreep de situatie als geen ander en besloot direct over te gaan op actie.

Nog geen dag later was er een Apexi Power FC ECU onderweg met de postmeneer. Ik werd hebberig en veranderde langzaam in een soort parts-verzamelaar bij wie er wekelijks een doos werd afgeleverd. Mijn ouders waren wederom minder enthousiast. Maar ja, jong, rebels en financieel totaal onverantwoord. Je kent het misschien wel.






Na verloop van tijd had ik een nieuwe turbo, achterklep met OEM-spoiler, motordelen, intercooler, differentieel, onderhoudsitems, schakelpook, een GT-R-spoiler (toch mooier), een andere voorbumper, stuur, velgen, opnieuw gespoten kleppendeksels, een nieuw onderstel en nog veel meer. Toch was ik er nog niet.


De redelijk knapperige buitenkant deed de rest van de auto absoluut geen eer aan. Gelukkig bleek iemand uit de Skyline-club autospuiter te zijn. Je verwacht het ook niet hè. Na een geweldige deal bracht ik de Skyline naar BW5000 en nam vervolgens afscheid van Justin en de Skyline. De volgende keer dat ik ’m zou zien, was hij strak en niet meer zwart.
Een paar maanden later…



R32 Skyline in een legendarische kleur
Tadaaa. Daar is die weer. Shiny, strak en in Midnight Purple 1, een kleur die je kunt kennen van de R33 GT-R. En eerlijk is eerlijk: deze kleur staat de R32 absurd goed. Zeker in de zon. Vanuit de spuiter ging de auto direct door naar Pro Import Motorsports (inmiddels gesloten) voor een afstelling op de testbank met de nieuwe ECU. Resultaat: zo’n 365 pk en ongeveer 400 Nm.


Ik weet nog precies hoe het voelde om weer in te stappen. Alles was anders. Voor het eerst had ik het idee dat ik in iets serieus reed. Strakke wegligging, een licht zwabberend kontje en vooral: speed and power. Ik moet er eerlijk bij vermelden dat naast het rijden zelf de enorme overkill aan duimpjes omhoog zeker bijdragen aan de funfactor. Wat een machine.





Natuurlijk bleef het daar niet bij. Een project is immers nooit af. Ik liep tegen onderdelen aan die ik MOEST hebben, met als hoogtepunt een Haltech ECU. Een stuk moderner dan de oude Apexi Power FC, die je een beetje kan vergelijken met de eerste Windows computer. Een nieuwe ECU betekent ook een nieuwe dyno run. Dit keer bij NKZ Motorsports in Amstelveen, gespecialiseerd in raceauto’s en nog altijd verantwoordelijk voor het onderhoud van mijn Skyline. Ditmaal reed ik met 400 pk de deur uit.
Ook al was het vermogen niet veel hoger dan voorheen, het verschil tijdens het rijden was enorm. De auto reageerde compleet anders, pakte eerder op en was veel beter controleerbaar. Hier merkte ik voor het eerst duidelijk verschil tussen een goedkopere ECU en een wat meer premium exemplaar.


RIP RB20
Zo heb ik jarenlang absurd veel plezier gehad en talloze avonturen beleefd. Je weet wat ze zeggen: ‘aan alle goede dingen komt een eind’. Dit was in de zomer van 2021. Tijdens een tourrit met Streetgasm merkte ik dat wanneer ik mijn totaal niet zware rechtervoet even optilde, er een klein pluimpje in de binnenspiegel verscheen. Dat kleine onschuldige pluimpje groeide vrij snel uit tot een rookgordijn waar de gemiddelde vaper jaloers op zou zijn.
Even langs NKZ dus. De diagnose was pijnlijk, maar acceptabel. Na jaren trouwe dienst en misschien één of twee keer de begrenzer aantikken was de trouwe 8.000 toeren beukende zespitter op.
Het was tijd voor een plan. Ging ik voor plan A en liet ik de motor gewoon opnieuw bouwen zoals die eerst was? Of ging ik voor plan B en liet ik de motor compleet veranderen? Na wederom goed nadenken en ook weer een kleine gezonde dosis groepsdruk besloot ik voor plan B te gaan. Ik ergerde me altijd aan het feit dat de motor onderin helemaal niets deed. Dit kwam natuurlijk omdat de RB20 niet echt een koppelmonster is en de turbo die ik erop had gezet eigenlijk te groot was voor het motortje, met dus een lading turbo-lag als gevolg.



Ik wilde meer kracht onderin en besloot met het team van NKZ een plan te maken. De RB20 zou compleet worden aangepast en de inhoud zou worden verhoogd van 2.0 liter naar 2.4 liter door middel van een stroker kit. Verder zou er een nieuw uitlaatspruitstuk komen, een nieuwe turbo (Garrett G25-550), nieuwe injectoren, nieuwe bobines, nieuw inlaatspruitstuk, elektrische gasklep, oliekoeler, nieuwe RB25 versnellingsbak en een Haltech Elite 1500 ECU.
Welkom RB24
De jaren vlogen voorbij en de overnight parts from Japan bleven binnenkomen. Nu is het moment dan eindelijk daar. De auto is af. Naast de volledig opgebouwde RB24-motor had ik nog wat andere parts gescoord waaronder: bredere König Hypergram wielen met Michelin Pilot Sport 4S om het vermogen kwijt te kunnen, een Nismo-sperdifferentieel, een digitaal Haltech-dashboard en een Haltech-keypad voor de turbodruk, cruise control, traction control, launch control en anti-lag. Gewoon, omdat het kan.

Het vermogen? Dat zal rond de 500 pk uitkomen. Hoeveel precies? Dat lezen jullie in de volgende update 😉.





Wat een verhaal ! En wat een oto . . . Topperdepop 👌
Poh wat vet! Ben wel benieuwd naar de koste van alle upgrades.
Jij hebt geen vriendin, en je hoeft ook geen kostgeld te betalen als thuiswonende?
Wel 100 punten hoor, voor het nastreven van je droomauto.
Wat een wagen! Echt heel gaaf.
Fantastisch project, mooi om de ontwikkeling van de upgrades allemaal te lezen. Geniet ervan!
Heb ik hier in een heel ver verleden ook over gelezen op een scooterforum (naam kwijt)? Mooi apparaat hoor, en tof om ‘m al heel lang in bezit te hebben en houden.
Bruut. Altijd mooi om te lezen en zien wat een hoop passie op kan leveren.
De enige soort Goede Tijden Slechte-Tijden waar ik wel naar kon en kijken, graag zelfs!
Persoonlijke vond ik de laatste velgen minder mooi als de set ervoor…
Dit is geen auto.
Dit is erfgoed op wielen.
Daar staat hij. Een BNR32 GT-R, diep paars onder het neonlicht, laag, breed, gespannen als een roofdier dat elk moment kan toeslaan. De lak vangt het licht van Tokyo’s nacht alsof hij ervoor gemaakt is: glanzend, mysterieus, bijna vloeibaar. Elke lijn klopt. Elke hoek ademt jaren ’90 Japanse perfectie.
Onder de motorkap: RB26DETT.
Geen cijfers, maar een legende. Zes cilinders, twin turbo, mechanische agressie. Een motor die niet schreeuwt om aandacht, maar fluistert: kom maar. En als hij losgaat, gaat hij écht los.
Gemaakt om te winnen. Gebouwd om te overheersen. Daarom noemden ze hem Godzilla.
De TE37’s in goud? Functioneel én porno. Lichtgewicht, motorsport-DNA, perfect contrasterend met die paarse body. De gele remklauwen verraden meteen: dit is geen showpony. Dit is serieus spul. Dit is grip, hitte, remkracht. Dit is een auto die hard wordt gereden — en harder kan.
Maar dan…
Tokyo Drift 2026.
Niet als gimmick. Niet als nostalgie.
Maar als evolutie.
In Tokyo Drift 2026 is de R32 terug waar hij thuishoort:
smalle bergpassen, industriële havens, nat asfalt onder knipperende lantaarns. De AWD wordt slim misbruikt, de achterkant losgetrokken met precisie, gas erop vóór je hersenen “ja” zeggen. Dit is geen brute drift — dit is controle op de rand van chaos.
Lange, rokende exits door Shuto Expressway-bochten.
Perfecte initiaties op parkeerterreinen in Odaiba.
Turbo’s die opbouwen, loslaten, weer happen — pssshh, BRAAAP.
Dit is driften zoals Japan het bedoelt:
technisch, stijlvol, dodelijk precies.
En precies dát maakt deze auto zo kwijlwaardig.
Niet alleen omdat hij mooi is.
Maar omdat je weet wat hij kan.
Wat hij gedaan heeft.
En wat hij in 2026 opnieuw laat zien: dat echte legendes nooit verdwijnen — ze wachten gewoon tot de wereld weer klaar voor ze is.
Kort gezegd?
Dit is geen coverauto.
Dit is de reden waarom je dat magazine koopt. 🤤🔥
En zo ontvouwt zich de Dead Internet Theory.
2025 was het jaar waarin mensen de minderheid zijn geworden op het internet eh. De komende 5 jaar staat onze consumenten technologische vooruitgang stil, want alle chips en ram wordt in AI gepompt. Dat is wat experts denken.
Mooie auto, goed verhaal. Daar hebben we meer van nodig op Autoblog….
Trouwens : lees niets over de remmen. Moet aannemen, dat die met het potentieel van een 500 peekaa RB24 in het vooronder ook een fikse upgrade kunnen gebruiken.
Wow, wat een gave hobby en wat een mooie wagen is het geworden! Dubbel kudos voor de prachtige kleur!
Herkenbaar verhaal, had zelfde met mijn MKIV Supra, gekocht als 2JZ-GE, en later naar 2JZ-GTE, echter was de plezier daarvan niet lang tot het blok opblies en ik de auto weg deed
Leuk verhaal man! Benieuwd naar het vervolg. Hoe houdt de lak zich? Nog iets van keramische coating op gedaan?