Bollinger speelt 'zoek de verschillen' met elektrische B1 en B2
Zijkant van de Bollinger B1

Bollinger heeft de B1 en de B2 wat strakker gemaakt, al zijn de verschillen subtiel.
Bij de wereldwijde overschakeling naar elektrische auto's zijn er meerdere nieuwe automerken opgestaan die zich specifiek toespitsen op dit soort auto's. De bekendste is natuurlijk Tesla, maar een ander (eveneens Amerikaans) voorbeeld is Bollinger. Zij werken aan twee auto's. De ene is een SUV en heet de B1, de ander is een pick-up en heet de B2. We vragen ons af hoe een eventueel derde model zou kunnen heten.
De autofabrikant werkt al sinds 2012 aan deze twee modellen, inmiddels komt het bedrijf steeds dichterbij productie. In de tussentijd heeft de fabrikant echter wel het een en ander aangepast aan het ontwerp van beide auto's, waar het nu een overzicht van laat zien. In eerste instantie lijken er geen verschillen te zijn bij de Bollinger-modellen, maar ze zijn er wel degelijk.

Om te beginnen met de zijkant van de auto's. De hele auto is nu iets hoger geworden. Bollinger zegt niet hoeveel hoger, wel dat de beltline (de lijn die onder alle ruiten loopt) nu hoger is geworden. Dat heeft Bollinger vooral gedaan om alle componenten onder de frunk meer ruimte te geven. Dit heeft als bonus dat de auto's (volgens Bollinger zelf) er steviger uitzien. Om de proporties te behouden, heeft de fabrikant daarnaast alle ruiten hoger gemaakt, waardoor het dak dus ook wat hoger is. Daardoor hebben de inzittenden meer hoofdruimte en heeft de bestuurder beter zicht rondom.
Een andere grote wijziging zien we bij de neus. De originele B1 en B2 hadden twee radiatoren bij de koplampen, waardoor er rondom de koplampen grote roosters waren om lucht binnen te laten. Bollinger heeft een 'doorbraak' gehad bij het warmtebeheer, waardoor ze nu maar één koelelement nodig hebben achter de bumper. Daardoor is er nu een smalle strook tussen de motorkap en de bumper om lucht binnen te laten. De roosters rondom de koplampen zijn weg, waardoor de lampen nu dichterbij de uiteinden van de auto zitten. Daarmee komen de koplampen qua locatie meer overeen met de achterlichten.



Het laatste verschil dat beide Bollinger-modellen delen, heeft te maken met het B-pilaar. Deze is naar voren verschoven, wat het voor de achterpassagiers makkelijker moet maken om in en uit te stappen. De glijdende raampjes zijn daardoor wel 'minder effectief' geworden, dus die zijn vervangen door raampjes die met een draaislinger omhoog en omlaag gaan. Kennelijk heeft Bollinger nog nooit van elektrisch bedienbare ramen gehoord, wat best absurd is getuige de prijs. Al zou het ook iets te maken kunnen hebben met de 'utilitaire visie' die Bollinger heeft.
Tot slot is er nog iets exclusiefs voor de B2 aangepast. De laadbak is nu niet meer onderdeel van de cabine. Dat moet vervanging van de laadbak makkelijker maken. Tegelijkertijd moet dat deze chassistoepassing ook makkelijker maken.

Voor zover bekend zijn er geen aanpassingen aan de specs. Beide Bollingers krijgen nog steeds 614 pk en 906 Nm mee en een EPA-actieradius van 322 kilometer. Bollinger zegt dat beide auto's binnen 4,5 seconden naar de 97 km/u kunnen rijden en een topsnelheid van 161 km/u hebben. Begin volgend jaar moet de productie starten. De twee Bollingers kosten elk omgerekend 103.196,88 euro exclusief belastingen.




