Toyota Supra 2.0 rijtest en video
Toyota Supra 2.0 rijtest

Twee cilinders minder, 82 pk ingeleverd, 100 Nm kwijt. Het scheelt echter ook 100 kg en een pak euro’s. In de rijtest vinden we uit of de Toyota Supra 2.0 nog steeds leuk genoeg is.
Qua uiterlijk is de Supra nog een steeds een snoepje. We rijden met veel bijzonder spul, maar de reacties op de Toyota Supra tijdens de rijtest waren bijzonder goed. Het is zeker niet alleen de naam Supra die enthousiasmeert, de design afdeling van Toyota mag er ook wel een lintje voor krijgen. Inmiddels is ook ons legertje fotograven bezig om Autojunk te vullen met spots van de Supra.
Dit is inmiddels de vijfde generatie van de Toyota Supra (J29/DB), maar liefhebbers hebben er lang op moeten wachten. De productie van de vierde generatie Supra (A80) eindigde in 2002 en toen was die A80 Supra al bijna 10 jaar op de markt geweest. Een opvolger was er destijds niet, Toyota was toen met hele andere dingen bezig. De eerste generatie Prius debuteerde in 1997, hoewel dat er wellicht niets mee te maken heeft.

Akio Toyoda en Brian O’Connor
Dat de Toyota Supra een comeback maakt, heeft waarschijnlijk twee redenen. De eerste is de oranje 1994 Toyota Supra MK IV die Brian O’Conner in de Fast and Furious reed. Als “echte” petrolheads kunnen we tegelijkertijd gruwen van de onrealistische rijscenes in de film, maar ook genieten van toch wel bijzonder spul wat in beeld komt. En het genre “Tieten, schieten, helikopters” is lekker vermaak voor een regenachtige zondagmiddag. Het zorgde er in ieder geval voor dat een oranje Toyota Supra A80 nu een serieuze waarde vertegenwoordigt.
De tweede reden dat Toyota niet alleen meer hybride muesli-auto’s bouwt is topman Akio Toyoda. De opperbaas van Toyota racet zelf, komt regelmatig op de Nürburgring, bemoeit zich ook met ontwikkeling van de onderstellen en kunnen we dus gerust karakteriseren als petrolhead.



BMW Z4 of Toyota Supra
Het is geen geheim dat Toyota nauw samenwerkte met BMW om de Supra weer een nieuw leven in te blazen. De business case voor de ontwikkeling, bouw en verkoop van sportwagens is de laatste jaren behoorlijk verslechterd. Milieu- en veiligheidseisen maken ontwikkeling immers veel duurder en de vraag is verplaatst naar crossovers. Samenwerking was dus de enige optie, net zoals Toyota dat al met Subaru deed voor de GT86.

Tijdens de ontwikkeling werkten BMW en Toyota dus samen, waarbij ook duidelijk werd dat beide concerns op een andere manier werken. De Duitsers voeren veel meer ontwikkelingswerk virtueel uit, terwijl de Toyota engineers sneller in een prototype willen rijden. Zo kwam het dat er een hele speciale 2-serie werd gebouwd. Het dak werd verlaagd, maar er verdween ook een stuk uit het midden van de auto. Alleen zo konden de proporties van de toekomstige Supra (en Z4) getest worden.
Heeft de Supra 2.0 genoeg power?
Er is een groep klanten die niet maalt om de absolute prestaties. Ze hoeven niet iedere stoplichtsprint te winnen. Sterker nog, ze verliezen hem al bij voorbaat. Ze trekken die sprint niet eens. Voor die klanten is een beetje vermogen al snel OK, maar is de Supra 2.0 ook leuk genoeg voor diegenen die de handschoen bij het stoplicht wel oppakken?

Hoewel de 2.0 een flinke stap terug doet ten opzichte van zijn grote broer, zijn de specificaties op papier prima. Het is twee cilinders, één liter slagvolume, 82 pk, 100 Nm, maar ook 100 kilogram minder. Onder de bevallige motorkap is een bekend blok te vinden: de twee liter grote B48 motor van BMW (en MINI). In deze trim levert het blok 258 pk en 400 Nm aan koppel.
Net als bij de 3 liter, komt de Supra 2.0 alleen met een automaat: de ZF automaat met acht versnellingen. Die kennen we en stelt ook weer niet teleur. Schakelen gaat snel, foutloos en als je denkt beter te weten, er zijn ook flippers achter het stuur. Het tijdperk van de handbak is inmiddels bijna voorbij, de Supra kan op de lange lijst van auto’s waar die niet op leverbaar is.



Met een beetje hulp van launch control en de goede tractie sprint de Supra 2.0 in 5,3 seconden naar de 100. Dat is een volle seconde langzamer dan de 82 pk sterkere drieliter. Dus ja, je levert behoorlijk in. Maar nee, zo voelt het op zich niet. Zithouding, rijgedrag, motorgeluid en prestaties zijn bijzonder genoeg om lekker te kunnen genieten. Als het lang genoeg leeg is, haalt de Supra 2.0 zijn begrensde top van 250 km/u.

De Supra is wellicht minder speels dan je verwacht: Toyota koos voor de Supra om het chassis vooral op grip te bouwen met moddervet rubber (275/35 ZR 19) op de achteras. Het plakkerige rubber zorgt er voor dat er nauwelijks onderstuur is, wat fijn is. Om een driftje neer te leggen, zal je echter ook echt je best moeten doen.
Geen sper
De zescilinder Supra heeft het van BMW bekende elektronische aangestuurde sperdifferentieel op de achteras. We zijn er fan van: meer grip, meer voorspelbaarheid en als je wilt een lekkere drift. In Nederland krijgt de Supra 2.0 dat diff echter niet en het staat ook niet op de optielijst. Mijn petrolhead hart huilt daar wel een beetje om.
Op zich is het gemis van het sper minder groot dan het in sommige BMW’s was (zoals in de vorige M135i). Tractie is er al genoeg voor als je netjes wilt rijden. Als je liever de hooligan uithangt, zul je de Supra 2.0 bij zijn nekharen de bocht in moeten gooien. Met de banden tegen de gripgrens aan is de Supra dan ondanks het plakrubber aan de achteras tot een klein driftje te verleiden. Gemis aan sper en vermogen zorgen er op droog dan meestal wel voor dat je hem niet makkelijk lang door kan zetten.

Conclusie Toyota Supra 2.0 rijtest
Zonder de prijzen erbij te trekken is het lastig een oordeel vellen. Het vergelijk met de zescilinder Supra ligt voor de hand, die is een “whopping” 20 mille duurder. Dat lijkt de keuze makkelijk te maken, maar er zijn grote verschillen in uitrusting. Behalve het sper, mist de 2.0 onder meer adaptieve cruise control, diverse veiligheidssytemen, elektrisch verstelbare stoelen, draadloos laden van mobiele telefoons, adaptieve LED koplampen en parkeersensoren. De 2.0 heeft bovendien 18” in plaats van 19” velgen en heeft maar 4 in plaats van 10 speakers. De radio kan ook echt niet hard trouwens.
Navi, stoelverwarming, achteruitrijcamera en keyless entry zitten er wel allemaal op. Ergens mis je dus niet veel, maar nog even shoppen in de optielijst zit er ook niet in. Het moet of de volle 3.0 liter worden of de uitrusting accepteren die Toyota voor de Supra 2.0 heeft verzonnen.
Hoe zit het dan met de prijs van de BMW Z4 zul je je wellicht afvragen? Toyota heeft liever niet dat je dat doet, want de Z4 met dezelfde motor is bijna 6 mille goedkoper. De uitrusting is dan minder mooi, maar de BMW heeft wel een dak wat eraf kan. Gevoelsmatig had de Toyota Supra dus iets scherper in de markt moeten staan. Jammer, want looks, rijden en het gevoel als je er in zitten, zijn fantastisch. De Nederlandse wegen verdienen meer van dit soort auto’s, dus koopt allen een Supra.




