De F1 carrière van Max Verstappen's andere vader
Hemlut-en-Max

Dankzij een levendige discussie met opa Frans ligt Jos momenteel onder vuur. Tijd om eens te kijken naar de F1 carrière van Helmut Marko, de baas van Red Bull's junior programma en Max' grootste fan.
Helmut Marko staat in de paddock bekend als een enigszins rare snuiter. Sinds 1999 is hij de baas van het Red Bull junior programma en als zodanig een machtig man in de racewereld. Omdat Red Bull vier auto's aan de start brengt in het F1 veld én omdat het coureurs opleidt vanaf jonge leeftijd is het voor snelle jongeren zonder een goed ontwikkelde geldboom of jaknikker in de achtertuin zo'n beetje de enige hoop om de F1 te halen. Oké, andere teams hebben tegenwoordig ook vaak een opleidingsprogramma, maar mede omdat ze maar twee zitjes te vergeven hebben is de kans dat je via een van die trajecten doorbreekt gevoelsmatig een stuk kleiner. Wanneer was bijvoorbeeld de laatste keer dat een Ferrari-junior een zitje kreeg bij Ferrari? En wat moet Stoffel nog meer winnen voordat ze bij McLaren een van hun veteranen de bons geven om het jonge talent een kans te geven?
Omdat Marko het onvoorwaardelijke vertrouwen van Red Bull eindbaas Dieter Mateschitz geniet, heeft hij op zijn positie dus behoorlijk wat macht. Zoals we weten, moet grote macht echter gepaard gaan met een groot verantwoordelijkheidsgevoel, anders krijg je ongewenste situaties. Of dat bij Marko het geval is, valt te betwisten.
Als we het rijtje van coureurs afgaan die Marko begeleid heeft naar de F1, zien we veel namen voorbij komen die we inmiddels alweer vergeten zijn. Christian Klien was de eerste coureur die te maken kreeg met de grilligheid van Marko. Als destijds 20-jarige werd hij na het winnen van de Masters op Zandvoort in een Jaguar F1-auto gehesen. Dat team zou een jaar later verder gaan als Red Bull Racing. Als teamgenoot van Webber maakte Klien een redelijk goede indruk. Hij was de eerste F1-teamgenoot van Webber die de Ozzie wist te verslaan in het kwalificatieduel. Met de vrij matige Jaaag haalde hij echter maar één keer punten, in België. Het jaar erna moest hij de tweede Red Bull delen met Vitantonio Liuzzi, in de F3000 kampioen geworden als teamgenoot van Robert Doornbos.
Dit is een typisch voorbeeld van de 'pressure cooker' die Red Bull vaak maakt van haar team. Je wordt direct vergeleken met een ander en hebt nul-komma-nul zekerheid dat je de volgende race weer in de auto zit. Klien maakte een iets betere indruk dan Vitantonio en reed dat jaar de meeste races. In 2006 leek Christian in Monaco zelfs op weg naar de eerste podiumplaats voor Red Bull Racing. Hij viel echter uit en de derde plaats viel in handen van teamgenoot Coulthard. Marko verloor het vertrouwen in de F1-waardigheid van zijn jonge landgenoot en Red Bull bood hem op het eind van het jaar aan om het volgende jaar ChampCar te gaan rijden. Klien weigerde. De laatste drie races van het jaar reed Doornbos in zijn plaats.
Dit was een voorbode van wat er in de jaren die volgden zou gaan gebeuren bij Red Bull. Liuzzi, Speed, Buemi, Alguersuari, Bourdais, Vergne, ze werden allen vaak op een niet heel nette manier aan de kant geschoven als Marko daar toevallig zin in leek te hebben. Bourdais kwam als grote man uit het Amerikaanse ChampCar-kampioenschap maar mocht al snel weer vertrekken. Alguersuari zei nee tegen een contract met Lotus omdat hij te horen had gekregen dat zijn zitje vrijwel zeker was. Samen met Buemi werd hij vlak voor het nieuwe seizoen buiten gegooid toen alle andere F1-zitjes al vergeven waren. Vervolgens kwamen er weer nieuwe vervangers die in feite niks méér hadden laten zien in de opstapklasses dan de zittende rijders om het zitje te verdienen. Één van die vervangers had overigens Robin Frijs kunnen heten, maar de Limburger sprak zich uit tegen de manier van zaken doen die Red Bull hanteerde. Het tekent het duivelse dilemma van de jonge coureur zonder geld, want ondanks verschillende kampioenschappen in onder meer de WSBR heeft Frijns nooit een racezitje bemachtigd in de F1.
Maar, Marko heeft ook lievelingetjes. Vettel was de eerste. Ricciardo is niet de tweede. Dat is namelijk onze Max. Deze rijders kunnen niks fout doen in de ogen van Helmut. Herinner het voorval van Vettel die botste met Webber in de GP van Turkije. Velen zeiden dat Seb fout was, sommige claimden dat het een race-incident was, slechts weinigen legden de schuld neer bij Webber. Marko was echter niet te beroerd om dat wel te doen, ondanks zijn belangrijke positie in het team waardoor anderen in zijn positie waarschijnlijk zoveel mogelijk hun best zouden hebben gedaan om neutraal te blijven in het conflict. Ook toen Vettel tegen de afspraken inging en de overwinning van Webber bietste in Maleisië stond Marko pal achter Vettel.
Was het dan ook toeval dat Kvyat na de race in Rusland werd gedegradeerd naar STR omdat hij twee keer tegen Vettel aanbotste? Zeker is dat Vettel direct na het incident even met Marko babbelde, maar wat daar gezegd werd weten we niet. Wel gaf het Helmut het ideale excuus om de man die hij zo'n anderhalf jaar eerder gecontracteerd had na het achtereenvolgens winnen van drie races op Spa én drie races op een natte Norisring met extra haast in het stoeltje te zetten dat hij toch al voor hem had gereserveerd. Kvyat was slechts het volgende 'slachtoffer' in een lange lijn van Red Bull-burnouts.
Maar, hoe verenigd Marko deze aanpak met het feit dat hij zelf niet bepaald de F1-wereld in vuur en vlam zette tijdens zijn korte carrière in de koningsklasse? De man die samen met onze Gijs in 1971 de vierentwintig uur van Le Mans op zijn naam schreef heeft in de F1 namelijk zelf niks indrukwekkends gedaan. Voordat hij in 1972 bij een tragisch ongeval een oog verloor toen een steentje zich door zijn vizier sloeg bij de GP van Frankrijk, reed hij acht races voor BRM. Zijn beste resultaat was daarin een achtste plaats in de GP van Monaco in 1972. Hij kwam daarin drie ronden na de winnaar over de finish. Die winnaar was zijn teamgenoot Jean-Pierre Beltoise. Onder de streep prijken zero points uit negen ingeschreven races, één 'DNS' een privé McLaren, plus de acht voor BRM.
Zijn eigen prestaties staan zodoende in schril contrast met de manier waarop Marko zijn zelf uitgekozen talenten lijkt te behandelen, want hij had zichzelf zonder twijfel moeten ontslaan als rijder. Totdat Marko met pensioen gaat zit Max echter gebijteld bij de Red Bull familie. Zelfs als hij na volgend jaar naar Ferrari gaat, kan hij nog eens aankloppen bij Helmut als een van de nieuwe Red Bull jongens tegen hem aanrijdt tijdens de race...




