Zo komen snelwegen in Nederland aan hun nummer

Praat mee!
Redacteur Autoblog

Snelweg A4 in vroegere tijden

Snelweg A4 in vroegere tijden

Heb je je altijd al afgevraagd waarom de A4 de A4 heet en de N11 niet N481? Dit stukje geschiedenis over ons snelwegennet legt het je uit.

Anders dan je misschien zou denken, is de A1 bijvoorbeeld helemaal niet de oudste autosnelweg van ons land. Dat is namelijk een deel van rijksweg 12, die al in 1937 werd opgeleverd. Het eerste volledige stuk autosnelweg dat werd opgeleverd was de A2, het stuk tussen Amsterdam en Utrecht werd in 1954 in gebruik genomen.

Het eerste rijkswegenplan

In 1915 dient Minister van Waterstaat Cornelis Lely (inderdaad, die van de dijk en de Vinex-stad) het eerste rijkswegenplan in. Hierin pleit hij voor doorgaande wegen tussen de verschillende grote steden van ons land. Aangezien de Eerste Wereldoorlog op dat moment in volle gang is en autoverkeer wordt lamgelegd door benzinetekorten en rijverboden, komt het plan nooit van de grond.

Rijkswegenplan GIF

Het rijkswegenplan uit 1927 versus de huidige situatie

Terwijl de auto gestaag aan een opkomst bezig was, groeide het wegennet niet mee en was de automobilist aangewezen op door lokale overheden aangelegde wegen die doorgaans niet van goede kwaliteit waren. In 1927 komt er dan eindelijk een nieuwe rijkswegenplan, ditmaal veel uitgebreider dan het plan uit 1915. In dit plan krijgen de rijkswagen allemaal een eigen nummer en wie dit plan uit 1927 over de huidige wegenkaart legt, ziet verassend veel overeenkomsten. Het plan wordt nog verder verfijnd in 1932, waarin rijkswegen 1 tot en met 82 worden ingetekend.

Bij de nummering krijgt Amsterdam als hoofdstad de voornaamste rol. Rijksweg 1 loopt van Amsterdam via Bunschoten naar Hoevelaken en de rijkswegen 2 tot en met 7 liggen met klok mee rondom Amsterdam. Rijkswegen 8,9 en 10 verbinden andere steden in Noord-Holland met elkaar, rijksweg 11 gaat van leiden naar Bodegraven en rijksweg 12 tot en met 14 lopen vanuit Den Haag. Van 15 tot en met 20 is Rotterdam aan de beurt tot we uiteindelijk bij rijksweg 82 aanbelanden die Maastricht met het Belgische Lanaken verbindt.

Rijkswegenplan-1958

klik voor grotere afbeelding

Hoewel veel van deze snelwegen nooit worden gerealiseerd, is dit rijkswegenplan wel in grote mate bepalend geweest voor de naamgeving van ons netwerk van autosnelwegen. De A1 is inmiddels doorgetrokken tot aan de Duitse grens, de A2 sinds kort tot aan de Belgische grens en de A4 loopt van Amsterdam -eindelijk- tot aan Pernis nadat na vijftig jaar gesteggel het stuk tussen Delft en Rotterdam is aangelegd. Dat de A4 eigenlijk een directe verbinding moest worden tussen Amsterdam en Antwerpen blijkt wel uit het feit dat tussen Heijningen en de Belgische grens eveneens een stuk snelweg ligt met de naam A4. Dit stuk zal vermoedelijk nooit meer gerealiseerd worden, aangezien je via de A15, A29 en A59 tegenwoordig je weg kan vervolgen en de route A2-A27-A16 nu de belangrijkste en snelste verbinding is tussen Amsterdam en Antwerpen.

Stille getuigen van nooit gerealiseerde plannen

Rijksweg 3 werd nooit gerealiseerd als autosnelweg en naar een A3 moet je in ons land dan ook tevergeefs zoeken (de Audi buiten beschouwing gelaten). Na diverse aanpassingen aan de route werd het plan om een snelweg dwars door het groene hart te laten lopen definitief afgeblazen. Een klein deel van het traject werd echter wél gerealiseerd en dat is de N3 bij Dordrecht.

A2

Rijksweg 2 bij Nunspeet, vermoedelijk niet lang na de opening. Op de voorgrond een Fiat 1100.

Uiteindelijk zijn vrijwel alle één- en tweecijferige A- en N-wegen terug te leiden naar oude Rijkswegenplannen waarin de laagste getallen rondom Amsterdam te vinden zijn, de twintigtallen in Zuid-Holland, De dertig- en veertigtallen in Oost-Nederland, vijftig- en zestigtallen in zeeland en Brabant en de meeste wegen in Limburg een getal hoog in de zestig of zeventig hebben.

Indien mogelijk krijgen ook nieuw gerealiseerde wegen een naam die in deze systematiek past. Neem de A5, de snelweg vanaf knooppunt Coenplein (met de A10) tot aan knooppunt de Hoek (met de A4). Deze loopt weliswaar niet vanaf Amsterdam naar Haarlem, maar valt wel mooi tussen de A4 en A7/8 in. Overigens heette het korte stukje snelweg tussen Haarlem en Halfweg, in de richting van Amsterdam eerst A5, maar dit stuk weg is in 1993 omgedoopt tot A200.

Ook vroeger was er al file

Uitzonderingen

Natuurlijk zijn er altijd uitzonderingen. In rijkswegenplan 1932 wordt Rijksweg 6 nog beschreven als een verbinding tussen Amsterdam en Velsen, maar dit plan werd begin jaren '50 definitief geschrapt. In het rijkswegenplan uit 1968 wordt de min of meer huidige rijksweg 6 voor het eerst benoemd, dan nog via Haarlem, onder Amsterdam door, door Flevoland via Emmeloord door tot aan Groningen. Uiteindelijk zal de weg aangelegd worden vanaf Knooppunt Muiderberg (met de A1) tot aan Joure, waar een verbinding is met de A7. Het stuk tussen Joure en Emmeloord was voor de voltooiing van Lelystad overigens de A50, maar in 1994 zijn deze twee snelwegen samengevoegd tot de A6. Het overige stuk A50 is nu de N50.

Een andere uitzonderingen is bijvoorbeeld de A38 bij Ridderkerk, met 1548 meter de kortste autosnelweg van Nederland. Ook de A326 bij Wijchen is een vreemde eend in de bijt. Maar los van dergelijke uitzonderingen, is de nummering van onze snelwegen eigenlijk lang niet zo willekeurig als je misschien dacht.

Foto's: Beelbank Rijkswaterstaat, met dank aan @87sandyd voor de initiële vraag.

Video