Betaalbare kleine coupé’s van de jaren ’90, dit zijn 13 voorbeelden

Praat mee!

Ford Puma

Ford Puma

Uit de tijd dat betaalbare kleine coupe's nog overal te vinden waren.

Tegenwoordig is de compacte crossover een zeer populair segment. Denk aan auto’s als de Renault Captur, Peugeot 2008 of Volkswagen T-Cross. Of de Ford Puma, natuurlijk. We kennen de Ford Puma tegenwoordig als kleine crossover met een relatief volwassen interieur en prima rijeigenschappen. De ideale auto voor de Fiesta rijder die iets hoger wil in plaats van groter.

In de jaren ’90 was dat nog niet het geval. Toen was er een nieuwe trend. Naast de betaalbare roadster was de betaalbare kleine coupé een populair autotype. Een tijd geleden keken we al naar de sportieve en prijzige compacte coupe’s, voor nu kijken we echt naar de hele bereikbare coupé’s.

In bijna alle gevallen was er ook keuze uit motoren. Dus naast de motor die je daadwerkelijk wilde, was er ook een motor die je daadwerkelijk kon betalen. Maar dat maakte niet uit, je bestelde eentje in een opvallende kleur, zette 2 Brother on the 4th Floor op de Radio-cassette aan en je dag kon niet meer stuk. Dit zijn 13 geinige voorbeelden:

Honda CR-X 1.5X Style-S (EF6)

1990

betaalbare kleine coupé’s Honda CRX

De moeder van de kleine coupe’s is natuurlijk de Honda CR-X. Eigenlijk hoort dit voorbeeld er niet tussen. De CR-X is eigenlijk een kind van de jaren ’80 en in de jaren ’90 werd het een meer upmarket sportcoupeetje met targadak. De versie met VTEC was heel erg exotisch, snel en prijzig. Het gros van de CR-X’en was natuurlijk de gewone 1.6i. De meeste exemplaren kwamen terecht bij jonge bestuurders met grote tuningsplannen die al dan niet werden uitgevoerd. Veelal waren ze halverwege de ‘metamorfose’ afgeschreven of weggeroest. De exemplaren die over zijn gebleven moeten we koesteren.

Nissan NX Coupé 1600 Type S T-Bar (B13)

1991

Nissan NX Coupé

Als het aankomt op sportieve en betaalbare kleine coupe’s uit de jaren ’90, kunnen we niet om Nissan heen. De Silvia is natuurlijk het meest bekende voorbeeld, maar wat te denken van de 100 NX? Het was een funky 2+2 coupeetje met targadak en bijzondere gevormde koplampen en gesloten grille. Het gaf de auto een zeer uniek voorkomen. In technisch opzicht was de auto minder bijzonder, want het was min of meer een Pulsar met een leuke koets erop. In Nederland kon je ‘m krijgen met een betaalbare 1.6 of juist de 2.0 ‘SR20DE’ zestienklepper. In Japan (waar 'ie NX Coupé heette) was zelfs een 1.5 mogelijk.

Isuzu Impulse 181XE/S (JT221F)

1991

betaalbare kleine coupé’s - Isuzu Impulse

Het merk Isuzu komt tegenwoordig niet heel erg vaak meer voorbij in Nederland. Het merk is nog wel actief met bedrijfswagens, maar niet meer met personenauto’s. Zonde, want Isuzu heeft de meest interessante auto’s op de markt gebracht. Tenminste, als je van obscure Japanners houd. De Isuzu Impulse werd in Japan verkocht als Isuzu Piazza en in Canada als Asüna Sunfire. De Impulse was een betaalbare kleine coupé die je kon krijgen met diverse viercilinders, waaronder de 1.6 met turbo die ook dienst deed in de Lotus Elan (M100), dankzij het feit dat zowel Isuzu als Lotus toen onderdeel waren van General Motors.

Mazda Eunos Presso (EC8SE)

1992

Mazda Eunos Presso

Mazda pakte in het begin van de jaren ’90 uit met een lading aan gedurfde auto’s. Het meeste lef toonde men door bijna alle facetten van de Lotus Elan te kopiëren en het resultaat MX-5 te noemen. De MX-3 (in Japan Eunos Presso) was geen roadster, maar een origineel klein coupéetje met voorwielaandrijving, dat technisch gezien enigszins gelieerd was aan de 323. Het meest bijzondere aan deze auto was de 1.8i motor, waarbij de cilinderinhoud niet was verdeeld over 4, maar zes cilinders. Jazeker, onder het kopje lag overdwars een piepkleine V6. Maar een 1.6 viercilinder was leverbaar voor degenen voor wie het echt alleen om de looks ging.

Rover 200 Coupé (R8)

1992

betaalbare kleine coupé’s - Rover 200 Coupé

We hebben zelfs een Britse toevoeging aan de lijst. De Rover 200 Coupé was helemaal hip in de jaren ’90. In 1992 kwam de auto op de markt, specifiek gericht op een jonge doelgroep, zodat de ouderen die graag jong wilden zijn er eentje gingen aanschaffen. De Rover 200 Coupé heeft wat ‘Honda-vibes’, met name omdat de auto komt uit het tijdperk dat Rover en Honda nog innig samenwerkten. De 200 was leverbaar met drie motoren. De goedkoopste was de 1.6 met 110 pk, een Honda motor. Er waren ook twee tweeliters, waarvan eentje met turbo. Die zijn tegenwoordig nog steeds erg snel te noemen. In 1996 werd de naam gewijzigd naar Rover Coupé, in 1998 was het alweer voorbij voor de elegante Brit.

Hyundai S Coupe

1993

Hyundai S Coupé

Het Zuid-Koreaanse merk Hyundai heeft lange tijd in de ‘value-for-money’ hoek gezeten. Iets te lang misschien. In technisch opzicht was er niet heel erg veel mis mee, het was vaak belegen Mitsubishi-techniek dat het nog prima deed. Maar die goedkope lijmlucht in het interieur, de zeer matige afwerking en de absoluut on-inspirerende rijeigenschappen zorgden ervoor dat iedere petrolhead niet naar het merk omkeek. Tot de Scoupé kwam. Het was een strak gelijnde coupé, gebaseerd op de Excel. De 1.5 viercilinder was in standaardvorm goed voor 92 trappelende paarden. In 1993 werd de auto gefacelift, waarbij Lotus het onderstel mocht afstellen en Hyundai een 1.5 turbo monteerde in het vooronder.

Toyota Cynos (L52)

1995

betaalbare kleine coupé’s - Toyota Cynos

Dat betaalbare kleine coupé’s ook heel saaie mochten zijn, bewees Toyota. Logisch, want het merk had in de jaren ’90 enorm veel leuke tweedeurs auto’s in de aanbieding, waaronder de Toyota Cynos. Deze kregen wij onder de naam 'Paseo'. De Paseo was aanvankelijk bedoeld voor de Amerikaanse en Canadese markt als goedkope doch jeugdige auto voor een zacht prijsje. De auto was gebaseerd op de Tercel, een modelletje on der de Corolla. Onder de kap juiste een 1.5 viercilinder, een nog bescheidenere 1.3 was leverbaar in Japen. De strak gelijnde coupé was een paar minuten in Nederland een klein beetje populair. Er kwam zelfs een cabriolet-versie van.

Opel Tigra (A)

1994

Opel Tigra

De Opel Calibra was een groot succes in het begin van zijn carrière. Niet alleen verkocht de Calibra als zoete broodje, maar wist de Calibra er ook voor te zorgen dat het ietwat belegen imago van zich afgeschud kon worden. Met de Tigra zette Opel die lijn door. De auto was gebaseerd op de Corsa, maar kreeg een compleet uniek koetswerk mee. De voorkant met gesloten grille was zeer opvallen, alsmede de achterzijde. De achterlichten waren dusdanig exclusief en exotisch dat de Callaway C12 ze ook kreeg. In technisch opzicht was de Tigra niet bijzonder: met maximaal 100 pk reed je amper een deuk in een pakje boter, maar het was een ideaal autootje voor erbij.

Dodge Colt Coupe

1993

betaalbare kleine coupé’s - Dodge Colt Coupé

In Amerika kunnen ze een goedkope coupé wel waarderen. De Dodge Colt Coupé klinkt cooler en spannender dan dat ‘ie is. De Dodge Colt was namelijk vooral een heel verstandige ‘econobox’. In Nederland konden we de Dodge Colt als Mitsubishi Colt bij de dealer bestellen. Maar, voor wie zijn leven nog niet zo zouteloos was, kon men opteren voor de Colt Coupé. Deze reed net zo saai, maar zag er iets meer sprankelend uit.

Pontiac Sunfire Coupe GT

1995

Pontiac Sunfire GT

Relatief gezien is de Sunfire eigenlijk een tikkeltje te groot voor het lijstje. Maar ja, in de Verenigde Staten voegen ze graag wat extra centimeters aan staal, plastic en rubber toe, zonder dat dat daadwerkelijk leidt tot een ruimere of beter rijdende auto. De Sunfire was een kek en spotgoedkope auto die je naast coupé ook als sedan of cabriolet kon krijgen. De 2.2 benzinemotor leverde nauwelijks 130 pk, alhoewel een potentere 2.3 tot de mogelijkheden behoorde. Ondanks dat het een Amerikaanse auto in hart en nieren was, kon je geen V6 of V8 krijgen. Aan de andere kant, voor iets meer dan 11 mille in dollars had je een nieuwe Pontiac Coupe. De interessant genaamde Sunfire GT koste nog geen 13.000 dollar en dan had je dikkere motor.

Renault Mégane Coupe

1995

betaalbare kleine coupé’s - Renault Mégane Coupé

Natuurlijk staat er ook een discutabele auto in het lijstje. Is het wel een coupé? Het is toch immers een driedeurs hatchback op basis van de Renault Mégane Berline? Dat klopt, maar er is wel serieus werk van gemaakt op de Mégane Coupé een eigen gezicht mee te geven. Met name aan de achterkant, met de zeer origineel vormgegeven achterlichten. Ook is de wielbasis daadwerkelijk korter dan de reguliere Mégane. In technisch opzicht was het allemaal niet heel erg bijzonder. Er waren geen sportieve varianten, maar met de 1.4 of 1.6 kon je prima meekomen met het verkeer en als je een gele had, dan maakte de motor niet uit. Kijk hoe cool je was!

Ford Puma (EC)

1997

Ford Puma

Misschien wel de beste uitvoering van het idee: simpele basis, maximaal resultaat. De Ford Puma was natuurlijk gewoon een Ford Fiesta coupé. De Fiesta was gelukkig aan het eind van de jaren ’90 veel leuker om in te rijden, dan aan het begin. De Puma kreeg de volledige New Edge designstijl. Net als met veel andere auto’s was de Puma leverbaar met een bijzondere motor, in dit geval een 1.7 van Yamaha. Maar ook met de reguliere 1.4 kon je meer dan voldoende lol hebben. Het blokje was soepel en makte graag toeren, waardoor de snelheidsbeleving best hoog laag, terwijl de cameraploeg van Leo de Haas er niet naar om keek.

Honda Insight (ZE1)

1997

betaalbare kleine coupé’s - Honda Insight

Zo snel als de markt voor kleine coupeetjes opkwam, zo snel verdween deze ook weer. In Europa kwam dat voornamelijk door de coupé-cabriolet, dat de nieuwe niche was. Als je dan toch een klein en bijzonder autootje wil, waarom dan niet eentje waarbij het dak eraf kan? De Honda Insight was een briljante auto, die helaas niet begrepen werd. Als je goed kijkt naar de proporties, zie je dat de CR-X model heeft gestaan. Sterker nog, het is de schakel tussen de CR-X en de CR-Z. De Insight was destijds de eerste hybride auto ter wereld. Dat niet alleen, je kon er daadwerkelijk erg zuinig mee rijden.