12 jaren '80 coupé's met achterwielaandrijving
coupe's met achterwielaandrijving - Porsche 944 S

Jazeker, we hebben we een shortlistje gemaakt. Ditmaal van de gaafste 'betaalbare' coupe's met achterwielaandrijving.
We gaan weer terug naar een specifieke tijd. Ditmaal de jaren '80. In die tijd waren er nog niet zoveel sportpaketten, snelladers en crossovers om de blits mee te maken. Nee, in de jaren '80 was het nog pure mannelijkheid waarmee je 'indruk' dacht te kunnen maken.
Dit betekende wel dat het wagenpark er anders uit zag. De families reden rond in hatchbacks, grote families in stationwagons. Een sedan was een zakenauto. Alleen de viriele, bronstige en behaarde oermens ging voor een coupé.
Het was goed voor je libido, goed voor je ego en goed voor begerige blikken door de winkelstraten. We kijken naar de gaafste coupé's met achterwielaandrijving. Voor nu kijken we naar de relatief betaalbare 'coupeetjes' tussen de 150 en 200 pk. Dat was destijds het minimale vermogen dat benodigd was om de Michelin TRX bandjes te doen spinnen en de bevallige deernes ervan te overtuigen dat jij als bestuurder uitermate goed geschikt bent voor eventuele voortplanting.
Alpina C1 2.3 (E21)
1980

Tegenwoordig maakt Alpina alleen maar topmodellen. De sterkste BMW in de lineup krijgt dan meer luxe en power. Dat is niet altijd zo geweest. De Alpina C1 2.3 is daar een voorbeeld van. Zelfs toen BMW de 323i zelf ging leveren, bleef de Alpina C1 in productie. Nou ja, productie: het was in feite een tuning-kit, je kocht zelf een 3 Serie en bracht 'm naar Alpina toe. Pas later, met de E30, toen Alpina een fabrikanten-status kreeg, werd de C1 gebouwd bij Alpina zelf. De 2.3 liter grote zes-in-lijn was in dit model goed voor 170 pk. Waarschijnlijk een van de langzaamste Alpina's ooit gebouwd met een topsnelheid van 208 km/u. Er was overigens ook een sterkere Alpina op basis van de E21, de B6 2.8 met 200 pk.
Alpine A310 V6
1981

Aanvankelijk dachten we aan de Renault Fuego, een schattig autootje met een zeer origineel koetswerk, maar die was een tikkeltje te langzaam voor dit overzicht. Vandaar dat we een trapje hoger kijken. De Renault Alpine A310 V6 is eigenlijk al iets te duur en prestigieus, maar als voorganger van de Autoblog Auto van het Jaar wilde wij 'm jullie niet onthouden. De Alpine A310 is een soort Franse combinatie tussen een Lotus en een Porsche. Lichtgewicht en met de motor achter de achteras.
Maserati Biturbo Coupé (AM331)
1982

Een Maserati in het lijstje? Die zijn toch enorm prijzig? Nou, nee. De Biturbo moest het eigenlijk gaan opnemen tegen de luxe en krachtige middenklassers met een premium badge. De BMW 3 Serie, bijvoorbeeld. Ondanks de exotische techniek, exotische badge en exotische betrouwbaarheid, was de Biturbo compact en relatief betaalbaar: iets boven 325i-niveau. De 2.5 V6 achtienklepper (drie per cilinder) was goed voor zo'n 190 pk. Deze versie met carburatoren waren niet al te best. pas na diverse facelifts en technische updates kwam het potentieel naar boven, maar werd de auto extreem veel duurder. Tweedehands zijn deze auto's spotgoedkoop.
Toyota Corolla Levin GT-Apex 2-door (AE86)
1983

Dit is een legende die op zich eigenlijk geen nadere introductie behoeft, maar we hebben 'm wel voor je. Er zijn meerdere modellen van de AE86: de Sprinter Trueno (klapkoplampen) en Corolla Levin (normale koplampen). Vervolgens was er keuze uit een driedeurs liftback of tweedeurs coupé. De Corolla Levin werd een icoon, mede dankzij Initial D, Gran Turismo en de Japanse driftsport. De 4A-GEU motor is met 130 pk eigenlijk te weinig voor dit lijstje, maar dat maakte de Corolla Levin meer dan goed met een waanzinnige wegligging en een laag gewicht. Ook deze motor was relatief eenvoudig te voorzien van meer vermogen.
Alfa Romeo GTV6 2.5 Grand Prix (116)
1985

Als het gaat om relatief betaalbare coupe's met achterwielaandrijving, dan mag de Alfa Romeo GTV6 gewoon niet ontbreken. Er is iets zeldzaams perfects aan zo'n GTV6 2.5. De auto tikt alle boxen aan voor de puristische petrolhead: styling van Giugiaro, achterwielaandrijving, transaxle, een Busso V6, een optreden in een James Bond-film (Octopussy). De Grand Prix uitvoering deed daar een bodykit (van Zender) en luxer interieur bovenop. Naar hedendaagse maatstaven zijn de prestaties niet bijster indrukwekkend, maar de balans en het geluid is dat wel. Wil je een moderne Hot Hatch met scheetjes of een Busso V6 door RVS? Dan maar wat langzamer. Kun je er ook langer van genieten.
Ford Mustang SVO
1985

Ja, er was een Ford Capri in de jaren ’80. Dat was echter maar tot 1984. In de jaren ’80 was de ‘Fox Body’ Mustang de coupé waar het om ging. De Mustang is immers één van de bekendste (relatief) betaalbare coupé's met achterwielaandrijving. Ondanks de keuze voor diverse achtcilinders (Windsors) was de snelste Mustang een, jawel, viercilinder! De huidige Ecoboost is dus niet zo misplaatst, want in de jaren ’80 zagen de ingenieurs bij Ford in dat je met de 2.3 viercilinder en een turbo heel veel kon bereiken. De Mustang SVO (Special Vehicle Operations) was niet alleen voorzien van een 175 pk sterke 2.3, maar ook een upgrade voor het onderstel, de remmen, wielen en banden. Tevens kreeg je een sperdifferentieel. Latere modellen hadden zelfs 205 pk en 330 Nm!
Nissan Silvia RS-X Turbo (S12)
1986

Denk je aan een compacte, achterwielaangedreven tweedeurs, dan denk je meteen aan een Nissan Silvia. Althans, de gehele driftscene in Japan en Australië. De Nissan Silvia vergaarde deze populariteit niet door een uitmuntende roestpreventie. De wegligging, gewichtsverdeling, betrouwbaarheid en potentie van de SJ20ET-motor droegen wel bij aan de naam. De RS-X Turbo was het topmodel voor de Japanse markt. Het was de laatste Nissan Silvia met de FJ20ET motor. Deze motor komt oorspronkelijk uit de Skyline (R30) en is eigenlijk de motor waarmee het allemaal begon, als het gaat om de tuningscene en betrouwbaarheid. Al in de jaren '80 wisten Japanse tuners er met gemak 300 pk of meer uit te halen. De Silvia S12 was de voorbode voor de 200SX.
Porsche 944 S
1986

In veel gevallen betekent de toevoeging ’S’ bij Porsche daadwerkelijk iets. In dit geval is dat ook het geval. De 944 S was de eerste 944 met vier kleppen per cilinder, een heuse zestienklepper dus. In principe was het de halve motor van de 928 S4. Het resultaat was een 2.5 16v motor met 190 pk. Hiermee was een topsnelheid van 232 km/u mogelijk, enorm snel in die tijd. Volgens @Jaapiyo is de Porsche 944 zonder S veel beter. De achtklepper heeft een beter koppelverloop, wat beter bij de bak past. Voor de liefhebbers van een ouderwets schop in de rug kon je nog doorsparen voor de 944 Turbo.
Mitsubishi Starion Turbo EX
1987

Een van de meest typische jaren ’80 coupé's met achterwielaandrijving was de Mitsubishi Starion. Een auto die overigens werd opgevolgd door een typische jaren ’90 auto: de Mitsubishi Eclipse. De Starion moest echter een rol in The Fast & The Furious documentaire ontberen, waardoor deze helaas niet zo bekend is. De leukste is deze Japanse Starion Turbo EX, compleet met widebody en de potente 4G63 motor die later furore zou maken in de Mitsubishi Lancer Evolution. De Amerikaanse Starion (ESI) zijn ook cool, maar hebben een grotere en wat luiere 2.6 4G54-motor.
Pontiac Fiero GT (G97)
1987

Ok, met 140 pk komt deze Pontiac net even 10 pk te kort voor dit lijstje met coupé's met achterwielaandrijving, eigenlijk. De Pontiac was niet bovengemiddeld snel noch gezegend met een briljante wegligging. Toch is de Fiero een bewijs dat het daar niet alleen om gaat. Stijl en uitstraling zijn ook van groot belang. De Fiero GT zag er zonder meer duurder en sneller uit dan dat ‘ie was. Je kon dat effect vergroten door er het koetswerk van een andere (liefst Italiaanse) supercar over te doen. Ga wel voor de V6, want de viercilinder heeft minder dan 100 pk en dat is écht te weinig voor een auto met middenmotor. Heel erg fout kan stiekem best wel goed zijn.
BMW 320is Coupé (E30)
1988

De BMW M3 kennen we allemaal. De BMW 325i ook. De BMW 320is is een soort tussenmodel. Deze bijzondere uitvoering is geleverd in Portugal en Italië. De reden is eenvoudig, daar werden auto’s erg streng belast met een cilinderinhoud van meer dan 2 liter. De 320is heeft de S14 motor uit de BMW M3, maar met een kortere slag. Het resultaat: minder dan 2 liter inhoud. Qua power had je met de 320is niet eens zo gek veel minder: 196 pk. Ze zijn wel zeldzaam, in drie jaar tijd zijn er 2.542 van gebouwd.
Mazda RX-7 Turbo-II (FC3S)
1989

We sluiten de jaren '80 af met de Japanse Porsche 944, namelijk de Mazda RX-7. Het was vrij duidelijk te zien waar de Mazda-ontwerpers hun 'inspiratie' vandaan haalden. Zelfs de Cabriolet was bijna een directe kopie. In technisch opzicht was het anders. Zo had de 944 wel de beschikking over roestpreventie. De RX-7 was uiteraard voorzien van een tweeschijfs rotatiemotor. Na de laatste facelift in 1989 was de rotatiemotor voorzien van een sequentiële turbo. In 1989! Ondanks dat de RX-7 van de jaren '90 een pareltje eerste klas was, koste die auto simpelweg te veel geld. Dit was de laatste stoere jaren '80 coupe met achterwielaandrijving die nog een beetje betaalbaar was.




