Dit zijn de 15 dikste sportsedans van de jaren 90
Mercedes-Benz 500 E (W124) '91

De allerdikste, gaafste en coolste Autobahn kanonnen, met plaats voor de familie. Dit zijn de de dikste sportsedans van de jaren 90.
Bij veel petrolheads heeft de Lotus Omega een bijzondere indruk achter gelaten. Een relatief eenvoudige Omega die de vloer aanveegde met al het snelle spul uit Duitsland. De impact van de Lotus Omega is bijna niet te onderschatten. Het was een zeldzame doch snelle sedan van de jaren 90 en mede daardoor heeft de Lotus Omega een immer legendarische status.
De Lotus Omega was zo snel, dat er in het Britse Lagerhuis kamervragen over werden gesteld. De Lotus Omega zou onverantwoord snel zijn. De Lotus Omega was namelijk niet voorzien van een begrenzer en liep doodleuk 280 km/u. Dat is eigenlijk een gedeelte van het verhaal, want de topsnelheid had hoger kunnen zijn als de laatste versnelling niet zo idioot lang zou zijn. Hoe snel de Lotus Omega is, gaan we illustreren met een lijstje. Puur ter lering en voor het vermaak, uiteraard.
Alpina B10 Biturbo (E34) '89
Uiteraard gaan we een beetje vals spelen, want dan komen we bij de écht zeldzame projecten terecht. De Alpina B10 is géén getunede M5. De basis voor de B10 Biturbo is de legendarische M30 zes-in-lijn. Dit blok werd vervolgens door Alpina onder handen genomen. Denk aan een nieuw brandstofsysteem (Bosch), nieuwe zuigers (Mahle) en twee T25 turbo's (Garett). Het resultaat: 355 pk en 520 Nm. Hiermee had Alpina een auto gecreëerd die sneller was dan de M5, zij het op een compleet andere manier. Sterker nog, de hardware en bouwwijze lijkt erg sterk op die van de Lotus Omega. Qua prestaties scheelde het niet veel, op papier was de Alpina nipt sneller.

Lotus Omega '90
Hier begon het dus mee. Twee dingen waren eigenlijk bijzonder aan de Lotus. Ten eerste de basis: dat was een relatief eenvoudige Omega 3000. Niet dat je je daarvoor hoefde te schamen, integendeel. Maar het was net een 530i concurrent, geen M5 tegenhanger. De Omega maakt compleet gehakt van de M5. Die had destijds 315 pk, de Omeg 377 stuks. Dan hebben we het nog niet eens over het maximum koppel, want dankzij de dubbele turbo was ook de Omega op dat gebied heer en meester.

Mercedes-Benz 500 E (W124) '90
Dit was de grote concurrent van de Lotus Omega. Misschien niet direct qua doelgroep. De Lotus Omega was voor de excentriekeling met een gevoel voor humor. De 500 E was veel serieuzer. De 500 E komt uit de tijd dat AMG 'slechts' een tuner was. De 500 E werd gebouwd door Porsche, dat goed een opdracht kon gebruiken in die periode. De 5.0 motor kwam uit de SL500 en was in de 500 E goed voor 326 pk. De 500 E was niet sneller dan de Lotus Omega, maar voelde wel alsof 'ie uit één brok graniet gebouwd was, in tegenstelling tot de brozere Lotus.

Callaway C9 Supernatural SS '94
In de Verenigde Staten wordt zo nu een dan een dikke sedan gebouwd. De jaren '90 waren niet al te best. De meeste exemplaren waren extreem saaie sedans met grote V6-motoren die nauwelijks vermogen leverden op de voorwielen. Het was een trieste periode. Het dikste wat uit de fabriek kwam rollen was de Chevrolet Impala SS, wat een soort sportieve Caprice Classic was. Die leverde met 260 pk te weinig voor dit lijstje. Gelukkig was er ook een korte periode dat Callaway Supernatural SS bouwde. De Supernatural-conversies deed Reeves Callaway ook al voor de Corvette en aangezien de Impala SS een LT1 V8 had uit de Corvette, was dat geen enkel probleem. Het resultaat: 404 pk! Callaway is een briljante tuner: banden, veren, dempers, remmen en dergelijke werden aangepast, maar het uiterlijk werd ongemoeid gelaten.

BMW M5 (E34) '94
Ok, toen de Lotus Omega uitkwam, was de BMW M5 (E34) voorzien van een 3.6 liter motor met 315 pk. Aan het einde van 1991 werd de M5 voorzien van een 3.8 liter S38B38 motor, goed voor 340 pk. In 1994 werd de vijfbak vervangen door een zesbak. Nog steeds niet voldoende, maar als je de motor goed op toeren hield (wat beter ging met de zesbak), kon je de Lotus Omega redelijk goed bijhouden.

Jaguar XJR Manual (306) '94
De Jaguar XJR komt het Duitse feestje verstoren. De eerste generatie XJR waren bijzonder, maar vanaf 1994 kwam de nieuwe generatie die aanzienlijk sneller was. Dat kwam doordat er gebruikt werd gemaakt van een 4.0 zes-in-lijn met Eaton supercharger. Met 326 pk was de auto niet het sterkste in zijn kladde, maar het koppel (512 Nm) maakte veel goed. Helemaal bijzonder was dat je deze sedan kon bestellen met een handgeschakelde transmissie. De handbak van Getrag had vijf verzetten. Zie nu maar zo'n Jaguar eens te vinden. In 1998 kwam er een V8 met supercharger. Deze was alleen leverbaar met de automaat van Mercedes.

Mercedes-Benz E60 AMG (W124) '94
In de jaren '80 waren de Hammers van AMG de bruutste sedans. Begin jaren '90 was het de 500 E (in 1993 omgedoopt tot E 500). De ultieme brute dikzak is deze E60 AMG. Een tot 6.0 opgeboorde V8 met 381 pk. De basis was de E 500, maar dan met meer snelheid en uberholprestige. Alhoewel dat laatste relatief gezien meeviel, want ook deze variant was bijzonder incognito. Dat is tegenwoordig wel anders. De E60 AMG is misschien wel de gaafste van de gaafste uitvoeringen van de W124.

HSV GTS R HRT Optimised (VS) '95
De Australiërs mogen ook eventjes mee doen. In de jaren '90 begon Holden Special Vehicles (HSV) net op gang te komen. Ze kwamen met van alles: van sportpaketjes tot speciale homologatiemodelen. De HSV GTS R was een extra brute, heftige en snelle versie van de HSV GTS, dat op zijn beurt weer een snelle Holden Commodore SS was. Onder de knalgele motorkap vinden we bij deze Honey Badger een 5.7 liter V8, die ongeveer 315 pk weet te mobiliseren en een heleboel (475 Nm) koppel. Deze V8 is gekoppeld aan een handgeschakelde zesbak. Alle GTS R modellen zijn geel met zwarte wielen en die spoiler. De HRT Optmised was een optioneel pakket en tilde het vermogen naar 315 pk dankzij een grondig herziene motor.

Audi S6 Plus 4.2 quattro (C4) '96
Bij Audi begon het allemaal vrij eenvoudig. De Audi 100 S4 had een 2.2 liter grote vijfcilinder, goed voor 220 pk. Niet verkeerd, maar lang niet opgewassen tegen het geweld. Gelukkig evolueerde de auto met een V8 (280 pk) en een facelift model, de S6 met 230 (vijfcilinder) of S6 V8 met 290 pk. De S6 Plus was een speciaal project van quattro GmbH. De sedan uitvoering was zeer zeldzaam, er zijn er minder dan 100 van gebouwd. Toen al gingen de meeste klanten voor de Avant. Maximum vermogen? 326 pk. Interessant, maar nog steeds niet voldoende om aan te haken. Toch, dit was de eerste Audi RS6, zonder daadwerkelijk die naam te gebruiken.

Mercedes-Benz E50 AMG (W210) '96
In principe is de E50 AMG de opvolger van de E 500. In principe zou deze nóg beter moeten zijn. In principe zou Nederland van Spanje kunnen winnen tijdens de WK finale in 2010. Het lag niet zozeer aan de modificaties van AMG: die waren zorgvuldig gekozen en uitgevoerd. De basis van deze auto (de 'W210') was simpelweg niet zo doorwrocht als zijn voorganger (de 'W124). Desalniettemin, met 347 pk en 480 Nm nog altijd een machtige machine. Niet veel later werd de V8 vergroot naar 5.4 liter, goed voor 354 pk en 510 Nm. Deze heten dientengevolge E55 AMG.

Maserati Quattroporte Ottocilindri Biturbo (AM337) '96
Zelden waren sportsedans voorzien van zo'n strakke koets. De basis is in de verte nog de Biturbo, maar de Quattroporte IV is groter, moderner en luxer. Sneller ook. De meeste Biturbo derivaten hebben een V6 biturbo motor, maar de Quattroporte kon vanaf 1995 ook besteld worden met een 3.2 liter grote V8 met twee IHI turbo's. Het resultaat? Een maximum vermogen van 335 pk en een topsnelheid van 270 km/u. Niet sneller dan de Lotus Omega, maar wel heel erg veel stijlvoller.

Audi S8 (D2) 'Handschalter' '96
Waarom de grotere Audi S8 benoemen, terwijl deze nauwelijks sterker was dan de S6 Plus? Ten eerste was het een van de weinige grote sedans in zijn klasse met een sportlabel. De S8 had dezelfde aluminium V8 als de S6 Plus, zij het met 340 pk. Dankzij de eveneens aluminium constructie van de S8, scheelde het qua gewicht niet eens zo gek veel. Als kers op de taart kon de S8 zonder meerprijs besteld worden met, jawel, een handgeschakelde zesbak! De zesbak maakte de S8 niet alleen aanzienlijk zeldzamer, ook een stukje sneller. Maar een Lotus Omega eruit rijden? Nee, dat lukte niet.

Alpina B10 V8 (E39) '97
De BMW 5 Serie van de E39 generatie was dusdanig goed, dat men een M5 overbodig achtte. Nu stond de 540i met zijn 286 pk zijn mannetje op de Autobahn. Gelukkig was Alpina daarom goed van de situatie gebruik te kunnen maken. De Alpina B10 V8 kwam in januari van 1997 op de markt. Later kwamen er nog zescilinder B10 bij (de 3.2). Qua karakter was de B10 wat geciviliseerder en verfijnder dan een M6. En ook iets langzamer.

Mercedes-Benz E60 AMG (W210) '97
Van de W210 generatie kon je aanvankelijk kiezen uit een E50 AMG (347 pk) en later een E55 AMG (354 pk). Beide zijn enorm snel, alhoewel niet Lotus Omega snel. Wel waren ze een stuk comfortabeler. Een groot voordeel ten opzichte van de E500 was de vijftraps automaat. Het topmodel stond bijna nergens in de prijslijsten, maar moest speciaal besteld worden bij AMG. De E60 AMG was een zeer zeldzame en schreeuwend dure net-even-beter en snelle versie van een van huis uit snelle sedan.

BMW M5 (E39) '98
Uiteindelijk komen we uit bij de BMW M5. Bijzonder zeldzaam is deze generatie absoluut niet te noemen. Niet alleen de oververtegenwoordiging op het internet, maar ook in absolute aantallen. Belangrijker was dat de Duitsers met de M5 (E39) eindelijk konden afrekenen met de vermaledijde Opel met enorme haast. De M5 zou aanvankelijk 300 kW krijgen, maar dit werd teuggeschroefd naar 294 kW, want 400 pk bekt wat lekkerder dan 408 pk.

Superbonus: Brabus E V12 7.3 (W210) '96
Tegenwoordig zijn supersedans vrij normaal. Daarmee bedoelen we sedans die supercars het lastig kunnen maken in een rechte lijn. Vroeger was dat minder het geval. Met een 450 - 550 pk sterke Ferrari of Lamborghini was je heer en meester op de snelweg. Tenzij je een Brabus E V12 tegenkwam. Qua looks was het net een luxe taxi, maar in technisch opzicht was het een supercar. Onder de kap lag geen viercilinder diesel zonder turbo, maar een atmosferische 7.3 liter grote V12. Deze leverde 582 pk en 772 Nm. De topsnelheid was begrensd. Op 330 km/h, dat dan weer wel.





