Kijk eens aan: 14 roffelende vijfcilinders
Audi

Stiekem hebben we allemaal een zwak voor dat herkenbare geluid!
De vijfcilinder. Wie houdt er niet van? Inderdaad. Ondanks dat de motor een grote schare fans heeft, wordt dit motortype maar weinig toegepast. Er zijn een paar merken onlosmakelijk verbonden met deze motor, waaronder twee stationwagons, de Audi RS2 en Volvo 850 T-5R. Sowieso zijn Volvo en Audi twee echte voorvechters van de vijfcilinder. Audi was in de jaren 80 de vijfcilinder koning en Volvo nam het keurig over begin jaren 90. Een recenter voorbeeld is de Focus RS. Die bodykit, het vermogen, de wegligging: alles is over de top. Maar die motor bepaalde voor een groot gedeelte het karakter van die auto. Aangezien auto's als de Audi 80 RS2 Avant, Volvo 850 T-5R en Focus RS al heel vaak zijn aangehaald en dat waarschijnlijk nog vaak gaat gebeuren, gaan we vandaag kijken naar 14 heerlijk roffelende vijfcilinders die iets(je) minder bekend zijn, maar zeker niet minder cool.
Ford Focus ST Mountune (DA3)
Een van de snelste Focussen aller tijden. Maar waarom niet de RS of nog beter, de RS500? Heel simpel, eigenlijk. Bij de Focus RS lag het er héél erg dik op dat 'ie snel is. Op zich gaaf, want het spreekt je innerlijke 8-jarige weer aan. Maar de Focus ST was subtiel dik. Met Mountune kit zag je er niets van, maar deze Focus heeft spierballen. Sterker nog, Mountune had iets te goed zijn best gedaan waardoor de ST met hun kit sneller was dan een standaard RS. Kijk, dat is dan weer gaaf.

Alfa Romeo 156 2.4 JTD (932)
De impact van de Alfa Romeo 156 is eigenlijk een eigen artikel waard. Werkelijk alles klopte namelijk aan deze auto. Eén van de bijzondere facetten van de auto was de topdiesel. Ditmaal niet een ouderwets ratelende 2.5 van VM Motori. Neen. De 2.4 JTD werd door Fiat zelf gebouwd en had het (eveneens door Fiat ontwikkeld) common-rail systeem aan boord. Dit zorgde er niet alleen voor dat de 156 JTD ongelooflijk krachtig was (dus snel), maar de diesel was ook zeer gemanierd. Het koppel kwam er geleidelijk in. De JTS was niet zo'n herriemachine als die andere populaire diesel van de jaren 90, de Volkswagen TDI. De 156 2.4 JTD was beeldschoon, zuinig en vinnig. Reed fantastisch.

Volkswagen Passat VR5 Syncro (B5)
Dit is een heel vreemde eend in de bijt. In tegenstelling tot zijn voorganger én opvolger was deze Passat niet gebaseerd op een Volkswagen (Golf), maar op een Audiplatform. De Passat VR5 Syncro had dus de motor in lengterichting liggen. Het vierwielaandrijvingssysteem was eigenlijk geen Syncro (of later 4-Motion), maar het befaamde quattro-systeem van Audi. Een permanente setup met torsen differentieel in plaats van part-time vierwielaandrijving met Haldex koppeling. De keuze voor een VR5 (een VR6 minus 1 cilinder) is dan wel weer vreemd, want er was immers voldoende ruimte in de Passat. Dit was destijds één van de beste auto's in zijn klasse en geldt nog altijd als een van de betere Volkswagens.

Donkervoort D8 GTO Bilster Berg Edition
Uiteraard moet Neerlands Trots ook vermeld worden. Op zich is de keuze voor een vijfcilinder in een lichtgewicht sportauto opmerkelijk. Aan de andere kant, een Donkervoort heeft een vrij lang en smal motorcompartiment. Daar past een vijfcilinder makkelijker in dan bijvoorbeeld een V6 of V8 die je anders nodig hebt om zoveel vermogen op te wekken. De D8 GT was erg snel op de Nordschleife, de D8 GTO waarschijnlijk op de Bilster Berg. Dit nieuwe en spectaculaire circuit (Wouter test de baan uit in een A45 AMG) is de naamgever voor een van de meest ruige Donkervoort GTO's. Dat is totdat ze weer met nóg iets heftigers aan komen zetten.

Mazda BT-50 XTR Dual Cab (UP)
Op de redactie kunnen we een leuke pick-up wel waarderen en de Mazda 6 kan ook altijd op goedkeuring rekenen. Combineer die twee met elkaar + een vijfcilinder diesel van 3.2 liter en je hebt de Mazda BT-50. De BT-50 bewijst dat een pick-up er niet automatisch uit hoeft te zijn als een huifkar uit de jaren '30 of een gekrompen vrachtwagen. Het is nog eens een rijdersauto ook. Je kan hem krijgen met handbak en inschakelbare achterwielaandrijving! De 5-pitter levert dik 200 pk, dus een voorzichtig driftje op sneeuw, modder of grind moet wel lukken.

Fiat Stilo GP Schumacher GP Edition (192)
Het is niet aardig om te zeggen, maar de Stilo was een draak van een auto. In tegenstelling tot de Bravo besloot Fiat het op veilig te spelen door met een soort Italiaanse Golf kloon te komen. Zo goed was de Stilo niet, zeker als je bedenkt dat de Golf IV het ook al aflegde tegen de Focus. Enfin, de Abarth uitvoering was eigenlijk een Stilo met Lancia Kappa motor. Niet echt spectaculair. Maar met de Schumacher Edition werd een hoop verbeterd. Zo kreeg de Stilo een lekker expressieve bodykit en 18" OZ Super Turismo velgen. De GP uitvoering van Prodrive deed daar nog een stapje bovenop. Als je goed op onderstaande foto kijkt kun je de Eibach veren, Bilstein dempers en Supersprint uitlaat aanschouwen.

Volvo C30 Polestar
Ok, dit is slechts een prototype. Maar het was een rijdend prototype: kijk hoe Wouter er rondjes mee rijdt in deze video. De C30 Polestar was een uiterst explosieve Hot Hatch met manieren. Met name in rechte lijn zijn er weinig snellere hatchbacks. Polestar wilde met rijklare prototypes laten zien tot waar het in staat is. Dat begon destijds met deze C30 Polestar, opgevolgd door de S60 Polestar. Deze open sollicatie heeft Polestar geen windeieren gelegd, want het is nu de huistuner van het Zweedse merk. Gelukkig werd de C30 ook met 'gewone' vijfcilinders die je zelf naar Polestar waarden kunt kietelen. Kijk hier waar je op moet letten.

Hummer H3T
Eén van de meest onzinnige merken aller tijden is toch wel Hummer. De H1 was gaaf, maar dan wel als HHMMV legeruitvoering. De luxe H1 uitvoering sloeg kant nog wal. De H2 was zo mogelijk nog onzinniger. Dat ding was vooral lomp en zwaar. Niet eens zo gek ruim of terreinwaardig. De H3 was al een stuk beter. Met deze Hummer kon je daadwerkelijk ergens komen. De H3 was een heel stuk kleiner, zonder echt in te boeten aan binnenruimte. De H3T was een vijfzits dubbelcabine pick-up. Aangezien de auto niet zo belachelijk groot was, kon je met een vijfcilinder prima vooruit komen. De motor was 3.7 liter groot. Dat dan weer wel.

Land Rover Discovery TD5 G4 Edition
Kennen jullie de Camel Trophy nodig? Dat was een van de stoerste wedstrijden waar je met een auto aan kon meedoen. De Camel kleuren kwamen goed uit, want de auto's waren steevast super smerig. De opvolger van deze serie was de G4 Challenge. De nadruk kwam iets meer op een sportieve lifestyle te liggen dan écht afzien, maar je moest met de auto's daadwerkelijk door de modder. De coolste naar de bescheiden mening van uw scribent is de Discovery. Voordat het De Zwaarste Auto Ter Wereld werd, was de Discovery de ideale Land Rover. De Discovery heeft bijna de manieren van een Freelander, bijna het comfort van een Range Rover en bijna de terreinwaardigheid van een Defender. Prima compromis. De vijfcilinder diesel is niet waanzinnig sterk, maar blijft maar doortokkelen. Precies wat je wil in een terreinauto.

Audi S6 Avant 2.2T (C4)
Natuurlijk was het logischer om de RS2 te benoemen. Maar die kennen we ondertussen ook wel. Omdat wij er allemaal over dromen zijn de prijzen navenant. Je hebt niet alleen een Audi die gebouwd is bij Porsche, maar ook zo veel kost als een leuke Porsche. In 1996 had je bij Audi nog een keuze tussen wat voor motor je in je topmodel wilde hebben. Je kon de S6 namelijk krijgen met de bekende 4.2 liter V8, goed voor 290 pk. Daarnaast was er ook een heuse vijfcilinder die nog zijn roots nog uit de jaren 90 (ur-quattro!) had. Met 230 pk en 350 Nm niet sneller dan een M5, alhoewel je de vijfpitter enorm goed kon kietelen. Zie het meer als een 850 R met meer grip.

Honda Vigor (CC2)
De Honda Vigor komt nog uit een tijd dat alle Japanse fabrikanten dezelfde persfotograaf hadden (dit is een grapje van @Dizono). De Vigor was een model welke tussen de Accord en de Legend was geplaatst. Technisch gezien was het eigenlijk een Accord. Maar omdat Honda een Premium product premium techniek wilde meegeven (zoals met de Integra uit dezelfde periode) kreeg de Vigor zijn eigen motor. Dat was een heuse vijfcilinder lijnmotor van 2.0 of 2.5 liter groot.

Mercedes-Benz C30 CDI AMG Combi(S203)
Alpina was met de D10 BiTurbo één van de eerste met een heuse powerdiesel. Een diesel die de begrenzer (250 km/u) in liep was toen nog ongehoord. De C30 CDI AMG kon je bij elke Mercedes dealer bestellen. Het topvermogen van 231 pk was redelijk indrukwekkend, maar het koppel van 540 Nm sloeg alles. Deze diesel sleurde er enorm aan. Een ideale metgezel op de Autobahn. Comfortabel, strak, veel koppel, een hoge topsnelheid en een redelijk verbruik. Ome @MauritsH vertelt je graag wat de C30 allemaal kon in dit artikel.

Audi TT RS Roadster (8S)
Bij de afgelopen Autoblog Motor van het Jaar verkiezing vonden sommige dat het VAG gehalte nogal hoog was. Kan zijn, maar eigenlijk hoorde deze er óók nog bij. Naast het feit dat VAG vele merken in zijn portfolio heeft, maakt het motoren die de concurrentie niet of nauwelijks meer maakt. Denk aan de atmosferische V10, atmosferische 6-cilinder Boxer, de V8 diesel en dus deze geblazen vijfpitter. Zoals @CasperH jullie meedeelt heeft de nieuwe TT-RS speciaal voor deze generatie een zwaar verbeterde versie van deze motor. Minder gewicht, meer vermogen, meer koppel en vooral: meer geluid!

Volvo C70 T5
De 850 was voor Volvo een revelatie. Dit model bracht een nieuw publiek in de showrooms. De 700 en 900 serie waren erg belegen evenals hun klandizie (lees, deze klanten hadden een levensverwachting waarvan het aantal jaren zich niet in dubbele getallen liet uitdrukken). De 850 was gericht op een doelgroep met een hartslag van boven de 60 bpm. Ondanks de vele verschillende motoren hebben alle Volvo's een vijfcilinder gehad. Allemaal hadden ze die roffel die je direct kon herkennen bij een aflevering van 'Blik op de Weg'. De 850 werd gefacelift en omgedoopt tot de S70 en V70. De ultieme uitvoering van dit vijfcilinder toppunt is de C70 Cabriolet. Een uiterst relaxte cruiser. De wegligging is niet veel soeps, maar beroer het gaspedaal en je hoort die vijfpitter roffelen. Veel beter wordt het niet.





