Deze 13 sportieve coupé's kregen wij niet in NL

Praat mee!

sportieve coupé

sportieve coupé

Zonde, want wij Nederlandsers (Europeanen) kunnen de sportievere en betaalbare coupé niet waarderen.

Dat de nieuwe Toyota GT86 en Subaru BR-Z onderweg zijn, mag geen verrassing meer heten. De compacte coupé’s staan al sinds 2012 in de showrooms. Wereldwijd is het een betaalbare sportieve coupé waar de liefhebbers erg mee in hun nopjes zijn. In Engeland, de VS, Australië, Japan, Zuid-Amerika: ze rijden overal rond. Maar dus te weinig in Europa.

Leuke sportieve coupé's

Daardoor is er besloten om de auto niet meer naar Europa te exporteren. In 8 jaar tijd zijn er simpelweg te weinig van verkocht en de Europese emissie-eisen zijn bijzonder streng. Dus voor Toyota is het de moeite niet waard. Grote kans dat na de importtaksen en CO2-boetes de GT86 net zo duur wordt als een Supra 2.0, die alsnog iets hoger in de pikorde staat. Maar de Toyota GT86 is niet de eerste betaalbare gave sportieve coupé die niet naar Nederland kwam. We nemen er 13 met je door.

Sportieve coupé exit

Voordat we massaal in de pen klimmen om te zeggen dat betaalbaar helemaal niet betaalbaar is, een kleine kanttekening. Het gaat om ‘relatief’ betaalbaar. Betaalbaar in het grote spectrum van nieuwe auto’s. Daarna zijn het nooit ‘goedkope’ auto’s geweest. Met betaalbaar wordt bedoeld: voor de prijs van een modale middenklasser had je ook een zo’n sportieve coupé. Als we de mogelijkheid hadden, althans. Niet dat het uitmaakt, want wij kopen ze helaas toch niet. Gelukkig kunnen we er nog wel over schrijven!

Toyota Corolla Levin BZ-R (AE111)

1997

sportieve coupé

Veel sportieve coupé’s in dit lijstje hebben voorwielaandrijving. Jazeker, ook daar kun je een leuk sturende auto van maken. De Corolla Levin BZ-R is het harde bewijs dat je dan met een bijna exotische op de proppen kunt komen. De Corolla Levin BZ-R is een rare auto. De basis is een E110-generatie Corolla. Het is een lichtgewicht coupé. De BZ-R uitvoering heeft een Black Top motor, dus een hoogtoerige viercilinder twintigklepper. Verder kreeg je een sperdifferentieel, handgeschakelde zesbak, straffere wielophanging en optioneel gave Recaro sportkuipen.

Mitsubishi FTO GP Version R

1997

Mitsubishi

Op zich hadden wij in Nederland niet te klagen als het gaat om sportieve coupé’s van Mitsubishi. De Eclipse was namelijk een gaaf apparaat. Echter, wij kregen de verstandige 2.0i uitvoeringen. De FTO was een beetje een vreemd model, deze was qua formaat een slagje kleiner, maar qua prijs nauwelijks voordeliger. Het was een premium auto met strak onderstel, apart koetswerk en veelal een verfijnde V6 in het vooronder. De GP Version R had een V6 met MIVEC (een soort VTEC van Mitsubishi), flink aangezette bodykit en blauw Recaro-interieur. De V6 was niet alleen krachtig, maar bracht ook een raai geluid voort. Twee nadelen: het dashboard was plastiekerig en je kon ‘m niet in nederland krijgen.

Nissan Silvia Spec R Aero (S15)

1999

sportieve coupé

Aan deze auto moesten we denken bij het nieuws dat de Toyota GT86 niet in Nederland geleverd gaat worden. De voorganger van deze auto werd in Nederland als 200SX (S14) verkocht. De auto was een tikkeltje prijzig, met 200 pk niet bovengemiddeld sterk, niet super-fraai of premium. De auto verkocht dan ook heel erg slecht. De opvolger kwam niet naar Europa en dat was eeuwig zonde. Het topmodel, de Nissan Silvia Spec R Aero had een 250 pk sterke motor, achterwielaandrijving, sper en agressieve Aero-kit. De 17” velgen waren destijds enorm. De auto was de basis voor de betere tuningsprojecten. De motor kon redelijk goed opgefokt worden, maar het was vooral de fabeltastische balans in het onderstel waardoor deze auto nog steeds een graag geziene deelnemer is op driftevenementen.

Ford Racing Puma (EC)

2000

sportieve coupé

Speciaal voor onze hoofdredacteur @michaelras doen wij deze sportieve coupé van Ford erin. Aan het eind van elke zomervakantie gaat het dan gebeuren: alle hardware van deze Racing Puma moet gebouwd worden in een Ford Ka. Dat kunnen we dan een heel jaar aanhoren en tijdens zijn vakantie komt het er telkens net niet van. De Ford Racing Puma was het topmodel van de Puma-reeks. Het kekke coupeetje was in Nederland niet bijzonder populair, maar in het Verenigd Koninkrijk wel. De Racing Puma kreeg een bodykit, grotere wielen opgepepte motor en eventueel zelfs een sper. De auto was vrij prijzig en niet zo heel veel sneller dan de fantastische gewone Puma 1.7. Desondanks een gaaf ding om te zien.

Alfa Romeo GTV Cup V6 (916C)

2001

Alfa

Ok, deze is een klein beetje gesjoemeld. De GTV hebben we wel degelijk gehad. Maar niet deze bijzondere uitvoering. De GTV Cup was een sportievere versie, op de motor na. Ondanks dat er een 2.0 Twin Spark was, wilde je per se de 3.0 V6, want Busso. De Cup-versie had een fraaier interieur en wat aanpassingen aan het exterieur, waaronder bodykit en de enorme spoiler. Oh ja, en die 17” Teledial-velgen waren geweldig. De Cup-versie heeft net even wat meer sjeu dan de gewone versie, die iets minder fraai oud wordt. Alhoewel dat laatste heel subjectief is.

Acura RSX Type-S (DC5)

2001

Acura

We hadden ook kunnen zeggen: de tweede generatie Honda Integra Type-R. Dat is een ultieme sportieve coupé die wij niet kregen. Toch gaan we dat even niet doen. De eerste generatie was in Europa wel leverbaar en geen succes. De Integra was vrij duur en niemand begreep dat ze een raszuivere homologatiespecial voor de openbare weg konden rijden. Zonde. De Acura RSX Type S was aanzienlijk luxer en minder hardcore, maar desalniettemin een leuk pakket. De 2.0 motor was goed voor precies 200 pk. De RSX had een luxe interieur én een hoogwaardig onderstel. Kortom, een geweldige auto. Wij krijgen de intens slecht Civic 1.7 Coupé.

BMW 330Ci ZHP

2001

sportieve coupé

Tussen de 330Ci en M3 kregen wij in Europa de 330Ci Clubsport. Niet echt een succes, dat was een E46 met lelijke spoiler. De 330i ZHP die de Amerikanen kregen was veel leuker. ‘ZHP’ was de bestelcode voor het pakket, dat een paar interessante hardware upgrades behelsde. Denk aan kortere veren, straffere dempers, dikkere anti-rollbars, nieuwe koppelstangen en diverse verstevigen. Ook waren de banden breder en gemaakt van een zachtere compound. De motor werd iets opgevoerd. Het maximale toerental werd verhoogd, waardoor je nu ongeveer 241 pk tot je beschikking had. Dat was niet het enige dat de acceleratie verbeterde, ook de korte eindoverbrenging deed zijn werk.

Saturn Ion Red Line Competition

2004

Saturn

Jazeker, General Motors doet ook aan heel erg leuke auto’s en sportieve coupé's. Ook aan originele wagens. Alleen zien we die niet zoveel. De Saturn Ion is een soort Hyundai Veloster voorloper. Een beetje gekke coupé-achtige auto in een showroom vol auto’s die het van hun gunstige prijsstelling moeten hebben. Waar Hyundai het N-label goed heeft weten te ‘vermarkten’, lukte het Saturn niet met het ‘Red Line’-label. De Ion was er met een 2.2 en 2.4 viercilinder, maar de snelste was de 2.0. Deze was voorzien van een supercharger, goed voor 200 pk. Maar, bij de dealer kon je kiezen voor een Stage 1 upgrade-kit, waarmee je voor een paar honderd dollar 240 pk tot je beschikking had. Altijd doen, dus.

Mazda RX-8 R3 (SE)

2008

Mazda

Wederom zo’n momentje van: wel geprobeerd, niet gelukt. De Mazda RX-8 was in Nederland een uiterst bescheiden succesje. De auto werd geroemd om zijn wegligging, maar het motorconcept bracht te veel nadelen met zich mee. Daarbij was de markt gewoonweg te klein. Daarom is de facelift-versie van de Mazda RX-8 en het sportieve 'R3'- model helaas nooit geleverd in Nederland. Reuze zonde, want de RX-8 was zo’n auto die beter en beter werd naarmate de jaren vorderde.

Alfa Romeo Brera S (939D)

2008

sportieve coupé

De eerste Brera V6 was nogal een drol op wielen, oneerbiedig gezegd. De auto was groot, lomp, zwaar en om te rijden wat karakterloos. Van een Alfa Romeo Coupé verwacht je gewoon heel erg veel meer. In 2008 werd het al beter. De Brera werd ietsje lichter en de V6 kon je nu ook zonder vierwielaandrijving bestellen. Vervolgens werd de auto naar Prodrive gebracht, die er lichtere velgen, Bilstein dempers als Eibach veren op hadden gemonteerd. Het transformeerde de auto van een luie cruiser tot een heel capabele sportieve GT. Nog altijd geen volledige sportwagen zoals destijds werd beloofd, maar op een B-weggetje kon je tenminste uit de voeten.

Chevrolet Cobalt SS Coupé Turbocharged

2009

Chevrolet Cobalt

Over het algemeen is GM te laat bij een leuk, nieuw, hip marktsegment. De Chevrolet HHR kwam 7 jaar na de PT Cruiser. De Cobalt SS was het bewijs dat Amerikanen ook ‘ricers’ konden maken, net zoals de Dodge Neon SRT-4. Dus net als de Impreza WRX en Integra Type-R, kwamen Amerikaanse merken met hun versie van een Fast & Furious auto. Betaalbaar, snel en met veel spoilers. In eerste instantie was de Cobalt SS voorzien van een atmosferische motor met 175 pk. Later werd dat een 205 pk sterke supercharged viercilinder. Vervolgens lepelde Chevrolet een 2.0 Ecotec met 260 pk in het vooronder. Optioneel kon je dat bij de Chevrolet-dealer opkrikken naar 290 pk.

Volkswagen Scirocco R

2014

VW Scirocco

Maar deze kregen wij toch gewoon? Eh, nee. Helaas niet. De Volkswagen Scirocco R was in Nederland van 2009 tot 2013 leverbaar. Het facelift model van de Scirocco kwam in 2014. Deze hebben wij überhaupt nooit gekregen, dus ook de enigszins hete Scirocco GTS ging aan onze neus voorbij. De Scirocco R kreeg na de facelift een scherper gelijnde snuit en de motor kreeg meer vermogen: 280 pk! Dat werd via de voorwielen zonder mechanisch sperdifferentieel op de weg gebracht, eventueel middels een handbak. Bijna een old-school auto. Zelfs in landen waar de Scirocco R nog verkocht werd, had deze het zwaar. De Golf GTI was vele malen populairder.

Scion tC (AT20)

2014

sportieve coupé

De Scion TC is een beetje een vreemde auto. Het idee was briljant en simpel. Scion was het budgetmerk van Toyota. Ze waren niet alleen goedkoop, ze waren ook erg goed te tunen. Dat was het hele idee achter het merk. Je kocht een basis-auto bij de Scion-dealer en vervolgens ging je er zelf mee aan de slag. Er waren veel upgrades die je bij de garage kon krijgen en de Japans-Amerikaanse markt is altijd goed voor vele mogelijkheden qua modificaties. De eerste Scion tC (de ‘AT10’) was wellicht iets te basic, maar de tweede generatie (van 2010 geleverd) was echt een leuke auto, zeker als je de 2.5 viercilinder motor liet uitrusten met een mechanische compressor en dikke bodykit.

Honda Civic SI Coupe (FG4)

2015

sportieve coupé

De Honda Civic SI Coupé is een heel belangrijke auto die ongetwijfeld erg veel waard gaat worden. Over een jaartje of 50. Het is een beetje de laatste der mohikanen. Een relatief lichte doch praktische sportieve coupé die een hoge mate van betrouwbaarheid combineert met een gunstige prijsstelling. De atmosferische 2.4 VTEC-motor was een essentieel onderdeel van die beleving. Honda heeft het heel lang volgehouden in de VS, waar de wetgeving toen nog iets vergevingsgezinder was. Ja, met een turbo heb je een snellere auto en veel meer tuningspotentie, maar dan mis je de sensatie van een directe reactie op het gaspedaal en de mogelijkheid om meer dan 8.000 toeren te kunnen maken in een eenvoudige straatauto met drie jaar garantie.