Analyse: is Bentley compleet de weg kwijt?

De ruggengraat uit je lineup halen. Je moet het maar durven.
Voordat we van start gaan, een supersnelle (kuch) blik in de historie van Bentley. Bentley Motors Limited werd in 1919 opgericht door Walter Owen Bentley. In de zomer van dat jaar presenteerde Bentley zijn eerste 'auto', wat eigenlijk niets meer was dan een kaal chassis met een motor en transmissie. Het geheel functioneerde niet eens, overigens.

Bentley Boys
Bentley vergaarde in de daaropvolgende jaren naam door deel te nemen aan races met aangepaste straatauto's. Na de komst (en financiële injectie) van Captain Wolf Barnaato kon Bentley zijn weg vervolgen. De jaren '20 waren de hoogtijdagen van Bentley. Met 'The Bentley Boys' werdt het Britse merk wereldberoemd. Niet alleen doordat Sir Birkin, Glen Kifston, Dudley Benjafield en S.C.H. Davis stoere, bierdrinkende, boertjes-plus-scheetjes-latende heren van stand waren, maar ook vanwege de vele overwinningen die op Le Mans werden behaald. Bentleys waren niet alleen erg snel, ze waren ook enorm groot, zwaar en bijkans onverwoestbaar. De snelste vrachtwagens ter wereld, noemde concurrent Ettore Bugatti de donkergroene zwaargewichten. In feite werd hier de bakermat voor het Bentley imago gelegd dat we tot op de dag vandaag nog steeds kennen.

Overname Rolls-Royce
Deze periode duurde tot 1931. De financiële crisis hakte er flink in en Bentley kon niet meer zelfstandig het hoofd boven water houden. Bentley werd door Rolls-Royce de overgenomen en sindsdien waren Bentley's afgeleiden van bestaande Rolls-Royces. De ene keer geslaagder dan de andere. Dit ging voor (te) lange tijd door. Af en toe kwam er een model dat wat meer afweek (R-Type Continental), maar verreweg de meeste Bentley's waren ordinaire rebadges van een Rolls-Royce.

Nieuwe V8
In 1952 besluit Rolls-Royce om een nieuwe motor te gaan ontwikkelen. De huidige motorenlijn is indrukwekkend, maar ouderwets. Maar liefst 7 jaar zou de ontwikkeling in beslag nemen alvorens deze het levenslicht ziet. Het resultaat is de L-Series V8. Aanvankelijk was dit een 5.2 liter groot blok, maar de productie versie krijg meer dan een liter meer slagvolume. Het blok krijgt de motorcode L410. De motor word geleverd in diverse Rolls-Royces en de Bentley S2. In de tussentijd experimenteert Rolls-Royces met de motor, waaronder een L425 met een cilinderinhoud van 7.4 liter. Deze zou nooit het prototypestadium ontgroeien.

Evolutie
Wel komt Rolls-Royce met een update, de L410B in 1965. In basis hetzelfde blok, maar dan verder ontwikkelt. In 1970 evolueert de motor naar de L410-specificatie. Door de slag van de cilinders te verlengen, groeit de cilinderinhoud naar precies 6.750 cc. Deze motor wordt in tal van Rolls-Royces en Bentley's gebruikt. Ondanks het flinke slagvolume en de cilinder lay out, zou je denken dat het een Amerikaans aandoende motor is. Niets is minder waar. De L410 is uit juist zéér gecultiveerd, zijdezacht en koppelrijk. Het is een motor waarbij je zweeft op het koppel dat de motor onderling levert.

Mede dankzij de onstekingsvolgorde en afstelling voelt, klinkt en rijdt deze V8 absoluut niet als een Brute V8, maar heeft de motor eigenlijk de kwaliteiten die we toekennen van een V12. over het Bentley gehalte hoeven we het in deze periode niet te hebben. Alle Bentley's zijn Rolls-Royces met iets afwijkende aankleding. Rolls-Royce is voor de uiterlijke adel, Bentley voor de innerlijke. In een Rolls-Royce laat je je rijden, in een Bentley rijd je zelf. Mooie marketing nonsens, beide auto's zijn identiek en rijden bijna gelijk. De Bentley's zijn iets minder wollig en afstandelijk.
Mulsanne Turbo
Eindelijk, in 1982, krijgen Bentleys meer een eigen karakter. Niet qua uiterlijk en koetswerk: dat delen ze nog steeds met Rolls-Royces. Maar onder de Vickers Group (de toenmalige eigenaar) kan Bentley zich onderscheiden. Dankzij een flinke turbocompressor heeft de Bentley Mulsanne Turbo uit 1982 meer vermogen, meer koppel en het belangrijkst: meer karakter.

Groei in de jaren '90
In de jaren '90 zijn Bentley's nog steeds Rolls-Royces, maar verschilt het karakter aanzienlijk. Geen slechte move, want Bentley's beginnen meer en meer in trek te geraken. In 1985 verschijnt de belangrijkste Bentley sinds de jaren '20 op de markt, de Bentley Turbo R. Wederom is het een Rolls, de Silver Spirit om precies te zijn. Maar de Bentley wijkt nu wat meer af.

Uiteraard is dat de turbo, maar ook de wegligging is verbeterd dankzij een sportief afgestemd onderstel, grotere remmen en algehele betere wegligging. Die R staat overigens niet voor Racing, maar voor Roadholding. Bentley had (gedeeltelijk) zijn mojo weer terug. De Turbo R was de basis voor een hele serie Bentley's, waaronder de Contintal-reeks, de Azure en de Turbo RT.

Cosworth
De 6.76 V8 is ook in de jaren '90 een redelijke antieke unit geworden. Leuk dat Bentley het doet, maar eigenlijk niet van deze tijd. De opvolger van de Brooklands en Mulsanne komt in 1998 op de markt als de Bentley Arnage. Het zustermodel, de Rolls-Royce Silver Seraph, rijdt rond met een 326 pk V12 van BMW, de Bentley heeft de 4.4 V8 van BMW, in dit geval een door Cosworth getunede V8 met twee turbo's. Resultaat: 354 pk en 570 Nm. Ondanks dat deze motor feller reageert, docieler is, veel zuiniger en aanzienlijk lichter mist men de Bentley motor.

Met dank aan Volkswagen
Nieuwe eigenaar Volkswagen zet alles op alles om de oude 6.75 weer te laten voldoen aan de emissie-eisen. Dat lukt wonderbaarlijk en een jaar later (in 1999) staat de Arnage Red Label in de showrooms, met een 405 pk sterke 6.75 V8 met twee turbo's. De gewone Arnage wordt omgedoopt tot Green Label. Die Green Label is overigens een absolute zeldzaamheid, want iedereen kiest logischerwijs voor de Red Label. Logisch, want de 875 Newtonmeters aan trekkracht die de motor levert, zijn verslavend.

Bentley nieuwe stijl
In 2003 lanceert Bentley een compleet nieuwe auto, de Continental GT. Dit zou een absolute meesterzet blijken. De Continental GT staat op de bodemsectie van de Volkswagen Phaeton en heeft ook diens W12-motor, alleen in dit geval met twee turbo's. Kwalitatief staat de Continental GT op een veel hoger plan, alhoewel de auto prijstechnisch onder de Arnage en derivaten wordt geplaatst.

Daarmee heeft Bentley een stuk markt gevonden dat boven de S-Klasse ligt, maar onder de absolute top-Rolls-Royces. Briljant, want de Continental GT is de Golf van Luzern, Monaco, St. Tropez, Sochi en Aerdenhout. Het Bentley-gehalte is relatief laag en het VW-Audi gehalte is nogal hoog. Maar dankzij de Arnage heeft The Flying B nog steeds glans.

Arnage en derivaten
Volkswagen hanteert dezelfde strategie bij Bentley als bij Lamborghini. Een familie subtoppers waarmee het geld wordt verdiend. Dat is bij Lamborghini de Gallardo. De Murcielago dient als imagebooster en uithangbord voor het merk. Bij Bentley is het niet anders. De Continental GT zorgt voor zeel veel omzet, de Arnage (en variaties) houden de eer van het merk hoog. Over die derivaten gesproken, dat zijn niet alleen de Arnage modellen. Ook de Brooklands (coupé) en Azure maken gebruik van de 6.75 liter V8. De blokken leveren vermogens tot 530 pk en 1.000 Nm.

Mulsanne, deel II
In 2010 komt de Mulsanne op de markt als opvolger van de Arnage. De Mulsanne is een grote en statige limousine. Wederom heeft de Mulsanne de L-Series V8 aan boord, in dit geval goed voor 512 pk en 1.020 Nm. In vergelijking met de Arnage is er een verschil. De Mulsanne heeft een achttraps automaat, maar nog enkel achterwielaandrijving, terwijl de Continental-reeks alleen met vierwielaandrijving leverbaar is. De motor is flink aangepast en bijvoorbeeld voorzien van displacement on demand, een fraaie manier om te zeggen dat er maar vier cilinder gebruikt worden.

1.100 Nm.
In 2014 weten de heren technici toch nog wat vermogen en trekkracht uit de L-Series te peuteren: 532 pk en 1.100 Nm. Deze motor wordt geleverd in de Mulsanne Speed. In 2016 word de Mulsanne voorzien van een lichte modelupdate. Er zouden aanvankelijk ook een Cabriolet en Coupé verschijnen, maar op een concept na hebben we daar nog nooit wat van mogen zien. Wel zijn er een paar coachbuilders aan de slag gegaan om zelf de ultieme Gran Tourer te bouwen. Na deze recapitulatie kunnen we dus melden dat Bentley tussen neus en lippen door heeft laten weten dat er een nieuwe Special Edition aan komt. De Bentley Mulsanne 6.75 Edition. Daarna gaat de Mulsanne uit productie en neemt de Flying Spur het stokje over.

Flying Spur
Eh, wat? Wacht eens even. Dat is net zoiets zeggen tussen neus en lippen door dat Lindsey Buckingham uit Fleetwood Mac is gezet. Of even snel melden dat de Big Mac eruit gegaan en vervangen wordt door de Quarter Pounder. Nu is de Flying Spur een beeldschone auto. Ze hebben het W12 blok verder naar achteren geplaatst, waardoor er minder frontoverhang is en een betere stuurwiel-naar-voorwiel ratio.

Zoals @Jaapiyo zou zeggen: met voldoende ruimte tussen voordeur en wielkast. Maar hoe goed de Flying Spur ook is, het is in technisch opzicht een Porsche Panamera Sedan met luxe vloermatten en een dubbele VW-motor. Gewoon een vierdeurs Continental GT. Ook betekent het dat de Rolls-Royce Phantom VIII als enige de über-prestigueze limousine markt zal bedienen.

Pièce de résistànce
Maar er is nog iets veel ergers aan de hand. Als de Mulsanne uit productie is, heeft Bentley geen 'HALO' model meer. Dat is reuze zonde, want naast de Continental series (waartoe de Flying Spur in technisch opzicht gewoon toe behoort) heeft Bentley de Bentayga in de aanbieding, een auto die meer dan een paar gelijkenissen vertoont met de Audi Q7. De reden dat zo'n Bentayga en Continental GT zo populair zijn, is vanwege die Bentley badge. Dankzij de Mulsanne, heeft de Bentley Badge ook daadwerkelijk inhoud. We kopen graag een 318i M-Sport, omdat deze ons een vleugje M3 verschaft. Porsches zijn zo cool omdat we weten dat ze de GT3 RS'en maken. Zo zag toenmalig VW-honcho Bernd Pieschetsrieder de Volkswagen Phaeton: dankzij die limousine kon VW al hun andere merken iets hoger in de markt zetten.

Geen raszuivere Bentley's
Na 2020 zal er geen man overboord zijn voor Bentley. Grote kans dat de Bentayga, Continental GT en Flying Spur onverminderd populair zullen blijven. Terecht, het zijn ook steengoede auto's. Maar daar schuilt ook een beetje het probleem. Ze zijn te geraffineerd. Bij een Bentley gaat het niet om de laatste gadgets, quirks en features. Nee, het ging om lappen leer, hoge tapijten, zwaar bewerkt hout en veel metaal. Dat mocht gepaard gaan met de nodige fouten.

De hopeloosheid der dingen verliest het vanwege de technisch intrinsieke overtuiging van hoe auto's gebouwd moeten worden. En alleen daarom al moeten we de Bentley Mulsanne gaan missen. De eerste unieke Bentley sinds de jaren '20 zal de nieuwe jaren '20 nauwelijks meemaken. De nieuwe Bentley modellen in de range zijn leden van een coverband die wellicht beter spelen dan het origineel, maar niet het zelfde gevoel geven.





